8 - 16
Zo jongelui, we beginnen nu weer eens met een puzzeltje. Je ziet wel, het is niet zo'n grote. Er zitten wel een paar moeilijke vragen tussen, maar jullie zullen er wel uitkomen met een beetje inspanning. Het is de bedoeling, dat jullie mij de oplossing weer toezenden. Ik heb het liefst, dat jullie de puzzel natekenen op een briefkaart en dan ingevuld versturen. Ik weet niet hoeveel puzzels er in deze serie zullen komen, want dat zal afhangen van het aantal inzendingen. Ik hoop, dat ik er veel zal krijgen. Iedereen mag natuurlijk meedoen. Weet je wat zo mooi is met de puzzels in „Daniël"? Je krijgt altijd een prijs. Laat er nu uit ieder gezin waar ons blad gelezen wordt en waar jongens en meisjes van deze leeftijdsgroep zijn nu eens een oplossing binnenkomen. Kan dat niet? Het hele gezin kan immers helpen. De oplossingen verwacht ik vóór vrijdag 6 december, want in de „Daniël" van die dag staat de oplossing. Latere inzendingen tellen dus niet meer mee. Als er soms één van jullie is, die ook eens een puzzeltje wil maken, dan zou ik dat. zeker fijn vinden. En dan nu aan de slag!
Horizontaal :
1. psalmdichter. 4. plaats links van Damaskus (Gen. 14). 7. lager onderwijs (afk.) 8. meisjesnaam. 9. gereed. 11. voorzetsel. 12. zuster van Maria + bitterheid. 14. zangnoot. 15. achter.^ 17. stad in Juda (joz. 16)< 20. oude maat. 21. bijwoórdje. 22. heden. 23. uitroep, korte groet, 25. profeet. 26. plaats in stam van Aser (Richt. 1)
Vertikaal :
1. hij werd niet geboren. 2. reeds. 3. vriend van Paulus (Korinthe). 4. vader van Haman. 5. landstreek of plaats in Egypte. 6. priester (Nehemia). 10. noot. 11. ingenieur (afk.). 13. slede. 16. als 13. 17. een vrouw van Aschur (Kron.). 18. als 2. 19. noot. 22. nummer. 24. klaar. Na dit spannende werkje even een mooi opstel lezen. Het werd me toegestuurd door de leider van de jeugdclub uit Den Haag. Hartelijk dank. Het gaat over
Ansgar
Het is nacht, overal zijn de mensen ter ruste gegaan. Ook in het klooster Korveij aan de Wezer, een rivier in Duitsland, liggen de monniken rustig te slapen. Allen? Neen niet allen. Kijk in een kleine cel aan het einde van één van de donkere gangen ligt een jeugdige monnik. Hij slaapt niet rustig, onrustig woelt en trapt hij in de eenvoudige legerstede. Op zijn gezicht ligt een vermoeide trek, opeens echter verandert deze in een blijde. Verlangend strekt hij zijn armen naar iets uit, dan komt er weer een teleurstellingop zijn gezicht. Het is duidelijk zichtbaar dat deze jongeman droomt. Wat droomt hij dan? En wie is die jongen?
Die jongen is Ansgar. In 801 werd hij geboren, al vroeg verloor hij zijn moeder. Zijn vader plaatste hem toen vroeg in een klooster. Vanzelfsprekend bezocht hij de kloosterschool. En leren kon Ansgar uitstekend. Ernstig was hij echter helemaal niet. Hij beschouwde het leven van de vrolijke kant, en aan dood en eeuwigheid
denken deed hij niet. Dat moesten oude mensen maar doen, hij wilde eerst volop van het leven genieten. Zo snelden enige jaren voorbij. Nu in deze nacht droomt hij. Hij was op reis gegaan, en zijn weg was glibberig en modderig. Dat was lastig, telkens gleed hij uit. Naast de weg die hij bewandelde, lag een weg die glad was en effen. Moeizaam zwoegde hij voort. Opeens bleef hij als versteend staan. Want op die mooie weg, kwam een groep in het wit geklede vrouwen aan.
Plotseling ging er een schok door hem heen, want tussen die vrouwen liep zijn moeder. Toen de vrouwen tot dicht bij hem genaderd waren, bleef de voorste vrouw staan met opgeheven vinger, en zei: „Wilt gij bij uw moeder komen, verlaat dan de weg der zonden en der ij delheid, zolang gij daarin blijft voortleven, zal dit u nooit gelukken." De stoet vrouwen liep verder, en verdween tenslotte in de verte.
Dat droomde Ansgar in deze nacht. Vanaf dit ogenblik is hij een ernstige jongen geweest. Later heeft hij gepreekt onder de wrede Noren en Denen. Eerst leek het goed te gaan, maar zijn arbeid werd verwoest door een opstand onder de Noren. Ontmoedigd keerde hij naar Frankrijk terug. Een paar jaar later vroeg koning Lodewijk de Vrome om een zendeling, die in Zweden zou gaan prediken. Hij vond echter niemand. Niemand? Ja toch, Ansgar. Deze vond echter geen hulp, dan die van zijn kloosterbroeder Autbertus. Samen trokken ze naar Zweden. Ook hier ging het in het begin goed, maar evenals in Noorwegen en Denemarken volgden vele teleurstellingen. Na vele jaren zware arbeid krijgt het Christendom toch de overhand.
En als Ansgar in het jaar 865 sterft, kunnen we hem terecht „De apostel van het Noorden" noemen.
Barend Mons
Dat was een keurig opstel, Barend. Ik zou zo zeggen, laat het er nu niet bij één, maar gaat direkt aan een tweede beginnen. Afgesproken?
Zo, jongelui, ik zal eens gauw gaan eindigen, anders ben ik bang, dat we ditmaal te uitgebreid gaan worden. Allen een hartelijke groet en tot D.V. over veertien dagen.
Ten Ankerweg 40 - Tholen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 november 1968
Daniel | 16 Pagina's