De zwaluwen
(1)
De zwaluwen, vanaf de prille morgen, door-u-enken 't zwerk met vlugge vleugelslag. Zij zagen uit naar 't oosten, u-aar de dag weer komen zou met nieuwe eendrc zorgen.
Zij MJtSten zicli de korte nacht geborgen, waar nooii een ondier hen gedoken zag: d: vijand 20:1 met list en wrede lach dv zoete prooi in duisternis niet worgen.
Nu zien zij d' aarde zinken in een dal, als zij de wiekjes uitslaan in dr luchtsn, die 'f ranke schepsel schragen overal.
En onbevreesd voor pletterznde val verkiezen zij de hemel voor hun vluchten, tot d' avondschemer hen weer bergen zal.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 september 1969
Daniel | 1 Pagina's