het huwelijk geen romantiek
In het boek Genesis merkten wij dat d.e bedoeling van het mens-zijn niet ligt in het alleen-zijn. Toen de Keere Adam geschapen had, zei Hij: „het is niet goed dat de mens alleen zij". De mens kan dan ook niet tot zijn recht komen door op zichzelf te leven, alsof er geen anderen zijn. Ja, de Heere heeft d.e schepping zo gemaakt dat man (en vrouw) vader en moeder zullen verlaten en tot één vlees zullen zijn. Man en vrouw schiep Hij hen om samen, in alles een eenheid vormend, door het leven te gaan. Om samen ook kinderen te krijgen, als de Heere het huwelijk met de rijke zegen van kinderen wil bekronen. De mens is op de ander aangewezen. Hij heeft de ander nodig. Een mens is de gemeenschap zoekende enkeling. Hij is een enkeling, een individu, iemand zoals geen ander is: uniek. Dat is de ene kant. Maar anderzijds zoekt hij ook de gemeenschap met anderen. Het mens-zijn komt pas tot zijn recht in het kontakt met d.e ander; in de ik-gij relatie. En deze is weer gebaseerd op d.e ik-Gij verhouding: de mens in zijn verhouding tot God, het één zijn met God, naar Zijn beeld en naar Zijn gelijkenis geschapen. Geschapen ook tot d.e totale overgave aan en het dienen van God. De mens was in alles gericht op de Ander. Dat was het ware geluk in het Paradijs: het leven in d.e overgave aan en in de gemeenschap met God en daardoor ook in innerlijke harmonie met de ander èn met zichzelf.
De zonde
Na het Paradijs is alles anders geworden. De zonde heeft in principe alles omgekeerd, aangetast, misvormd. De mens maakte alshetware een slag van honderdtachtig graden. Niet langer meer op God gericht, maar op zichzélf. De liefde om God te dienen veranderde in liefde om zichzelf te dienen, te strelen, te verheerlijken. Een radikale breuk met de Heere, maar daarmee ook tegelijkertijd met de ander en met zichzelf. We kunnen dat in ons eigen leven nagaan. Wie kent niet dat gevoel van leegte en. eenzaamheid? Een verbroken verhouding met de Heere, met de ander, met zichzelf! En ons karakter? Het wordt gekenmerkt door eigenliefde, hoogmoed, eerzucht, afgunst, haat, leedvermaak, zelfhandhaving, kwaadspreken enz. De zonde op alle terreinen van ons leven, óók in het huwelijk.
Een paradijsbloem
Na het leven in het Paradijs heeft de Heere ons nog twee paradijsbloemen doen behouden, hoewel geschonden bloemen: de rustdag en het huwelijk. Het huwelijk staat zelfs zó hoog dat de Heere de verhouding tot Zijn volk daarmee vergelijkt. Dr. Aalders zegt in zijn reeds eerder genoemde boekje: „Het huwelijk heeft iets kosmisch, omdat het met de voortgang der schepping te maken heeft. Het heeft iets hemels, omdat het met de openbaring van Gocl op aarde te maken heeft. Het heeft iets eschatologisch, omdat het een voorpost is van het komende Godsrijk". De Heere Zelf heeft aan het huwelijk een eigen zin en waarde gegeven, een eigen wezen en bestemming. Het is een werk van God midden in deze onstuimige, dynamische en zondige wereld. Over deze diepe gemeenschap tussen man en vrouw, waarmee ook de verhouding van Christus tot Zijn Gemeente vergeleken wordt, zegt Paulus in Efeze 5: „deze verborgenheid is groot". Het is zo iets teers en intiems dat woorden tekort schieten om dat te vertolken. Maar ook het huwelijk is aangetast door de zonde. Ook de liefde in het huwelijk is menselijke liefde en daarom misvormd en op zichzelf gericht. Is dit niet een al te krasse uitspraak? Dan moeten we ons eerst afvragen wat we onder liefde verstaan.
Wat is liefde?
Dit begrip is moeilijk te definiëren. Wat liefde is en doet vertelt 1 Kor. 13 ons. Maar is er iemand die meent hieraan te kunnen voldoen? Tot deze vorm en meest edele inhoud van dit woord voelen wij ons als
mensen niet in staat, al ontslaat ons dit niet van de opgave zo met onze naaste te leven. In ons mens-zijn varieert liefde van sexuele hartstocht tot de overgave aan God. We onderscheiden hierin dus hogere en lagere vormen van liefde, ja zelfs relaties, die de naam liefde eigenlijk niet verdienen. Willen we het woord toch zo ruim mogelijk nemen, dan kunnen we zeggen dat liefde is: het met de ander zijn, waaronder ook begrepen met de Ander zijn. Maar in dat met de ander zijn is een breuk gekomen. Liefde is altijd mislukte liefde. We kunnen als mensen niet buiten elkaar en toch is tegelijkertijd ieder mens ten diepste voor zijn medemens ook een bedreiging. Want in wezen zijn wij, mensen, van God en van elkaar vervreemde mensen. Dit is het trieste resultaat van de zonde. Door de zonde kan ik niet meer in liefde over mezelf beschikken en ben ik niet meer bereid mijzelf voor de ander beschikbaar te stellen. Menselijke liefde is daarom altijd zondige liefde. De mens kan alleen maar liefhebben, als deze liefde ook beantwoordt wordt (eigenliefde!). Dat dit een niet al te krasse uitspraak is, willen we met een voorbeeld duidelijk maken. Een jongen is echt van een bepaald meisje gaan houden. Maar dat meisje voelt geen liefde voor hèm. Er komt een eind aan deze omgang. De jongen is er een tijd kapot van en denkt nooit meer van iemand anders te kunnen houden. Toch blijkt dit niet waar te zijn. Zijn onbeantwoorde liefde ebt weg. En later blijkt hij in staat te zijn een ander lief te hebben, die zijn liefde wèl kan beantwoorden. Menselijke liefde is daarom ook altijd op zichzelf gerichte liefde. Alleen de Heere kan mensen liefhebben, die nooit naar Hem omgekeken hebben, die nooit naar Hem vragen, die alleen op zichzelf gericht zijn, ja d.ie God haten. Alleen bij God is de zuivere liefde.
Genade
Zelfs in het leven van een kind van God is die zuivere liefde niet te vinden. Zelfs in de liefde tot God is het zo dat zij Hem liefhebben, omdat Hij hen eerst liefgehad heeft. Van de kant van de mens, ook van de gelovige mens, is er altijd die breuk. Ook in zijn relatie tot de medemens. Ook in het huwelijk. Maar Gods genade kan wel meer rijkdom, inhoud en diepte aan het leven, ook aan het huwelijk, geven. Door de genade krijgen we ook meer oog voor de zegeningen in ons leven. Dan ervaart een jongen dat hij zijn meisje van de Heere heeft gekregen. Dan zien ouders hun kinderen als Zijn geschenk, waar ze alleen maar met stille verwondering naar kunnen kijken. In het licht van deze genade kan het leven met de andere beleefd worden als een godsgeschenk, een Elim-oase op de levensreis. Oók al zal het huwelijk niet altijd voorspoed geven, maar ook verdriet, tegenslag en zorgen kennen. Ook dan kan het leven met de ander worden ervaren als een zegen. In dit verband willen we even aanhalen, wat een gevangen genomen vrouw tijdens de tweede wereldoorlog in de nacht vóór haar executie aan haar dochtertje schreef: „Mijn lieve, kleine, grote Marianne, ik weet niet wanneer je deze brief zult lezen. Ik laat het aan oma over hem aan je te geven als je er groot genoeg voor zult zijn. Nu moet ik afscheid nemen omdat ik je nooit meer zien zal. Ik wens je toe, dat je evenveel diep geluk in je leven zult hebben als ik, zonder het erge te hoeven meemaken wat ik nu meemaak. Wees niet verkwistend met je gevoelens. Er zijn niet veel mannen, die zo goed en trouw in hun liefde zijn ais vader. Leer wachten vóór je je liefde wegschenkt. Maar de man, die je zó zal liefhebben, dat hij alle nood en moeite met je wil delen, ook in het gebed, en voor wie jij datzelfde wilt doen, die kun je je hart geven!"
Pas door het samen leven, samen strijden, samen bidden, pas door die eenheid in alle facetten van het leven krijgt de lichamelijke eenwording haar diepe zin, haar rijke betekenis en haar grote waarde.
„De Bijbel noemt het huwelijk tussen man en vrouw een verbonds verhouding. Het verbond is een totale levensgemeenschap, welke een onherroepelijk karakter draagt. In het huwelijk worden man en vrouw alshetware één lichaam, één vlees en bloed. Zomin als ledematen van het lichaam geamputeerd mogen worden, evenmin kunnen man en vrouw weer van elkaar vandaan gaan. Deze levensgemeenschap omsluit alle sectoren van het leven, in de loop van hun huwelijksgeschiedenis groeien de man en de vrouw in elkaar tot het éne vlees. Het meest „zichtbaar" wordt dit ene vlees in het kind. Wij kunnen ons huwelijk niet ongedaan maken, omdat wij nu eenmaal onze kinderen niet ongedaan kunnen maken. Het huwelijk is een liefdesgemeenschap. Man en vrouw behoren elkaar trouw bij te staan in alle dingen, welke tot het tijdelijke en tot het eeuwige leven behoren." (Dr J. Rinzema in „Man en vrouw schiep Hij hen", uitgeversmaatschappij De Graafschap te Aalten; prijs ongeveer f 7, —).
G. en S. T. van Malkenhorst Bleulandweg 298, Gouda.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 mei 1969
Daniel | 16 Pagina's