JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

„Raadpleeg het boekje,

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

„Raadpleeg het boekje,

7 minuten leestijd

Bezin eer je begint!

„Raadpleeg het boekje, dat de kerkeraad aan onze militairen geeft, als ze in dienst gaan, " staat in een van de brieven. Deze Wegwijzer voor de militair is inderdaad een belangrijk bezit voor alle jongens die in dienst gaan. Als het goed is heeft iedere kerkeraad deze boekjes in voorraad, uitgegeven door het Deputaatschap tot behartiging van de belangen der militairen. Voor in het boekje zitten enkele uitscheurbare velletjes die ingevuld moeten worden. Het eerste formulier moet naar het Deputaatschap worden gezonden. Het tweede naar de kerkeraad van de Gemeente die het dichtst bij de legerplaats ligt. Men kan daar dan alles in het werk stellen om samen met de militair tot een oplossing voor de verschillende moeilijkheden te komen. Bij verandering van legerplaats wordt het derde formulier naar de kerkeraad in de nieuwe omgeving gestuurd. Als men echter niets van zich laat horen kan de Gemeente ook moeilijker wat doen. Verder staan in dit boekje alle legerplaatsen met daarbij zoveel mogelijk de contactadressen.

Je kunt natuurlijk in een situatie verkeren, dat op deze wijze de moeilijkheden niet opgelost worden. Dan kan ook wellicht het Protestants Militair Tehuis en niet te vergeten de legerpredikant raad bieden. „Spreek met je legerpredikant. Hij heeft een open oor voor je klachten en zal alles in het werk stellen om je te helpen, ook al zal hij misschien persoonlijk op een ander standpunt staan." Praat er met je ouders over, met de kerkeraad, met je predikant, met je vrienden, op de jeugdvereniging. Kortom, bereid je zo goed mogelijk voor en doe wat je kunt doen. Ondanks dat blijft echter gelden: alle begin is moeilijk, maar ook

Een goed begin is 't halve werk

„Ik vraag me ook weieens af, of we voordat we in dienst gaan, wel goed ingelicht worden over deze dingen. Bij de laatste lichting waren er twee van de Ger. Gem. Ze waren allebei van plan niet op zondag te reizen. Nu doet de een het wel. De ander heeft het de eerste keer gedaan. Nu wil hij het niet meer. Maar bij het kader kan hij niets meer bereiken, want ze zeggen dat hij het de eerste keer ook deed en dat het dan nu nog wel kan. Dat is jammer. Als hij vanaf het begin volgehouden had, had hij nu ook wel medewerking gekregen." Hieruit blijkt weer dat je van te voren goed moet weten dat je het niet doet en waarom niet. Kom beslagen ten ijs. Ga je eenmaal overstag dan is het moeilijk het roer weer om te gooien. „Ze proberen op allerlei manieren je geloof op de proef te stellen. Wil je gerespecteerd worden, begin dan de eerste dag, en niet de tweede week." Daar heb je moed voor nodig. Vraag er de Heere om. Hij weet ook van jou, wat je nodig hebt. „Want God ziet ons en kent al onze wegen. Dat worden we juist gewaar in moeilijke en nare situaties." Waarschijnlijk kun je dan met een van de jongens zeggen: „Het is wel meegevallen, al staat iedereen vreemd te kijken als je voor je bed knielt om te bidden en als je 's zondags niet reist. Eerst moeten ze weten wie je bent. Maar als nu iemand een krenkende opmerking maakt, springen de andere jongens voor me in de bres." En een ander: „begin er direct d.e eerste dag mee voor je geloof uit te komen. Het resultaat was eerst wel spot, maar na een week niet meer."

Helpt elkaar

Altijd weer hebben we Gods hulp nodig. Zonder Hem zullen we het telkens moeten verliezen. Daarnaast kun je elkaar ook tot steun zijn. Een Christelijk Gereformeerde jongen zegt: „Het is eigenlijk een pijnlijke zaak dat hier nog over gesproken moet worden. Want er zijn veel jongens die wel weten dat ze er geen goed aan doen op zondag te reizen. Maar wanneer ze in dienst komen laten ze hun standpunt los." En even verder: „In het begin trof ik een Chr. Ger. en een Oud Ger. jongen. Dat vond ik fijn, want ik verwachtte niet anders dan dat ook zij niet op zondag zouden reizen, maar dat viel helaas anders uit". Je kunt aan elkaar zoveel steun hebben. Kom eerlijk voor je mening uit! Daarmee help je misschien ook de ander, die ook zo denkt als jij, over de drempel heen. Deze jongen eindigt zijn brief met: „Ik wil vanaf deze plaats toch nog een beroep doen op de jongens van onze Gemeenten (gereformeerde gezindte!) om van Hem te getuigen in onze handel en wandel. Alleen kunnen we dat niet, maar de Heere wil ons daarvoor de kracht geven".

Militaire dienst een zegen

Van een zeer persoonlijke brief willen we graag iets weergeven. „Ik had de tijd in militaire dienst niet willen missen. Achteraf is dat de beslissende periode in mijn

leven geweest. Ook gepaard met diepe inzinkingen, maar toch ook veel en veel méér. In de eenzaamheid in dienst liet de Heere me zien hoe erg ik eraan toe was en dat bekering noodzakelijk was. Radikaal! Met je vrome leven red je het niet. Je kunt er bij God niet op pochen, dat je 's zondags niet gereisd hebt! Hij zal vragen (wat Hij mij ook vroeg): „Waar is Jezus? " Zonder Hem wil Ik je niet zien! Dan ben je weieens blij dat iedereen naar huis gaat, want dan kan je vrijuit God je nood klagen (die klant hoeft de wereld niet te zien, die moet altijd de „blijde" kant zien) en ongestoord zonder opgejaagd te worden, De Heere zoeken. Maar de Heere liet ook in mil. dienst zien, dat er in Christus behoud is, ook voor mij. Midden in al de beslommeringen van de dienst en de beschuldigingen van mijn geweten, gaf de Heere een mogelijkheid om naar de kerk te gaan. De duivel kon het niet hebben en gooide mij ondersteboven met mijn fiets, maar ik mocht toch de preek horen over „Zelfs vindt de mus een huis en de zwaluw een nest voor zich bij Uw altaren." Daar was plaats vanwege het bloed, ook voor mij! En horend van Jezus, begeerde ik de zoom van Zijn kleed aan te raken. Ik kan niet alles vertellen, maar in ieder geval heb ik gezegd wat ik aan God had, toén! En 't is er niet minder op geworden!"

Bij het lezen van deze brief viel het ons weer op, dat de Heere ons dikwijls in moeilijke situaties moet brengen willen we in de juiste verhouding tot God komen te staan. Ga de moeilijkheden niet uit de weg. Geef de duivel geen plaats. De Heere is het waard Zijn Naam te belijden en om Hem smaadheid te lijden.

Slot

We hopen dat velen dit onderwerp heeft aangesproken. De twintig brieven hierover hebben ons aangespoord verder te gaan. Zo'n gesprek heeft niet alleen zin voor jezelf op dit moment, maar misschien ook voor later, zoals iemand van 27 jaar schreef: „Vader van drie kinderen, die ook eens zullen vragen van hoe en wat, maar ik hoop. Daarom fijn, het bespreken van al die dingen in Daniël." Je weet al dat we willen gaan praten over vragen en problemen over de verhouding en omgang tussen jongen en meisje. Welke kant dit gesprek opgaat weten we nog niet. Dat hangt ook van de brieven af. Zijn het soms zulke diep-persoonlijke vragen, dat je er zelfs in een brief niet mee voor de dag durft te komen? Tóch kan het je misschien helpen. Het geeft zelfs niet al schrijf je zonder afzender. Tot schrijfs!

G. & S. T. van Malkenhorst

Bleulandweg 298 Gouda

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 november 1968

Daniel | 16 Pagina's

„Raadpleeg het boekje,

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 november 1968

Daniel | 16 Pagina's