Aandacht voor Schotland
EDINBURGH (1)
Op reis.
Veel mensen die per boot en trein van Nederland naar Schotland, reizen gaan via Londen. Vandaar rijdt er namelijk een expresse-trein „The flying Scotsman" (de vliegende Schot) naar Edinburgh. Deze brengt je in zes uur naar de Schotse hoofdstad, die wel „het Athene van het noorden" wordt genoemd. Deze lijndienst bestaat blijkbaar al lang, want in een „Saambinder" uit 1935 lazen we dat ds. G. H. Kersten, toen hij naar Schotland ging, ook met „The flying Scotsman" reisde.
Onderweg zie je heel wat van het Engelse en Schotse landschap. Engeland is vrij heuvelachtig, maar hoe verder je naar het noorden gaat hoe hoger de heuvels — in onze Nederlandse ogen bergen — worden. Vanaf New Castle — het enige station waar de trein onderweg stopt — gaat de reis langs de kust. Je ziet dan de rotsen loodrecht uit de zee opkomen. Dit is een prachtig gezicht. Er is weinig strand en de duinen ontbreken.
„Princes Street".
In Edinburgh op het Waverley Station aangekomen sta je, zodra je het station verlaat, in één van de meest beroemde straten van Europa: Princes Street. Dit is een lange winkelstraat met aan de ene kant grote winkels (o.a. C. & A.) en warenhuizen en aan de andere kant onder andere het station, een groot monument van Sir Walter Scott, een aantal standbeelden, een museum en het kasteel („The Castle") met ervoor de tuinen.
„The Castle".
Het kasteel, een burcht zou je het beter kunnen noemen, staat op een steile rots, die ongeveer tachtig meter hoog is, vanaf de straat gemeten. Het bestaat uit verschillende gebouwen en is omringd door een muur, waarin schietgaten zijn. Wanneer het kasteel precies gebouwd is weet men niet. Er wordt in de geschiedenis voor het eerst over gesproken in de zevende eeuw. Toen werd het vernieuwd. Schotland was toen nog niet een koninkrijk, maar bestond uit verschillende stammen met ieder hun eigen koning. Jarenlang is het een vesting geweest van de koningen van één van die stammen. Als je ziet hoe steil die rots is kun je begrijpen dat het niemand gelukt is dit kasteel van buitenaf te veroveren. Toen Schotland een koninkrijk was geworden werd het kasteel het verblijf van de koningen.
Nu is een gedeelte van het kasteel als museum ingericht. Je kunt er ondermeer de kroon en de scepter van de Schotse koningen zien. Verder oorlogsinstrumenten van vroeger en nu, evenals soldatenuniformen uit verschillende eeuwen. Een ander gedeelte van het kasteel wordt door het leger gebruikt.
Soms, wanneer er iets belangrijks in Edinburgh te doen is, is het kasteel verlicht. Dat is een prachtig gezicht.
Bij helder weer kun je het kasteel dan, omdat het zo hoog ligt, van ver zien.
Wat je vanaf het kasteel ziet.
Het is de moeite waard om eens rond het kasteel te wandelen. Je hebt dan het uitzicht over Edinburgh en omgeving. Je ziet duidelijk dat er een oud stadsgedeelte is — het oorspronkelijke Edinburgh — en dat er een aantal kleine plaatsen aan Edinburgh gegroeid zijn.
Eén van deze plaatsen is Portobello. Daar staat een grote elektriciteitscentrale. Een ander gedeelte is de vroegere havenstad Leith. Dit is nu de haven van Edinburgh. Hier vandaan zijn er veel vrachtlijndiensten naar Europa.
Verder zie je ook de twee bruggen over de zeearm „the Firth of Forth", die voor een snelle verbinding tussen Edinburgh en de provincie Fife zorgen. De oudste, de spoorbrug, dateert van 1890 en de nieuwe verkeersbrug kwam in 1964 klaar. Beide bruggen zijn ruim twee kilometer lang. Om even aan te geven, dat het in 1984 heel wat meer kostte om een brug te bouwen dan in 1890 de volgende getallen: kosten in 1890: ƒ 30.000.000, —, in 1964: ƒ 175.000.000, —. De Schotten zijn trots op de nieuwe brug. Eén van de eerste dingen die ze je vragen, wanneer je pas in Edinburgh bent is onder andere: „Heb je „the Firth of Forth Bridge" (brug) al gezien? "
„Holyrood Park".
Vanaf het kasteel kun je even buiten het centrum van Edinburgh een groot park zien. Het is het „Holyrood Park" met het „Holyrood Palace". Dit paleis is één van de koninklijke paleizen. Wanneer Koningin Elizabeth een bezoek aan de Schotse hoofdstad brengt verblijft ze hier. Het park is niet een park in onze zin van het woord, want het bestaat onder andere uit verschillende heuvels. Eén van de heuveltoppen, die boven de andere uitsteekt, wordt „Arthur's Seat" (zetel) genoemd. Waarom die zo genoemd wordt is niet precies bekend. Er worden verschillende verklaringen voor deze naam gegeven. Sommigen zeggen, dat deze naam te maken heeft met een oeroude koning Arthur. Anderen menen, dat Arthur de verbastering is van een oud Schots woord, dat hoog betekent. Rond en door de heuvels lopen er wegen en wanneer je die volgt dan zie je Edinburgh en omgeving weer van een wat andere kant. In dit park is ook een meer. Vanaf het kasteel kun je ook de nieuwre wijken van
Edinburgh zien. Een aantal hoge flatgebouwen beheersen het beeld van dit nieuwe stadsgedeelte.
Een volgende keer iets over de leefwijze in Edinburgh en wat ons daarin opvalt.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 juni 1969
Daniel | 16 Pagina's