Wat bedreigt ons christelijk leven?
Het is een publieke zaak dat er vandaag in breder kring een bepaalde mentaliteit, eenbepaalde geestesinstelling groeit, die tot waakzaamheid noopt en telkens weer gesignaleerd en bestreden moet worden. Denk alleen maar aan de verontrusting in de verschillende kerken, aan de moeilijkheden aan d.e universiteiten, en de voortgaande vervlakking op allerlei gebied. Een en ander is aanleiding om een typering te geven van een mentaliteit, die het christelijk leven vandaag beïnvloedt.
Veralgemening.
„Een eerste trek van deze mentaliteit is de veralgemening. Dat betekent dat het specifiek christelijke gaat verdwijnen, de scheidslijn wordt uitgewist, de genade en de verlossing algemeen gaan worden, de grenzen tussen kerk en wereld niet meer worden gezien."
In een circulaire van de Vereniging van Verontrusten in de Geref. Kerken lezen we o.a.:
„De leer der algemene verzoening wordt meer en meer onze kerken ingedragen •, Daardoor breekt een algemene godsdienstigheid zich baan. De prediking beweegt zich niet zelden naar de grens van de vrijzinnigheid. De noodzaak van wedergeboorte en bekering blijkt een verouderd begrip te zijn geworden. Wanneer men in de prediking alle facetten mist, welke op die noodzaak wijzen, voelt men zich ten opzichte van die prediking diep ongelukkig. Het is funest de mens niet de volle waarheid te prediken. De antithese wordt vervlakt. Men vergeet dat het heil niet alleen door Christus is verworven, maar dat we er ook (en dan persoonlijk) door de Heilige Geest deel aan moeten krijgen. De echte blijheid om het heil van Christus wordt gemist. Het is een natuurlijke zaak geworden. Zo krijgt men een Christendom en een Bijbel zonder Heilige Geest. De diepe verdorvenheid van de mens wordt in veel gevallen niet meer geleerd. Maar als deze kennis vervaagt, zal ook de vreugde om onze verlossing vervlakken. En wordt het werk van de Heilige Geest geloochend of miskend, dan straks ook het verzoenend werk van Jezus Christus".
We kunnen uiteraard de juistheid van de hier genoemde zaken niet ten volle beoordelen voor zover het de Geref. Kerken raakt. Veeleer geloven we dat hier een mentaliteit wordt gesignaleerd, die typerend wordt voor het huidige christelijke klimaat.
Het is nog altijd zo geweest dat er onderscheid is tussen hen, die de Heere vrezen en die Hem niet vrezen.. De vreze des Heeren is geen antiek en geen modern, maar een echt schriftuurlijk begrip. Raken we de vreze des Heeren kwijt — en die vreze des Heeren doortrekt het hele leven van de christen — dan kunnen we als kerken nog wel veel tam tam maken, maar dan zijn we het wezenlijke, het eigenlijke kwijt. De kerken zullen dan geen stand kunnen houden.
Verabsolutering.
Een tweede trek is: verabsolutering n.1. van eigen mening. Dat laatste moet er wel bij. Immers keerzijde van de veralgemening is juist de relativering, het betrekkelijk maken van allerlei tot dusver vaststaande waarden. (......)
Eigen mening wordt verabsoluteerd. Dat is overigens volkomen logisch. Immers het Woord van God heeft niet meer het volstrekte gezag, dat het vroeger had. Het eigen Ik komt in het middelpunt te staan en dus ook eigen mening en opvatting. Het kinderlijke vragen: Wat wilt U dat ik doen zal? gaat verdwijnen of maakt plaats voor: Ik zie het zo of: ik gevoel het zo. Of: vroeger was dat alles wei zo, maar vandaag hebben we wat anders nodig en gelden andere normen. Toegegeven dat een bepaalde traditie niet voor alle tijden geldt, het breken met een traditie mag nooit betekenen eigen mening of gewoonte er voor in de plaats stellen. Dan zou het middel erger zijn dan de kwaal., In de regel gaat deze verabsolutering gepaard met grote zelfgenoegzaamheid. Men vindt zich vandaag veel flinker dan vroeger. Men is open, ruim, progressief, er is een nieuw elan; de kerk is op weg en de kerk vindt vandaag gehoor bij de wereld. Nu is dat laatste een zeer dubieus teken. O natuurlijk: het is een goede zaak dat men zich niet in het
isolement opsluit en bij voorbaat onvruchtbaar is of de wereld afschrijft.
Maar wanneer de hoogste lof voor de kerk wordt, dat zij gehoor vindt bij de wereld, moet zij verbazend op haar tellen gaan passen. Het Evangelie is niet naar de mens. Zou het Evangelie vandaag dan wel zijn naar de moderne mens, die zich veel minder afhankelijk toont dan vroeger?
We zullen alles moeten doen om ons verstaanbaar te maken in deze tijd, maar toch nooit ten koste van de scherpe spits die het Evangelie richt op ieder mens. Met minder dan bekering kan niemand toe.
Het verabsoluteren van eigen mening is tegen deze achtergrond een kwalijke zaak. In dit verband denken we aan het feit dat men de belijdenis van het ongeloof in het publiek een eerlijke zaak noemt, een moedige daad, voortkomend uit een zelfstandig denken. Maar eerlijkheid op zichzelf is nog geen verdienste. Er is een eerlijkheid, die aanstootgevend, beschamend, ja vernederend. is.
Veronachtzaming.
Nog een trek: veronachtzaming. Veronachtzaming n.1.; van de idee en de werkelijkheid van de zonde en de bekering.
Daartegenover komt de kiemtoon te liggen op de idee en de werkelijkheid van actie, goede werken etc. De teneur van sommige preken, die in Nederland worden gehouden, schijnt te zijn: Geen geklets, maar aan de slag; geen gezeur over bekering en zonde, maar aan het werk; geen zieltjeswinncrij, maar helpen en solidair zijn. Niemand zal me er van willen verdenken dat ik tegen goede acties ben, maar het christelijke leven gaat niet in acties op. Duidelijk moet altijd weer gesteld waar een echt christelijke actie uit op moet komen én dat het zich inspannen voor een goede actie geen plus betekent bij God, zoals sommigen schijnen te menen. Daarom zijn de zo juist genoemde tegenstellingen ook beslist onjuist.
Gods Wet wordt al te gemakkelijk veronachtzaamd. Er worden op het gebied van de ethiek (hoe we ons moeten gedragen in het dagelijks leven) vandaag te veel dingen goed gepraat op een wijze, die geen blijk geeft van respect voor Gods Wet. Als men zich verzet tegen een bepaalde gewoonte — goed; maar dan altijd zo dat er eerbied is voor Gods Wet en dat men zich serieus afvraagt: wat zou de Heere hiervan zeggen? Maar juist het gebrek aan eerbied, ontzag, heilige schroom is vandaag een opvallend verschijnsel, dat met deze trek samenhangt. Buiten de kerk wordt het heilige en verhevene omlaag gehaald in allerlei grapjes en moppen. Maar ook in de kerk zullen we moeten waken tegen een al te familiaire, gewone, schertsende toon, als het over heilige dingen gaat.
Neen — we moeten niet terug naar de tweedeling tussen natuur en genade. We pleiten werkelijk niet voor een apart gezicht en aparte stem, als het gaat over heilige of geestelijke dingen. Het Evangelie is in het gewone leven ingegaan en de Heiland sprak ook in de gewone taal van zijn tijd. Maar er moet toch ook iets van ontzag zijn voor het geheim van het geloof, het wonder van de genade, de grootheid van God, de verrassing van het Evangelie der zaligheid."
Het is een lang citaat geworden uit een artikel wat maanden geleden geschreven is door ds. J. H. Velema in „De Wekker". Het is m.i. nog aktueel en geeft een goede beschrijving van verschillende dingen die ons christelijk leven bedreigen.
„Waakt en bidt, opdat ge niet in verzoeking komt."
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 januari 1970
Daniel | 15 Pagina's