JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

reizen op zondag ?

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

reizen op zondag ?

8 minuten leestijd

We willen eerst iets over de zondag zeggen. Zeker in dit verband kan dat niet diepgaand. Wie niet geheel onbekend is met de geschiedenis van de Kerk weet wat een strijd er in de loop der eeuwen over de zondagsviering is gevoerd. Aan die strijd willen we stellig geen nieuwe bijdrage leveren. Dat kan ook van deze rubriek de bedoeling niet zijn. Om de standpunten in hun uitersten even aan te geven: aan de ene kant mensen die de Joodse sabbath in wezen een dag opgeschoven hebben: zij spreken van zondag, maar bedoelen de sabbath. Aan de andere kant mensen die menen, dat al wat over de sabbath geschreven is, verleden tijd is en geen enkele geldingskracht meer heeft; ze kennen alleen de zondag als christelijke feestdag, ontdaan van alle Oud-Testamentische inhoud. Het vierde gebod heeft met de komst van Christus in het vlees geen betekenis meer. Duidelijk zal zijn dat de eersten een zeer strenge, de laatsten een uiterst ruimhartige zondagsviering kennen. We voelen ons niet verplicht uit een van beide standpunten een keus te doen. We wijzen (persoonlijk) beide af. En wel om de volgende redenen.

Twee kanten — één zaak.

Het Sabbathsgebod spreekt op twee wijzen van heiligen:1) in de zin dat de mens deze dag heiligt voor God (zie Exodus 20 : 8: gedenkt de Sabbath dat gij die heiligt"). Dit heiligen te verstaan in afzonderen, eren, apart zetten onder de andere dagen van de week. Maar ook 2) dat God op deze dag de mens heiligt (zie Exodus 31 vers 13: opdat men wete dat Ik de Heere ben, die U heiligt"). Dit laatste zal moeten verstaan worden in de zin van Gods zegen, Gods genade die op de mens in het bijzonder op deze dag inwerkt.

„Opdat Uw dienstknecht ruste gelijk als gij."

Behalve van heiligen spreekt het Sabbathsgebod ook van het rusten van de arbeid, voor mens en dier. En volgens Deuterono-mium 5 : 15 wel in het bijzonder om terug te denken aan de verlossing van het slavenleven in Egypte. De arbeid maakt de mens gauw tot een slaaf van zijn werk. Maar de rust cp deze dag heeft niet alleen betekenis voor de enkeling, maar voor de hele samenleving, want het rusten geldt cok voor de naaste. Daarom geeft het stilleggen van het werk een publiek karakter aan de rustdag. En heemeer die dag een openbare rustdag is, destemeer kan de heiliging ervan tot z'n recht komen. Een heiliging in de geest, zoals wij die zo nader willen bezien.

Die twee kanten nu van de Sabbath, de rust en de heiliging, vinden we terug in het antwoord van de catechismus op vraag 103: „Wat gebiedt Gcd in het vierde gebed? " Alleen nu niet meer in de historische zin van het laten van dit of dat, maar in de geestelijke zin van het gebod: het ijverig (naarstig) zijn in het komen tot de Gemeente van God om Zijn Woord te horen. Daarin wordt deze dag, nu niet als Sabbath, maar als de Dag des Heeren, geheiligd, afgezonderd van de andere dagen der week. We kunnen die dag niet op ons eentje goed vieren, maar alleen met de Gemeente en onder de verkondigingvan het Woord van God. Dat maakt deze dag tot een bijzondere dag. En het rusten van ons werk dan? Ja, cok rusten van ons werk, van onze boze werken. Maar nu niet slechts op deze dag alleen, maar „a 1 de dagen mijns levens". Want zo krijgt de rustdag zijn perspectief: om alzo in dit leven al een begin te maken met de eeuwige Sabbath.

En door zo de Dag des Heeren te vieren als de dag van de opstanding van de Heere Jezus Christus, die de Rust heeft aangebracht, kan ook vervuld worden: „die U heiligt", namelijk door de Heere door Zijn Geest in ons te laten werken.

Als we dit samenvatten: de Sabbath leert ons wat de zondag betekent. Woord en Geest horen ook hier bij elkaar. De prediking van het Woord staat voor ons op deze dag centraal. Zo wil de Heere met Zijn Geest in ons werken, op deze dag in het bijzonder.

We dachten dat van hieruit de lijnen getrokken kunnen worden naar de zondagsviering van vandaag. Niet in een wettische en negatieve zin: dit niet doen en dat toch vooral laten. Ook niet in een vrijheid van zondagsviering, die in feite een scheiding tussen Oud en Nieuw Testament betekent. Maar in een positieve, evangelische zin: de Dag des Heeren vieren overeenkomstig het doel waarvoor hij ons geschonken is en niet in een vrijheid voor het „vlees".

Komen we nu tot het reizen van onze militairen, dan dachten we dat ook zij ervoor verantwoordelijk zijn niet tot het verstoren van de rustdag bij te dragen. En daarom niet terwille van wat gezelligheid eraan mee te werken dat anderen hu.n rustdag wordt ontnomen. En dit temeer dachten we zo, naarmate een groeiend aantal medemensen geen besef meer hebben van wat de Heere met de Rustdag bedoeld heeft. Als onze daden een welsprekend protest moeten zijn, dan zeker hier! Maar niet alleen het verantwoordelijk-zijn voor de rustdag, ook het besef van de roeping tot het heiligen van de zondag in de geest van de Catechismus: naarstig te komen tot de Gemeente Gods! Daarom stellen we het zeer op prijs dat gemeenten als Rilland Bath er zoveel voor over hebben om de militairen uit hun omgeving in de gelegenheid te stellen samen met de Gemeente deze dag te vieren en te heiligen. In veel garnizoensplaatsen kan de militair 's zondags in de plaatselijke Gemeente deze dag doorbrengen. Laat hij dat dan ook doen! Want centraal staat toch het samenkomen met de Gemeente en vooral op deze dag de rust te vinden om de Heere in je hart te laten werken. Dat kan ook in een andere Gemeente. En daarom is dit ook verreweg te verkiezen boven het tóch naar huis gaan en je dan 's avonds door vader of vriend naar de kazerne te laten terugbrengen.

We hebben fijne brieven gehad van jongens die als militair in hun hele houding lieten merken hoe ze wilden leven. Maar ook is gebleken hoe hard ze elkaar nodig hebben en hoe ze vaak in anderen teleurgesteld werden. Uit de sfeer van de brieven kunnen we ook proeven hoe moeilijk het dikwijls is. We zijn er echter ook van overtuigd dat diegenen, die wèl op zondag reisden, niet helemaal eerlijk zijn. Ging het je cm de kerkdienst of ging het toch eigenlijk niet nog méér om de gezelligheid? Laat je in je leven van de hele week zien wie je wilt zijn? Moét je de hele zondag in de kazerne blijven? Ken je b.v. het Protestants Militair Tehuis dat altijd, ook 's zondags, voor je open staat en waar men jouw inbreng juist zo hard nodig heeft? We hebben een brief gehad van een beheerder van een van deze Protestants Militaire Tehuizen, die zelf Hervormd is. Graag geven we enkele opmerkingen van hem door.

Het Protestants Militair Tehuis.

„Voor wat betreft het niet reizen op zondag heb ik grote waardering. In bijna alle garnizoensplaatsen is een P.M.T. en we zitten te wachten op de positieve jongens; die houden mede onze christelijke sfeer vast. We vragen ons wel eens af: waar zitten deze jongens? Ik bedoel dan onze chr. gereformeerden, herv. gereformeerden, ger. gemeenten enz. Dit is voor mij altijd weer een droeve ervaring, enkele uitzonderingen daar gelaten. Iedere jongen kan 's zondags vrij van appèl krijgen om ook 's avonds naar de kerk te gaan. Wij houden in onze Tehuizen ook avondwij dingen. Dan is het voor mij een bittere ervaring als je jongelui ontdekt uit onze kringen, die de moeite niet nemen om er naar te komen luisteren en rustig hun spelletje kaart voortzetten.

Wat mij altijd goed deed was, als een jongen naar mij toekwam en zei: mijnheer, mag ik ook eens een avondwijding houden? Daar ging ik graag op in. Vaak was het dan iemand van een Vrij Evangelische Gemeente of een Baptist. Ik moet U zeggen dat het fijn is als je zo'n jongen een goed woord hoort zeggen over de Heere Jezus tegenover zo'n tachtig jongens en zo iemand was echt geen verschoppeling. Deze jongens hebben we nodig, vooral in een tijd waarin wij nu leven. Indien wij maar „levende getuigen" zouden zijn, zouden wij meer „strijdende Kerk" zijn. Want de duivel haat niets meer dan een „levend getuigenis". Tot zover deze brief. Hij spreekt voor zichzelf en we hopen dat onze jongens en hun ouders hiervan goede notitie nemen.

Met het volgende artikel willen we dit onderwerp afsluiten. Het is onze bedoeling daarna te beginnen over de omgang tussen jongen en meisje. Graag ontvangen we daarover nü al brieven. Dan kunnen we gelijk goed starten.

G. en S. T. v. Malkenhorst,

Bleulandweg 298, Gouda.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 november 1968

Daniel | 16 Pagina's

reizen op zondag ?

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 november 1968

Daniel | 16 Pagina's