Een rubriek voor en van onze jeugd
BONDSDAG 1368.
Simson.
De Bondsdag 1968, waar we zo lang naar uitgezien hebben, is voorbij. Omdat onze voorzitter, Ds. G. J. van de Noort, ziek was, had Ds. G. Schipaanboord van Apeldoorn deze dag de leiding, wat hem echt is toevertrouwd. Ondanks de vaak grote afstand, waren weer zeer velen gekomen: de bepaald niet kleine kerk van Nunspeet was overvol met wel 700 meisjes en jongens.
Opening.
Tegen elf uur opent Ds. Schipaanboord de bijeenkomst, laat zingen Psalm 25 : 1 en 2 en gaat voor in gebed. Ds. wijst er dan op, dat David in Psalm
Een rubriek voor en van onze jeugd
25 : 4 spreekt: eere, maak mij Uw wegen bekend, leer mij Uw paden. Hij doet dat, als hij aan alle kanten door vijanden is omringd. Met al zijn nood vlucht hij tot de Heere. Doen wij dat ook? In het onderzoek van Gods Woord is zoveel vermaak. De Heere heeft beloofd uit de mond van jonge kinderen, zelfs uit die van zuigelingen, Zich lof te bereiden.
Ds. dankt de kerkeraad van Nunspeet voor de geboden gastvrijheid en de koster, de K.V. van Nunspeet en hun leider, vr. H. van Engelen, voor alle moeite en zorgen om alles goed te doen verlopen.
Simson.
Dan spreekt Ds. Schipaanboord zijn onderwerp uit over Simson.
Op levendige wijze schildert Ds. Simson, een man, die soms prat ging op zijn kracht en slimheid, die vaak onevenwichtig en onberekenbaar is. Simson moet alleen strijden: daarin is hij type van de Heere Jezus. Maar waar Simson faalt, houdt de Heere Jezus stand.
20 jaar heeft Simson Israël gericht. Israël heeft, in strijd met Gods gebod, de Filistijnen laten leven. Die heersen nu over Israël en doen het verdriet aan: ze hebben geen smid in het land overgelaten en dwingen de Israëlieten om met de hoed in de hand te vragen of de landbouwwerktuigen alstublieft gerepareerd mogen worden.
De Heere gaat Simson beproeven, of het hem in waarheid om God te doen is. Maar Simson is en blijft zelf verantwoordelijk. Op weg naar Timnath — waar Simson niet heen had moeten gaan — verslaat hij een leeuw. Hij spreekt er met niemand over. Op de bruiloft laat Simson zich door de tranen van zijn bruid bewegen om het geheim te vertellen. Simson verslaat 30 man, en geeft hun kleren als prijs voor het „oplossen" van het raadsel.
Hij ziet kans 300 vossen te vangen, bindt die twee aan twee aan elkaar en laat ze het koren in vluchten.
Simson wordt door zijn eigen volk uitgeleverd, maar verbreekt de 7 touwen. Dan gaat Simson zelfs met het heilige spelen. De zonde is een hellend vlak. Hij vertelt het geheim van zijn ambt. Zijn heerlijkheid wordt op de grond geworpen en clan wijkt de Heere van hem. Zijn ogen worden hem uitgestoken.
Maar in Simson hoont en bespotten de Filistijnen de God van Simson. Ter oorzaak van cle eer van Zijn Naam verleent de Heere aan Simson nog eenmaal zijn vroegere kracht, zodat Simson. bij zijn dood meer vijanden doodt dan gedurende zijn gehele loopbaan.
Lakki.
Na de middagpauze vertelt mevrouw Houtman uit Leiden het ontroerende verhaal van Lakki, cle Jodenjongen.
Als in de oorlog de ouders en Esther, het zusje van Lakki, door cle Duitsers worden weggevoerd, is Lakki juist bij de buren. Lakki wil zijn ouders en zusje gaan zoeken en raakt aan het zwerven. Nadat hij, verkleumd en ondervoed, als gevolg van een val buiten bewustzijn is geraakt, wordt hij door Kees de Vries en diens vader gevonden en meegenomen naar cle woonschuit.
In het doi'p wordt bekend, dat cle familie De Vries een Jodenjongen verbergt. Lakki wordt niet. gevonden, maar vader De Vries wordt meegenomen. Hij is al gauw weer terug.
Als cle Bevrijding aanbreekt, is Lakki ernstig ziek. Men vreest, dat hij gaat sterven. Lakki is niet bang om te sterven, zegt hij, want hij heeft door het voorlezen uit de Kinderbijbel geleerd, dat hij een nieuw hart nodig heeft en hij weet, dat hij het uit genade heeft ontvangen. Uit een advertentie blijkt, dat cle vader van Lakki nog leeft en zijn zoontje zoekt.
Als de dood van Lakki voor ogen schijnt, bidden allen of de Heere Lakki nog beter wil maken. Na het gebed is zijn pols veel beter en cle Heere schenkt hem herstel. Lakki hoopt als hij eenmaal met vader weer in een eigen huisje woont, met vader te spreken over de Bijbel en over cle Heere Jezus.
Andere punten.
Naast de beide hoofdpunten — liet onderwerp over Simson en het verhaal over Lakki — waren er nog andere punten: e verzending van een telegram aan H.M. de Koningin met aansluitend het zingen van twee coupletten van het volkslied, alsmede het afscheid van de heer P. Zoutendijk, die wegens drukke werkzaamheden het secretariaat moest neerleggen, 's Morgens sprak Ds. Schipaanboord hem toe waarna hem staande werd toegezongen Psalm 121 : 4. 's Middags bood de 2e voorzitter, de heer C. de Bode, namens het Landelijk Verband een boekenbon aan als attentie voor de verrichte arbeid.
Slotwoord.
Dan spreekt de plaatselijke predikant Ds. C. de Ridder een ernstig slotwoord. „Einde" een kort woord, maar van grote betekenis. Aan deze bondsdag komt nu een einde, maar ook aan ons leven komt een einde.
De Heere zegt in Zijn Woord: Gedenk aan uw schepper in cle dagen uwer jongelingschap.
We hebben vernieuwing van hart nodig. Hebben wij lust om de Heere te vrezen? De Heere heeft beloofd Zijn Naam van kind tot kind, van geslacht tot geslacht te zullen voortplanten.
Met. de wens, dat de Heere ieder een veilig geleide zal bieden op de weg naar huis, besluit Ds. De Ridder. Na het zingen van Psalm 25 : 0 eindigt hij met dankgebed. Een mooie dag voor onze meisjes en jongens is hiermee dan goeddeels voorbij.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 juni 1968
Daniel | 32 Pagina's