JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Dagsluiting van een verpleegster

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dagsluiting van een verpleegster

8 minuten leestijd

Ik wilde met de vraag beginnen: Bekommeren wij ons wel om onze naaste? We zijn vaak zo druk met onszelf bezig, dat we nauwelijks oog hebben voor hetgeen er om ons heen gebeurt. We leven in een gejaagde tijd, maar ik geloof dat juist in dit gejaagde leven er velen zijn die zich diep eenzaam voelen. Niet alleen ouderen, maar ook jonge mensen. Zo aan de buitenkant zal dit niet direkt te zien zijn. Hiermee loop je immers niet te koop? Vooral als men op eigen benen komt te staan en met allerhande dingen wordt geconfronteerd, is het vaak zo moeilijk de juiste houding aan te nemen. Je kunt b.v. in een milieu terecht komen dat zo heel anders is dan dat je van huis uit gewoon bent. Je hoort en ziet soms dingen die allerlei vragen in je te voorschijn roepen. Vanzelf ga je hierover nadenken. Het kan gebeuren dat je niet met alles tot een oplossing komt. 't Kan zelfs wel zover komen dat je je stuur kwijt raakt. Dan weet je het niet meer. Nu zijn er mensen die dat ronduit zeggen en die er gelukkig ook over praten. Maar er zijn er ook die zich clan juist met hun houding geen raad weten en zich van de gemeenschap afkeren. Ze kunnen zich zo moeilijk uiten en trekken zich terug, hoewel ze graag eens met iemand zouden willen praten.

Maar wie heeft er begrip voor hen? Alles glijdt zo vaak langs ons heen. Jammer is het wanneer we zo weinig tijd hebben om met onze naaste te praten. Helaas hebben we dikwijls wel tijd genoeg om over onze naaste te praten. Hoeveel tijd besteden we niet aan allerlei kletspraatjes? 'k Zal maar enkele voorbeelden noemen:

Je zit in de eetzaal en de vraag wordt gesteld met wie je die avond voor het eerst in de wacht zal gaan. Je zegt dan met wie. De reactie is dan vaak: „O, dat zal wel gezellig worden", of iets dergelijks. Maar 't gebeurt ook wel eens dat men zegt: „Ga je met dié in de wacht? Nu, ik wens je sterkte hoor!" Nu kan het zijn dat je voor het eerst met dat meisje in de wacht gaat. Dan is het vervelend om van verschillende kanten te horen dat je geen prettig persoon getroffen hebt. Ongemerkt neem je dit toch in je op. Nu kun je zeggen: „Ik zal maar rustig afwachten, 'k moet het zelf maar ondervinden. Het loopt misschien best mee." Maar het kan ook zijn dat je door dit oordeel juist probeert wat op een afstand te blijven. En dat is jammer. Degene die met je samenwerkt voelt clat er iets aan hapert en vraagt zich misschien wel af: Heb ik iets misdaan? Zij durft dit misschien niet ronduit te vragen met het gevolg dat de sfeer niet zo prettig is. Dat had heel anders kunnen zijn, want juist in de wacht vind ik dat je elkaar goed kunt Ieren kennen.

Zo kun je ook met lood in je schoenen naar een nieuw pav. gaan. Veel onaangename verhalen heb je daarover al vernomen, hetzij over de leidinggevenden of over andere dingen. Vul zelf maar in. We staan zo gemakkelijk met onze kritiek klaar. Daarover zijn talloze dingen te noemen.

Wat kunnen we iemand „bepraten" die naar ons inzicht de perken te buiten gaat, hetzij in zijn of haar werk, hetzij in het privé-leven. We zeggen dan: „Heb je het al gehoord? Dat had ik niet van haar gedacht." En als die persoon juist met veel bravour voor de dag komt, beseffen we niet dat daarachter wel eens een diep ongelukkig mens kan schuilen.

De verkeerdheden van anderen worden soms breed uitgemeten. Er kan geen slak kruipen of er wordt flink zout op gestrooid. Elk onkruidje in andermans tuin wordt gesignaleerd. Sommigen doen dat met veel genoegen en verbreiden het wijd en zijd. Te erger is dit, wanneer eigen gebreken worden verzwegen. Ook de gebreken en zwakheden van die ons lief zijn. Waarom dan wel die van anderen? Altijd weer lopen we het gevaar ons zelf beter te achten. Het goede van anderen geloven we niet direkt, het kwade veel eerder.

Zo doet de liefde niet. Zo deed de Heere Jezus niet. Als de Schriftgeleerden en Farizeën een overspelige vrouw tot hem brengen, zullen ze geen medelijden met haar gehad hebben. Haar zonde was duidelijk bewezen en sterven moest ze. Maaide Heiland wijst niet allereerst op haar zonde. Hij zegt: „Wie van u zonder zonde is werpe het eerst de steen op haar." Dan druipen ze allen af. Jezus zegt dan: „Heeft niemand u veroordeeld? " Als ze Hem vertelt dat niemand dat deed antwoordt de Heere haar: „Zo veroordeel Ik u ook niet; ga heen en zondig niet meer."

De liefde bedekt alle dingen. We zijn geneigd te vragen: Alles? Moeten christenen alles bedekken? B.v. een begane moord niet aangeven? En altijd maar ho-

pen? Zijn er dan geen wanhopige gevallen? En moeten we alles maar verdragen? Ook het grofste onrecht?

Als we deze opmerkingen tegen Paulus zouden hebben gemaakt zou de apostel denk ik gezegd hebben: „Stil maar, dat weet ik ook wel." Maar jullie begrijpen me toch wel? Van nature verdraagt een mens niets, hoort hij niets en bedekt hij niets. En daar tegenin roept Paulus: „De liefde bedekt alle dingen, zij hoopt alle dingen, zij verdraagt alle dingen."

Zo zegt een kind van zijn vader: „Hij kan alles!" We moeten aan dat „alles" maar niet knabbelen.

De liefde bedekt alle dingen. Er is voor God geen zonde zo groot dat Hij ze niet wil bedekken. Waarom? Omdat Hij liefde is. En als wij navolgers Gods zijn dan willen we Hem ook daarin volgen.

De liefde is niet blind. Ze gaat echter wel van vértrouwen en niet van wantrouwen uit. De Heere Jezus heeft veel liefgehad en daarom veel vertrouwd. Hoe zou Hij anders aan Petrus het apostelschap hebben toevertrouwd? En aan Paulus ook, een man met zo'n verleden? Als de Heiland van wantrouwen was uitgegaan had Hij dan tot de zondares gezegd: „Ga heen en zondig niet meer? "

De liefde verdraagt alle dingen. Je zou kunnen zeggen: „Ze houdt het onder alles uit." Dat is alleen mogelijk wanneer ons oog gericht is op „de overste Leidsman en Voleinder des geloofs Jezus, welke voor de vreugde die Hem voorgesteld was, het kruis heeft verdragen en de schande veracht, en is gezeten aan de rechterhand van de troon Gods." Hij heeft dat volgehouden tegen alle teleurstelling en verwerping in. Het volk dat Hij liefhad keerde Hem de rug toe en kruisigde Hem. Zelfs de discipelen waren hardnekkig en traag. Petrus verloochende Hem, Judas heeft Hem verraden. Allen lieten Hem tenslotte alleen. Maar Hij heeft hen niet verlaten of verloochend. Voor het volk heeft Hij gebeden om vergeving en zijn discipelen verzamelde Hij na Zijn opstanding weer om Zich heen.

Als Zijn liefde in onze harten is uitgestort door de Heilige Geest dan zullen we van Hem ook kracht ontvangen om tegen alle druk in te volharden in de liefde. Dan zullen we, naar het Woord van de Heere Jezus, zelfs onze vijanden liefhebben. En ook hen die ons kwaad doen, onbillijk behandelen, belasteren of niet willen verstaan.

Dat gaat dwars tegen ons in. Al wat in ons is dringt om te haten wie ons haten en af te schrijven die ons hebben afgeschreven. Maar wanneer de liefde van Christus ons dringt blijven we volharden in het zoeken van het heil van onze naaste. Laten we het goede waarderen, waar het gevonden wordt. Heb je iets met iemand, bepraat het dan eerlijk met elkaar. Probeer je van wrok te ontdoen. Loop er niet mee naar je buurman of buurvrouw. Laten we proberen elkaar te begrijpen. Voor we er erg in hebben staan we al weer klaar met kritiek. De sfeer is zo gauw bedorven.

Alleen: ontbreekt ons in dit alles deze liefde dan wil dat zeggen: Ons ontbreekt alles. De ware liefde geeft nooit op. Wij kunnen de moed wel verliezen en de strijd opgeven, maar dan leven we niet uit de liefde van Christus.

Liefde is zichzelf vergeten voor de zorgen van een ander.

Liefde is eigen leed niet voelen door het opgaan in elkander.

Liefde is zichzelf geven en eens lasten dragen. anders

Liefde is veel offers brengen voor een naaste, zonder klagen.

Liefde is eindeloos vergeven en onnoemelijk veel vergeten.

Liefde is het alles voelen en geloven zonder weten.

Liefde is een licht ontsteken in een donker somber leven.

Liefde is aan liefdelozen heel je hart vol liefde geven.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 juni 1968

Daniel | 32 Pagina's

Dagsluiting van een verpleegster

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 juni 1968

Daniel | 32 Pagina's