JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Kleine beroepenspiegel (4)

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Kleine beroepenspiegel (4)

Het werk van een kraamverzorgster

7 minuten leestijd

In cle loop der jaren heeft de kraamverzorgster zich in de Nederlandse samenleving een grote plaats verworven. Dit is niet altijd zo geweest, want men begon in 1900 pas aandacht te schenken aan dit werk. Daarvoor werd cle zorg voor moeder en baby meestal overgelaten aan buurvrouwen en familieleden. In de Bijbel lezen we dit ook o.a. in het boek Ruth. Toen zorgden de buurvrouwen zelfs voor de naam van het kind!

Van baker tot kraamverzorgster.

De kraamzorg begon met bakeropleidingen. Hiernaast werden er ook „wilde" cursussen gegeven. Artsen leidden in korte tijd vrouwen en meisjes uit eigen omgeving op. Ieder naar eigen inzicht. Dit waren dus 2 verschillende opleidingen.

In 1925 werd door de toenmalige minister van arbeid de „Commissie inzake kraamhulp" ingesteld. Deze stimuleerde de oprichting van kraamcentra en er werden strengere eisen aan de kraamverzorgstersopleidingen gesteld. Dit was een stap in de goede richting.] Alles ging echter moeizaam (o.a. door gebrek aan geld). In 1943 werd een herzieningsrapport uitgegeven waarin wijzigingen werden bekend gemaakt. De opleiding werd in zoverre gewijzigd, dat de 2 groepen die men tot dusver naast elkaar kende, verdwenen en in één groep te voorschijn kwamen. Ook werden er door het gehele land kraamcentra opgericht, meestal georganiseerd door een kruisvereniging. Zo'n kraamcentrum kan van het Groene-(algemeen), Oranje-Groen (prot. chr.) of Wit-Gele Kruis (r.k.) uitgaan.

Elk dorp kan natuurlijk geen eigen kraamcentrum oprichten. Daarom sluiten verschillende gemeenten zich aaneen, en wordt er één kraamcentrum voor een bepaald rayon opgericht. Het bestuur stelt dan een leidster-docente en een adjunct leidsterdocente aan. In overleg tussen bestuur en leidsters worden de kraamverzorgsters aangenomen.

De leerling-kraamverzorgster gaat eerst voor een theoretische opleiding van 3 maanden naar een internaat. Als vooropleiding is 2 jaar voortgezet onderwijs voldoende. Er zijn in ons land van de diverse kruisverenigingen verschillende internaten o.a. te De Bilt en Baarn. Tijdens deze opleiding krijgt men les in: gezondheidszorg, kinderhygiëne, verloskunde, kraamzorg, kinderverzorging, anatomie, voedingsleer, koken, wassen en handenarbeid. Na 3 maanden wordt een tentamen afgenomen. Als bewijs van slagen krijgt men een insigne. Deze is ovaalvormig met een baby erop afgebeeld.

Dan begint de praktische opleiding. Deze duurt 1 jaar. In dit jaar moet de leerlingkraamverzorgster zoveel mogelijk ervaring opdoen in de praktijk,

's Avonds worden er tevens nog lessen gegeven aan het kraamcentrum. Gedeeltelijk ter herhaling, maar ook steeds weer nieuwe stof. De theorie gaat nu veel meer „spreken" omdat het nu allemaal „meegemaakt" wordt.

De kraamverzorgster maakt van ieder gezin waar ze werkt een verslag. Hierin moet verteld worden hoe de toestand van het gezin en speciaal van moeder en kind is. Deze verslagen worden dan tevens beoordeeld voor het examen Het examen wordt meestal afgenomen in het internaat. Het is

dan ook erg leuk als je elkaar na een jaar weer terugziet. Als je dan slaagt voor dit examen wordt de „babyspeld" verwisseld voor een hoekige speld met een ooievaar erop. Achterop staat een nummer. Onder dit nummer wordt de kraamverzorgster ingeschreven in het Register van cle Geneeskundige Hoofdinspecteur van de Volksgezondheid. Na beëindiging van het beroep moet de speld teruggegeven worden.

Uit de prakt ij k.

Ring..., ring... Het is half twee 's nachts, de telefoon gaat. Els de kraamverzorgster draait zich nog eens om in bed, maar dan dringt het tot haar door dat de telefoon rinkelt. Vlug is ze haar becl uit en pakt de telefoon. Ja hoor! De leidster-docente aan de lijn. En zoals ze verwachtte, meldt zich een bevalling. Het is niet zover bij haar vandaan. Het adres wordt opgegeven. De taxi is al onderweg. Ze gaat zich snel aankleden en als ze bijna klaar is, staat de taxi al voor de deur., Deze brengt haar op het opgegeven adres. Het huis is al t.e herkennen aan de lichten die er branden. Er staat een auto met een esculaap voor de deur, dus de dokter is er al. Als ze uitstapt gaat de buitendeur al open. Er wordt kennelijk op haar gewacht. Binnengekomen stelt ze zich voor aan de heer des huizes. Mevrouw ligt op bed, en volgens de dokter zal het niet lang meer duren, voordat de baby er is.

Els maakt een tafeltje klaar met benodigdheden voor de dokter, en in de wieg worden een paar warme kruiken gelegd. Intussen babbelt ze wat met de aanstaande moeder. Voor mevrouw is het allemaal niet zo vreemd, want het is al het derde kindje wat zij gaat krijgen.

Na een half uur is het dan zover dat de baby mag komen. Els assisteert de dokter en „helpt" zoveel ze kan de moeder. Bij iedere bevalling is er weer opnieuw de spanning. Zal alles goed gaan? Is het een gezonde baby?

Alles gaat voorspoedig en weldra laat een nieuwe wereldburger zich horen. Het is steeds weer een heerlijk gehoor, dat eerste huilen van een pasgeboren baby.

Els laat cle baby aan de moeder zien en neemt het dan mee naar de babykamer, om het aan te kleden., Dan gaat het in het warme wiegje.

Nu eerst een kopje koffie, daar hebben ze allemaal wel zin in.

Als moeder gewassen is, mag de baby even naar haar toe, en intussen ruimt Els alles op. Na de baby verzorgd te hebben is ze klaar. Het is alweer half vijf geworden!

Ze gaat toch nog maar even naar huis om te slapen, dan kan ze er de nieuwe das? weer tegen, al is de eerste dag in een gezin meestal erg druk.

Als ze de volgende dag in het gezin komt, is iedereen al wakker. De twee kinderen, Peter van vijf en Ria van drie jaar staan bij de wieg cle nieuwe baby te bewonderen.

Ze vinden het allemaal erg vreemd. Mamma op bed, een babytje in de wieg, een vreemde tante in huis die nu het eten klaar gaat maken.

Ja, ze wil hen zelfs helper; bij het eten! Peter vindt het nog wel goed, maar Ria vindt het maar niets. Gelukkig is pappa er ook, en helpt die haar.

Intussen is Els alweer naar boven om de kraamvrouw te verzorgen.

Als de baby in bad gaat, roept ze de andere kinderen. Die mogen kijken. Nou dat vinden ze geweldig! Ria gaat nu de zuster ook met andere ogen bekijken. Als ze daarna de baby vast mag houden is het ijs helemaal gebroken.!

Waarom doet de zuster haar ogen dicht?

Zo komt de kraamverzorgster in allerlei gezinnen en omstandigheden. Soms is het

een gezin waar de eerste baby geboren wordt, soms de zesde of meer.

De ene keer heeft ze ƒ 75, — en de volgende keer ƒ 150, — huishoudgeld. Er zijn gezinnen waar ze zich meteen thuis voelt, en gezinnen waar het wat stroever verloopt.

Het kan zijn dat de mensen tot een kerk behoren, maar vaak zal ze in onkerkelijke gezinnen komen. Dan is het weieens extra moeilijk. Om ondanks dat er zelf toch voor uit te komen dat je christen bent. Het begint met „kleine" dingen. Het bidden voor en na het eten. Je moet wel eens wat overwinnen om even stilte te vragen.

Vaak gaan de kinderen naar aanleiding daarvan vragen stellen. „Waarom doet de zuster haar ogen dicht? " enz. Zo krijg je de gelegenheid om iets van het Evangelie tü vertellen aan de kinderen. Als er tijd voor is, kun je eens een boekje meenemen van thuis om voor te lezen. Soms kun je er ook met de ouders over praten.

Er is meestal blijdschap en men staat er eerder voor open dan wanneer alles z'n gewone gang gaat., Het blijft echter moeilijk. Je mag dan ook wel steeds de Heere kracht en wijsheid vragen. Als dat ons werkelijk nood is zal Hij ons zeker helpen.

Zoals bij ieder werk zijn er veel mooie dingen, maar ook moeilijke.

De zuigelingensterfte is sterk gedaald in 60 jaar, maar toch gebeurt het nog wel eens dat een baby overlijdt, tijdens of kort na de geboorte. Dan is het extra moeilijk.

Toch kun je dankbaar zijn als je voelt deze mensen een beetje te mogen helpen. Daarnaast zijn er de zondagen waarop je regelmatig moet werken en de feestdagen.

Als je dacht zomaar eens heerlijk vrij te zijn na een druk gezin moet je soms meteen weer beginnen. Dan kan het weieens zwaar zijn, temeer omdat je lange dagen maakt. Dit is echter per kraamcentrum verschillend. Meestal werkt men 's avonds tot zes maar ook wel tot zeven uur.

Dit beroep vraagt dan ook veel opoffering. Gelukkig krijg je er ook weer veel liefde en dankbaarheid voor terug.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 juli 1970

Daniel | 16 Pagina's

Kleine beroepenspiegel (4)

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 juli 1970

Daniel | 16 Pagina's