JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Het woord gaat voort

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het woord gaat voort

Sommigen spotten ....

8 minuten leestijd

Nu zijn wij toegekomen aan de verschillende reakties op de prediking van Paulus op de Areopagus in Athene. De beschrijving daarvan vind je in de laatste verzen van Handelingen 17.

Het rechtvaardige oordeel.

Paulus spreekt in het slot van zijn toespraak over het oordeel. De Iieere heeft een dag gesteld Ja, meisjes en jongens, dat vergeten wij zo vaak. Of wij verdringen het naar de achtergrond van onze gedachten. Wij wéten het wel. Wij weten wel dat er een dag zal komen die zal beginnen als elke andere. De zon gaai; op mensen worden wakker. In welke omstandigheden de wereld dan zal verkeren weten wij niet zeker. Maar de Bijbel geeft ons sterke aanwijzingen dat het een tijd zal zijn waarin de mensheid opgelucht zal ademhalen en zeggen: vrede, vrede en geen gevaar! Een tijd van welvaart en betrekkelijke rust dus, een tijd als deze

„Daarom, zijt ook gij bereid; want in welke ure gij het niet meent, zal de Zoon des mensen komen " Zijn jij en ik zo bereid? Elke komende dag kan de jóngste dag zijn! En dan, als heel deze wereld weer gaat gonzen van de geluiden van de nieuwe dag, als de fabrieken weer gaan draaien, de machines op gang komen hier wil een begrafenisstoet van een sterfhuis vertrekken, om een geliefde dode de laatste eer te bewijzen; daar staat een gelukkig bruidspaar gereed naar het stadhuis te gaan in de grote wereldsteden buigen de politici zich over de problemen daar wordt nog een receptie gehouden ter ere van een jubilaris, er wordt gegeten en gedronken op een klein kamertje buigt een jongen of meisje de knieën om de Heere Zijn zegen af te smeken voor de nieuwe dag, om te bidden om Zijn spoedige komst

En dan ineens is daar het einde. Dan zet op het alleronverwachtst Gods vinger de wijzers van de wereldklok stil. Dan zal het zijn als met een geweldig" groot orkest, dat een machtige symfonie speelt, een orkaan van geluid — en plots beveelt de dirigent: stop. Even een verwarrende kakofonie van geluiden, een schrille klank van een viool... en het is stil. Dan zal de zon verduisterd worden, en de maan zal haar schijnsel niet geven. De sterren des hemels zullen daaruit vallen, en de krachten, die in de hemelen zijn, zullen bewogen worden. En alsdan zullen zij de Zoon des mensen zien Er zullen er zijn, die zojuist Zijn Naam nog op hun lippen nemen, en een knetterende vloek uiten, omdat er iets niet helemaal naar hun wens gaat. De vloek zal op hun lippen besterven, want zij zullen de Zoon des mensen zien. Er zullen er zijn, die juist zeggen: „Geloof? Laat toch naar je kijken, man. Goed voor oude vrouwen en zondagschoolkinderen. Ik laat er m'n borrel niet voor staan, hoor!" En alsdan zullen zij de Zoon des mensen zien. Er zullen er ook zijn, grijsaards, mannen en vrouwen in de kracht van hun leven, meisjes en jongens, kinderen die zullen denken, diep in hun hart: hoe lang nog? Ach Heere, slecht heb ik het hier niet, want U bent goed voor mij, maar U weet, dat ik zo uitzie naar die dag, dat ik nooit meer zal zondigen, nooit meer mezelf bedoelen, nooit meer Uw lieve Geest smarten

En alsdan zullen zij de Zoon des mensen zien, komende in de wolken, met grote kracht en heerlijkheid. En alsdan zal Hij Zijn engelen uitzenden, en zal Zijn uitverkorenen bijeenvergaderen uit de vier winden, van het uiterste der aarde, tot het uiterste des hemels. En dan zal Hij zeggen: Het is genoeg. Kom maar hier, mijn lieve kinderen, Ik zal alle tranen van jullie ogen afwissen.

Zullen het er veel zijn, die zullen volstromen van vreugde, als zij de stem van de archangel zullen horen? Ik weet het niet. De Zoon des mensen, als Hij komt, zal Hij nog geloof vinden op de aarde? Maar voor jou en mij komt het erop aan, bereid te zijn. Dat betekent niet, dat we heel de dag naar boven moeten lopen kijken en ons werk hier laten liggen, hoor. O nee. Spurgeon vertelt ergens een mooi verhaal, dat mij diep trof, toen ik het las. Tegen het eind van de achttiende eeuw trad er in de Amerikaanse staat Connecticut zeer onverwacht een soort zonsverduistering op. Er was juist op die dag een zitting van het Parlement van. die staat. Er ontstond in de zaal een enorm tumult. Sidderend van

angst liepen sommige leden heen en weer, niets anders vermoedende, of de jongste dag was aangebroken. Sommigen stelden voor, de zitting te schorsen. Maar toen stond er een Puriteins raadsheer op. die verklaarde dat, als dit de jongste dag was, hij dan wenste door zijn Heere gevonden te worden temidden van zijn dagelijks werk. De kaarsen moesten blijven branden, en de beraadslagingen voortgezet. Kijk, dat is nu bereid zijn.

Paulus zegt tegen de Atheners: dat oordeel, dat over de ganse aardbodem zal gaan, zal rechtvaardig zijn. Doet ons dat sidderen? Dat doet ons sidderen als wij in dat oordeel willen komen met onze eigen gerechtigheid. De gerechtigheid van onze opgepoetste godsdienst, van ons brave kerkgaan, vsn ons vrome op zondag dit en dat niet doen; ja, dan mogen wij wel sidderen, want wij zijn zulke ellendige vrome huichelaars. Maar er is een betere gerechtigheid. Dat is de gerechtigheid van 's Heeren eigen Zoon, Die door Zijn smartelijk lijden en heerlijke opstanding een gerechtigheid heeft aangebracht, waar de grootste en vuilste zondaar en de vroomste huichelaar onder schuilen kunnen. Maar dan moeten al onze gerechtigheden eraan. Ik verzorg wel niet de dichtersrubriek in Daniël (ik kan zelf nauwelijks rijmen!), maar wil je toch dit gedicht van De Merode niet onthouden. Het is me uit het hart gegrepen, omdat het onze schamelheid schildert, maar ook de weg ter ontkoming aanwijst.

Hun harten voelden zij als boeken in Gods geduchte hand gelegd en wisten dat Hij al hun slecht gedrag gerecht zou onderzoeken.

Zij lazen bang en hunk'rend mee, en zagen wat Zijn vingers wezen. Was er niets goeds?

Hun schaamte en vrezen groeiden tot een verschroeiend: Wee!

God had de boeken dicht gedaan en zou het grote vonnis spreken. Toen dorst hun stem de stilte breken: O Heere Jezus, neem ons aan!

En 't bonzend hart, dat ze in zich vonden,

was vlekkeloos en zonder zonden.

De reacties.

Het woord opstanding is gevallen in Paulus' preek. En nu is het genoeg. De Griekse, mysteriegodsdiensten kennen ook wel eenj soort opstandingsgeloof. Maar dat is heel iets anders dan Paulus bedoelt, als hij spreekt over Christus' opstanding. Als de Atheners door krijgen dat Paulus beweert dat er wel eens een gestorvene weer levend is geworden, is de maat vol. Wc lezen van drieërlei reactie. Daar staat drie keer het woord „sommigen".

Sommigen spotten. Zij hanteren het machtigste wapen tegen de kracht van het getuigenis van het evangelie. Als je ergens mee spot, plaats je jezelf altijd een treedje hoger dan datgene, waarmee ja spot. Je hebt het dóór. Je staat erboven.

Het wapen van de spot wordt heel vaak gehanteerd in de strijd tegen het evangelie. En: meestal in een groep. Bij een persoonlijk gesprek niet zo vaak. Dan wordt de spot immers veel spoediger herkend voor wat zij is: een ontwijkingstaktiek! Maar in een groepsverband heeft de spotter meestal het publiek op zijn hand. Zo ook op de Areopagus. Iemand maakt een „geestige" opmerking over het weer levend worden van een dode, en anderen schieten in de lach. Paulus krijgt nu in de ogen van het publiek iets komisch, iets lachwekkends, en daarmee het evangelie óók.

Dan is er weinig meer te beginnen. Beter felle vijandschap dan spot! Je merkt het in je contacten met ongelovigen. Ach, als ze met óns spotten, dat is nog niet zo erg. Wij zijn ook. vaak lachwekkend, en het is goed daar oog voor te houden. Niet zo gauw nijdig worden! Een mens die geen zelfspot meer kent is beklagenswaardig. Maar spot met het Evangelie is véél erger. Dan is het maar het beste te doen als Paulus. Als er met het Evangelie wordt gespot, als de mensen het niet meer waard vinden er serieus op in te gaan, vertrekt hij. Hij if vrij van hun bloed.

Sommigen zeggen: wij zullen u wederom hiervan horen. Met andere woorden: nu geen tijd, een andere keer misschien. Het Felix-type! Je ontmoet ze nog. Ook in de kerk, hoor te beleefd om je midden in je gezicht te zeggen: het interesseert me geen snars. Maar inmiddels liggen de zaken toch wel zo.

Sommigen geloofden! Hij handelt nooit met ons naar onze zonden. Uit dit miserabele publiek, waar het voor Paulus een „afgang" wordt, waar hij wordt weggelachen en uitgehoond, haalt de Heere toch nog vijanden, die Hij maakt tot Zijn vrienden. Onbegrijpelijk.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 31 oktober 1969

Daniel | 16 Pagina's

Het woord gaat voort

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 31 oktober 1969

Daniel | 16 Pagina's