Midzomer
Nu vieren wij het hoogtijd der getijden. Alom is 't licht en nauwlijks wordt het nacht. De akkers juichen onder voller dracht en bossen onbewust Gods Naam belijden.
De zomerspringxdoed wast aan alle zijden en heeft haar volle hoogte haast volbracht. In 't brandend westen talmt de zon en u-acht. zij kan van onze landen amper scheiden.
Eenmaal zal 't zonnelicht niet ondergaan, wanneer Gods Rijk zijn volheid heeft verkregen. Zijn vaste troon in eeuwigheid zal staan.
Dan striemt geen stormwind meer of slaande regen. Dan juicht het al van louter zomerzegen. Het Jubpliaar in Sion vanat dan aan.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 juni 1969
Daniel | 16 Pagina's