JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Het Woord gaat voort

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het Woord gaat voort

DE VUURPROEF

7 minuten leestijd

Nu zijn wij toegekomen aan een van de boeiendste en meest opzienbarende gedeelten van het boek Handelingen: e rede van Paulus op de Areopagus in Athene. We willen aan dit onderwerp twee artikeltjes wijden, maar je zou er rustig een hele jaargang van „Daniël" vol over kunnen schrijven. Over weinig gedeelten van de Heilige Schrift zijn de pennen van de geleerden en de denkers zó in beweging geraakt als over deze verzen. We zullen er daarom slechts de belangrijkste hoofdzaken kort van toelichten. Je vindt de geschiedenis van Paulus in Athene in Handelingen 17 : 15-34. Het is goed, deze verzen eerst heel aandachtig en rustig te lezen.

Zéér afgodisch!

De voorgeschiedenis is deze: in Berea was het woord der prediking goed ontvangen. Dat zagen we vorige maal. Maar al spoedig moest Paulus ook uit die stad vluchten. Uit Thessalonica kwamen dezelfde Joden, die daar destijds de marklboeven tegen Paulus en Si las hadden opgehitst, en nu brachten ze ook Berea in rep en roer. Op een of andere wijze weten zij te bewerkstelligen, dat ook hier de publieke opinie zich tegen Paulus keert. De apostel vertrekt dan met spoed naar Athene, vergezeld van een aantal broeders uit Berea. Silas en Timotheüs zijn achtergebleven, ergens in Berea of daar in de buurt. Als de vrienden uit Berea in Athene van Paulus afscheid nemen om weer naar huis te gaan, verzoekt Paulus hen, aan Silas en Timotheüs te vragen of zij zo spoedig mogelijk ook naar Athene willen komen. Dat beloven de broeders, en dan keren ze terug naar huis. En Paulus blijft in z'n eentje achter in Athene.

Athene het was in de dagen van Paulus een stad, die vermaard was in de gehele beschaafde wereld. Niet Rome, maar Athene was het centrum van beschaving, wetenschap en kunst. Verder was er in Athene weinig te doen. Op handelsgebied presteerde de stad vrijwel niets meer. Een van de heidense dichters noemt hel dan ook een „dode stad". Maar in de straten regen de afgodentempels met prachtige beelden en zuilen zich aaneen.

In de eerste dagen van zijn verblijf in Athene gaat Paulus de stad in. Hij wandelt de straten door, kijkt links en rechts, voor, achter zich, en ziet tempels, tempels, tempels. Het lijkt wel alsof er in Athene nog meer „goden" wonen dan gewone stervelingen! En langzaam maar zeker bekruipt Paulus een gevoel van onbehagen. Wat is dit dan toch? Welke machten der duisternis houden deze stad in hun greep?

Zijn geest wordt in hem ontstoken, staat er, als hij ziet dat de stad zo zeer afgodisch is. Wat wil dat zeggen? Dat hij zich ergert over deze afgoderij? Dat ook. Maar ergernis alleen heeft niet zoveel waarde. Er zijn heel wat mensen, die zich ergeren, als ze wandelen door de Athenes van de twintigste eeuw. Die zich ontzettend ergeren bij het zien van de reclames bij de bioscopen in onze wereldsteden. Die wereld, die wereld! En zij waarschuwen hun kinderen, zich verre te houden van de „wereld". En dat is goed ook, natuurlijk. Maar het erge is, dat wij er niets verkeerds in zien, elkaar eerst ernstig te waarschuwen voor de wereld, en vervolgens naar huis te gaan, een luie stoel en een goeie sigaar te pakken en ons te verdiepen in een stichtelijk werk. En dan zijn we die wereld totaal vergeten! En dat we die filmreclames vergeten, dat is best, maar we vergeten ook al die m e n s e n, die zich avoncl aan avond vergapen aan de schunnigste films, clie hun leven en hun lichaam verwoesten door het gebruik van narcotica, die hun vermaak en hun levensvulling zoeken in nachtclubs en dancings. Het is echt niet zo best, als we elkaar wel waarschuwen voor de wereld, maar verzuimen de wereld zelf te waarschuwen. Neen. als van Paulus geschreven staat, dat zijn geest in hem ontstoken werd, betekent dat niet alleen, dat hij zich ergert over het afgodische Athene. Er is ook deernis in zijn hart, bewogenheid met al die duizenden hier, die de Heere der Schriften niet kennen, die niet weten van Golgotha en van d-^ Paasmorgen. Stel je voor, dat Paulus naar huis was gegaan, zijn hoofd schuddend: die wereld, die wereld en verder niets?

Neen, hij gaat op de sabbat weer naar de joodse synagoge en spreekt daar met de Joden en met „degenen, die godsdienstig waren". Met de laatste uitdrukking worden weer de zgn. Jodengenoten bedoeld.

Maar Paulus beperkt zich ditmaal niet tot de Joden. Elke dag predikt hij ook op de markt! We moeten ons die markt niet voorstellen zoals wij dat gewend zijn, een paar rijen kraampjes met daartussen schuifelende mensen. Neen, Athenes hoofdmarkt, een groot plein midden in de stad, had een hoek, waar wijsgeren en sprekers van allerlei slag de krachten met elkaar konden meten. Een soort, „Speakers corner" als in het Londense Hyde Park wellicht. Deze kans grijpt Paulus aan, om het Woord van de Gekruisigde te verkondigen in deze stad.

Wat nie u w s

De sfeer in het beschaafde Athene is geheel anders dan bv. in Thessaloniea. Hier behoeft Paulus niet bang te zijn dat hij stenen naar zijn hoofd zal krijgen. Alles wordt hier met woorden uitgevochten. Dat wil niet zeggen dat de strijd er gemakkelijker op wordt.

Onmiddellijk zijn er al enkele filosofen, die op Paulus' woorden inhaken. Athene wemelt in die dagen van de wijsgeren. De zeer groten onder hen slagen er soms in, een kring van leerlingen om zich heen te verzamelen, die zij onderwijzen in hun ideeën. Zo'n kring van een wijsgeer met zijn leerlingen wordt een „school" genoemd. Athene telt verschillende van die scholen, b.v. de Academie van Plato, het Lyceum van Aristoteles, de scholen van Epicurus, de Stoa en de Cynici. De voorwaarde voor het verkrijgen van leerlingen en het, kunnen stichten van een nieuwe school, is natuurlijk wel in de eerste plaats, dat je gedachten origineel moeten zijn. Alleen hij, die er in slaagt, met iets volkomen nieuws aan te komen, maakt een kans om naam te maken. Daarom schrijft Lukas een beetje spottend in vers 21, dat die van Athene hun tijd voor niets anders besteden dan om wat n i e u w s te zeggen en te horen. Daarom raken sommige filosofen ook geinteresseerd, als zij beginnen te vermoeden, dat Paulus een „nieuwe" leer brengt. Voel je wel? Alleen het feit, dat Paulus' boodschap misschien n i e u w is. vermag hen te interesseren. De rest laat hen vrij koud. De lieden, waar Paulus op de markt mee in debat raakt, zijn vertegenwoordigers van twee verschillende scholen, die van Epicurus en die van de Stoa. Hei. is natuurlijk haast ondoenlijk, de enorme rijkdom van de gedachten wereld van die twee stromingen in een paar zinnetjes te willen samenvatten, maar dat moet helaas toch. De school van Epicurus (die leefde van 341 - 271 v. Chr. propageerde dat het de plicht van ieder mens is, te streven naar het genot. Waar dat genot uit bestond, daarover werd verschillend gedacht, maar ieder was het hiermee eens: hoe meer genot, des te groter geluk. De Stoa achtte alleen die mens gelukkig, die zich met volkomen gemoedsrust weet te schikken naar alle omstandigheden. Met deze twee stromingen komt Paulus dus op de Atheense markt in botsing. Sommigen lachen schamper om hem, noemen hem een „klapper", d.w.z. iemand die allerlei klokken heeft horen luiden, maar niet één klepel weet te hangen, en toch denkt dat hij heel wat in zijn mars heeft. Maar anderen nemen Paulus serieus, en ze vragen hem: „Ga eens met ons mee! Het is hier op de markt zo'n herrie! We willen nu wel eens in alle rust horen, wat u precies te vertellen hebt." En ze nemen Paulus in hun midden, en gaan op weg. Waarheen, dat is Paulus eerst nog een raaclsei. Wel beseft hij, dat hij nu voor een vuurproef staat.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 5 september 1969

Daniel | 32 Pagina's

Het Woord gaat voort

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 5 september 1969

Daniel | 32 Pagina's