De kerk
De kerk In zijn boekje, „Het ambt der gelovigen", geeft ds. Veldkamp enkele behartenswaardige opmerkingen over de kerk, die we gaarne ter overweging en bespreking aan u doorgeven.
We bevelen U het lezen van het boekje aan; ook goed voor het maken van een inleiding over het moeilijke onderwerp: „Het ambt der gelovigen".
Wat is de kerk niet?
„Ze is geen hotel, waar we ons behoorlijk van logies en ontbijt voorzien tegen betaling van een jaarlijkse contributie; ook geen gasthuis; waar de een met meer, de ander met minder genoegen te gast gaat; ze is geen weide met grazende schapen, die zich volop tegoed doen, en geen rusthuis, zelfs geen gereformeerd rusthuis, vol keu-
Wat is de kerk niet?
„Ze is geen trein, die naar de hemel rijdt, en waarin de een zit te dutten, een tweede wat uit te kijken en een derde met een boekje in een hoekje. Heel die ongelukkige kerk-treingedachte, waarmee het vlug, veilig en voordelig gaat, of kerk-busgedachte, of hoe men het ook maar noemen wil, dat wil zeggen: enkele verantwoordelijke, aktieve, uitkijkende machinisten, chauffeurs en condukteurs, en de grote rest passagiers, die zich maar laten vervoeren, dient zo spoedig mogelijk met wortel en tak ie worden uitgeroeid.
Wat is de kerk?
Van de grootste tot de kleinste gelovige toe, heeft in en voor de kerk wat te doen, en ieder kerklid heeft een verantwoordelijke post. Ze zijn door de Heere in het ambt gezet en over de bediening daarvan hebben ze eens allen rekenschap en verantwoording af te leggen. Niemand kan of mag zeggen: ik heb er zin in of ik heb er geen zin in. Dat blijft helemaal buiten beschouwing, waar we zin in hebben. Het is eenvoudig een kwestie van ambtstrouw".
Wat is de kerk?
„De kerk is een militia Christi, strijdende kerk, slagorde des Heer en; een dauw van de Heere temidden van vele volkeren, als regenstromen op hel groene kruid, dat niet wacht op de mens, een strijdros waarop Christus Zijn triomfen behaalt in deze wereld".
Hoe zie ik de kerk?
„Zie ik de kerk als een instituut, dat mij wat geeft, of dat wat van mij vraagt en verwacht? In het eerste geval beschouw ik haar als een ziekenhuis, waar mijn kranke ziel geneesmiddelen ontvangt. De verlangens van de patiënten zijn daarbij dan weer zeer gevarieerd. De een verkiest veel zon, maar de ander verlangt schaduw. Deze begeert, dat de dominee-dokter zijn patiënten geregeld moed inspreekt, zeggende dat het allemaal best lijkt, terwijl gene liever de sombere toon beluistert, dat het wel spoedig af zal lopen. Weer anderen liggen 't liefst op de operatietafel, om de ziel tot de laatste vezels te laten ontleden, terwijl een vierde groep daar weer spookbang voor is.
Wat baat mij de kerk?
Deze ziekenhuisgedachte wordt soms afgewisseld met de winkelgedachte: men gunt z'n klandisie waar de beste artikelen te krijgen zijn en waar men bovendien voordelig terecht kan. Biedt de ene kerk of de ene prediker geen voldoende voedsel voor m'n ziel. dan ga ik eenvoudig naar een ander.
In al deze gevallen gaat men uit van de gedachte: wat baat mij de kerk, terwijl verzuimd wordt de vraag ook om te keren: wat heeft de kerk aan m. ij ?
Wat heeft de kerk aan mij?
Alleen deze laatste gedachte is vruchtbaar en het meest in overeenstemming met de Schrift, want Christus heeft Zijn Kerk niet in deze wereld geplaatst als een soort sanatorium, maar als een leger, dat tot taak heeft, de verloren provincie van het koninkrijk der hemelen, dat wingewest van de hel geworden is, weer te annexeren (in bezit te nemen) voor Hem. In dat leger behoort elke gelovige zijn plaats en taak te kennen en wie dat gezien heeft, verstaat zijn ambt als getuige".
Een zoutend zout.
Laten we allereerst onderzoeken of we door waarachtige wedergeboorte een levend lidmaat, uit genade, geworden zijn van Christus' Kerk en ons toetsen of we werkelijk temidden van onze medemensen levende getuigen zijn! Val Hem te voet!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 mei 1969
Daniel | 16 Pagina's