DE GAANDE EN KOMENDE VROUW.
— 6 —
Nadat we het gehad hebben over de vraag hoe alle leden invloed uitoefenen op het bestuur en de bestuursverkiezing, nu eerst nog iets over het aftreden.
Stel je je als bestuurslid iedere keer weer herkiesbaar? Dat hangt van de omstandigheden af. Kun je het om persoonlijke of gezinsomstandigheden niet meer doen, dan houdt natuurlijk alles op. Maar verder loopt ieder mens het gevaar te denken onmisbaar te zijn. We gaan soms onze taak en ons werk zo belangrijk vinden en zijn zelf zó tevreden over ons eigen werk, dat we diep in ons hart geloven niet gemist te kunnen worden. Laten we daar toch altijd voorzichtig mee zijn. We willen allemaal op z'n tijd wel een beetje belangrijk zijn. En juist daarom zijn er misschien ook anderen op de vereniging die graag eens een poosje in het bestuur willen zitten. Deze mensen moeten óók een kans hebben. Zijn er dus anderen, die ons werk kunnen en willen overnemen, dan moeten we daar plaats voor maken en niet jaren achtereen in het bestuur blijven zitten. Het kan echter ook zijn, dat velen er geen tijd voor hebben of het niet durven. Vooral voor de taak van de presidente schrikt men vaak terug. Als dat het geval is, dan moeten we toch ook onze verantwoordelijkheid beseffen en de vereniging niet zondermeer aan haar lot overlaten.
Pijnlijk wordt het echter, wanneer U misschien jaren bestuurslid bent geweest en er dan uitgesiemd wordt. Dan heeft de vereniging duidelijk te kennen gegeven, dat zij U als bestuurslid niet meer kan waarderen. En hoe je karakter dan ook is, dit is voor iedereen een bittere pil. Wat nu te doen? Gewoon lid blijven en aktief mee blijven doen aan alle bezigheden! Dat valt niet mee. Maar laten we nu eens heel eerlijk zijn tegenover onszelf. Het kan zijn dat een bestuurslid jaren achtereen met enthousiasme voor de vereniging heeft gewerkt. Wordt zo iemand nu als bestuurslid aan de kant gezet, is dan daarmee ook het doel, waarvoor zij altijd zo hard gewerkt heeft, weg? Als het goed is, niet. Want ook als gewoon lid kan zij haar bijdrage leveren. Maar wat is nu het verkeerde in ieder mens, in ons allemaal? Dat we altijd geneigd zijn — bij allerlei bezigheden, die op zichzelf dikwijls goed
zijn — onszelf te bedoelen en te jagen naar eigen eer. Ook in het verenigingsleven. We kunnen soms wel mooi praten, maar altijd weer komt dat eigen „ik" om de hoek kijken. En dan kunnen we vaak meer om onszelf en om onze eigen naam bezig zijn, dan dat we het doel van de vereniging op het oog hebben. En wordt iemand er dan uitgesternd, dan is het een voorrecht als zij kan zeggen: „ik vind het wel jammer, maar ik heb zo goed mogelijk mijn taak gedaan. En ik hoop dat degene, die mijn plaats inneemt, met plezier haar werk zal doen en zó dat het gezegend zal worden. En ik zal nu verder weer als gewoon lid doen wat ik doen kan". Dat valt niet mee, maar als het goed is, moet het toch zo zijn. Zelfverloochening!!!
Ook kan het voorkomen dat uw werk altijd erg gewaardeerd is, maar dat U er te oud voor wordt. Anderen vinden het te pijnlijk om dit tegen U te zeggen en zelf merkt U het misschien niet. En toch is het dan nodig dat U uw plaats aan een ander afstaat. Ik kan dat natuurlijk makkelijk zeggen, nu ik nog jong ben, maar soms kom ik oude mensen tegen die er ook zo over denken. En dan zeg ik tegen mezelf: „ik hoop dat ik, als ik oud mag worden, zoveel levenswijsheid heb opgedaan, dat ik me op het juiste moment weet terug te trekken". Maar één ding besef ik nu al wel n.1. dat dat niet mee zal vallen. En ik heb diep respect voor die mensen, die niet meer tegen hun taak zijn opgewassen, en daarom uit zichzelf hun plaats aan een ander willen afstaan. Ik hoop alleen wel, dat U me hierin goed begrijpt. Ik wil hiermee niet zeggen dat oude mensen niets meer kunnen en alles aan jongeren moeten overgeven. De ene mens is veel eerder oud dan de ander en de een kan veel langer haar taak goed vervullen dan iemand anders. Maar probeer bij het ouder worden steeds bij uzelf na te gaan of U het nog wel zo doet als vroeger en of iemand anders niet beter uw plaats kan innemen. En voor de jongeren geldt: vergeet de oude leden en bestuursleden niet, maar houdt hen in ere! Misschien zijn er ouderen die uit eigen ervaring hierover eens willen schrijven.
L. Sparreboomstraat 24
Rotterdam - 26.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 5 april 1968
Daniel | 16 Pagina's