Genezing!
En door Zijn striemen is ons genezing geworden. Jesaja 53 : 5d
De mensen bedriegen zichzelf en maken zichzelf wijs, dat God jegens hen nog verplichtingen heeft, of wel zijn zij in die mate onbezonnen, dat zij niet kunnen denken ooit rekenschap ie moeten afleggen. Maar al zij dit zo, de profeet toont aan, dat zonder de striemen van onze Heere Jezus Christus in ons slechts de dood is en dat wij in Hem onze genezing moeten zoeken.
Wanneer wij dus de vrucht, welke ons de dood en het lijden van onze Heere Jezus Christus aanbrengt, recht willen voelc-n, moeten wij erop letten dat, naargelang zonden ingeworteld zijn in onze natuur, er even zovele plagen en dodelijke ziekten aanwezig zijn, ook ai treden zij nog niet in het licht. Maar ik bid u, wanneer een ettergezwel in het lichaam van een mens zit, bij de maag of in de ingewanden, zal dat niet veel erger zijn clan wanneer men het zag en er het lancet in kon steken? Als een mens meent gezond te zijn, omdat hij zijn ziekte niet ziet, moet hij wel buiten zinnen en rede zijn. Cnze ziekten moeten wel te dodelijker zijn, wanneer zij verborgen zijn. En behalve de misdaden, die wij meedragen — waarvan de wortels in ons verborgen zijn — zijn er de zonden die wij dagelijks bedrijven, die genoegzaam bewijzen, dat cnze natuur verdorven en vervloekt is en dat wij helemaal verkeerd zijn.
Naardien het dan zo is, dat in ons slechts alle besmetting en melaatsheid is en wij vergaan in onze ongerechtigheden, wat zullen wij hier doen? Welk geneesmiddel aanvaarden? Zullen wij de engelen van het Paradijs gaan opzoeken? Helaas kunnen zij hier niets.
Maar wij moeten komen tot onze Heere Jezus Christus, aangezien Hij heeft misvormd willen worden van de hoofdschedel af tot de voetzool toe, helemaal vol striemen is geweest, is gegeseld slag op slag, de doornenkroon heeft gedragen, gespijkerd en vastgehecht is aan het kruis, de zijde doorstoken heeft gehad.
Ziet, hoe wij worden genezen, ziet daar, wat ons ware medicijn is, waaraan wij genoeg moeten hebben, wetend dat wij anders van binnen nooit rust kunnen hebben, maar zullen moeten gekweld en met helse smarten tot den einde toe vervuld worden, tenzij Jezus Christus ons troost en de toorn Gods jegens ons stilt.
Wanneer wij daarvan zeker zijn, dan geeft Hij ons gelegenheid om Zijn lof te zingen, terwijl wij tevoren niet konden dan zuchten en helemaal verslagen zijn. Ziedaar in hoofdzaak, wat wij van des profeten woord hebben te onthouden.
Johannes Calvijn (1509 - 1564) Uit: „Het gepredikte Woord, Deel II, blz. 53/54.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 maart 1970
Daniel | 16 Pagina's