„De Nationale Synode: ....haar historie”
De lezing van ds. de Gier is dermate uitgebreid, dat het niet goed mogelijk is, haar volledig in „Daniël" af te drukken. Niet dat zij daartoe niet belangrijk genoeg zou zijn, maar enkel om het evenwicht tussen de onderwerpen wat te bewaren.
De kern van ds. De Gier zijn rede is: In 1617 nam de Staten-Generaal van de Nederlandse Republiek eindelijk het besluit dat er een Nationale Synode zou bijeengeroepen worden. De verwarring in kerk en staat was groot. Contra-Remonstranten werden onderdrukt door de machthebbende Remonstrantse minderheden. De Staten van Holland wilden maar niet toestaan, dat er een Nationale Synode gehouden zou worden. Het was de Friese stadhouder Willem Lodewijk die er op aandrong bij zijn neef Prins Maurits om zijn onzijdige houding te laten varen, en zich op te werpen als verdediger der gereformeerde religie.
En gelukkig, op die 11e november 1617 namen de Staten-Generaal het besluit om een Nationale Synode te houden, ondanks de tegenstand van Holland
(Scherpe Resolutie), Utrecht en Overijsel. Maar de saamroeping van de Synode ging door en door de Hoogmogende Staten werd een algemene bielen vastendag uitgeschreven om de almachtige God vurig te bidden, dat Hij de aanstaande Synode zou willen zegenen, opdat zowel de kerk haar rust alsook de burgers de onderlinge eendracht O O
onder elkaar, tot Gods eer, weergegeven en hersteld mocht worden. De Synode werd geopend op 13 november 1618 en gesloten op 29 mei 1619. De Staten-Generaal hadden reeds van tevoren een aparte wet gemaakt, waarin alles voorgeschreven en geregeld was m.b.t. de Synode, tot de vergoedin-
gen die uitgekeerd moesten worden, toe. De volgende personen waren ter Synode uitgenodigd:18 politieken (gekommiteerden van de Staten-Generaal). Dooide verschillende provinciale synoden werden 37 predikanten en 19 ouderlingen afgevaardigd. Ook de Waalse kerken, de theologische hoogleraren, de buitenlandse kerken waren vertegenwoordigd. Van de Remonstranten wer-
den er 15 opgeroepen om aanwezig te zijn. De politieken moesten een oogje in het zeil houden. Het waren allen zeer geleerde mannen die meestal hoge posten bekleedden, en voor een deel doctoren in de rechten waren. De voorzitter van deze gekommiteerden was zelfs naast Bogerman voorzitter van de Synode.
Door hem werd de Synode geopend in naam van de Staten-Generaal. Van de predikanten noemen we allereerst Joh. Bogerman. Hij was 42 jaar oud, een bekwaam man en uitstekend theoloog. Door zijn omgang met prins Maurits was hij in alle geheimen zowel van de diplomatieke en kerkelijke wereld goed op de hoogte. Hij had de langste baard van allen ter Synode. Scriba was o.a. ds. Festus Ilommius ten en hij had volgehouden toen prof. Gomarus, de strijd moede, uit Leiden vertrokken was.
Ook noemen we Gijsbertus Voetius, de later zo bekend en beroemd geworden professor van Utrecht, de grote meester van het Gereformeerd kerkrecht. Hoewel nog zeer jong, werd hij later meer en meer gewaardeerd. Ook waren er: ds. Irigland, de bekende historicus en ds. Hillenius uit Groningen, die de opsteller is van de Ziekentroost.
Latijn
De voertaal was latijn, een taal die nu eenmaal niet door ieder verstaan wordt. De keuze voor de ouderlingen was daardoor niet gemakkelijk. Er waren daardoor ook wel niet-ambtsdragers, die wél latijn kenden. De Remonstranten hebben er later wel mee gespot. We moeten echter wel bedenken, dat gewichtige stukken eerst in het nederlands en daarna in het latijn werden voorgelezen.
Professoren
Van de 5 aanwezige theologische professoren noemen we eerst Gomarus, de strijder van het eerste uur tegen Arminius. Leiden had Polyander gezonden, Franeker zond Lubbertus en Maccovius. Lubbertus lag nogal eens overhoop met
Maccovius, omdat deze laatste een wat overdreven supra-lapsariër was. Lnbbertus kon nogal onstuimig uitvaren en zo heeft hij zich heftig gekeerd tegen het publiek dat de synode bijwoonde. (Ook dames en jonge dames mochten komen, •en voor enkele voorname dames waren zelfs apart stoelen gereserveerd. Hierover werd wel eens ruzie gemaakt. Lubber tus stelde voor de deuren voor het publiek maar geheel te sluiten). Harderwijk zond Thysius, een man van een zachtmoedig karakter, die dikwijls probeerde de partijen wat te verzoenen.
B11 itc n landse afgcvaa rdigde n
Tot grote teleurstelling van de Synode werden onder de buitenlandse afgevaardigden de Fransen gemist. Ook de Schotten ontbraken, maar wel had de Engelse koning een Schot gestuurd die in Engeland woonde, om de ergernis op de synode wat te verminderen. Hij zat apart in zijn Schots kostuum op een bankje vóór de Engelsen. De synode was erg verlegen met de aanwezigheid van een Anglicaanse bisschop. Op een gereformeerde synode wordt nl. geen bisschoppelijk gezag erkend. De Lord Bishop Sir Dudley Carleton kreeg echter een bijzondere plaats en.... tweemaal zoveel presentiegeld. Feiteli ik was hij de voorzitter van alle buitenlandse afgevaardigden. In de belijdenis was hij zuiver gereformeerd. De Engelsen hebben een belangrijke rol gespeeld op de synode, ook bij de opstelling van de Dordtse Leerregels.
Ook Zwitserse afgevaardigden waren er, evenals afgevaardigden uit Emden, Hessen en Nassau. De 3 godgeleerden uit de Palz, het land van onze Heidelbergse Catechismus, hebben veel invloed uitgeoefend ter Synode. Alleen met de Bremers heeft de Synode nogal wat moeilijkheden gehad. Zij waren nogal halfslachtig, maar werden krachtig bestreden door de hoogleraren Gomarus en Lubbertus, zodat de Bremers een keer op het punt stonden maar te vertrekken naar hun vaderland. Zij hebben op de Synode getracht de Luthersen met de Calvinisten te verzoenen, wat hun echter niet gelukt is. De buitenlandse theologen hebben aan de discussies flink deelgenomen en op de besluiten hun invloed doen gelden. De meesten van hen vertrokken dankbaar en voldaan om het werk dat op de Synode was verricht.
Dordrecht
Waarom te Dordt? De stad was door de Staten-Generaal aangewezen. Aanvankelijk was ook Den Haag en Utrecht genoomd. Maar. .. . Koning Jacobus van Engeland was zeer tegen Utrecht gekant, omdat hij zei dat Utrecht een stad was die altijd muiterij en oproer verwekt had. Dordrecht had de voorkeur omdat het de oudste der Hollandse steden was, die in cle Staten van Holland ook altijd het eerst stemde. In de Kloveniersdoelen was een grote bovenzaal die geschikt was voor een dergelijke synode. Een grote haard brandde er de gehele dag en bovendien kreeg iedere afgevaardigde een stoof met gloeiende kolen aangeboden!
Entourage
Bij de opening van de Synode moesten eerst twee problemen opgelost worden: de betaling van de onkosten en de plaatsenverdeling. Als de vergadering voltallig was, waren er 80 mannen aanwezig, die allen goed onthaald moesten worden. De Republiek had de kosten van de Synode op zich genomen, enze is hierin niet karig geweest.
De verdeling der plaatsen is bron van heel veel moeilijkheden geweest, want men had rekening te houden met rangen en standen, die zorgvuldig waren onderscheiden; en aan niemand mocht men eerbewijs te kort doen. Men onderscheidde daartoe tussen plaatsen en ereplaatsen. Toen allen hun plaats ontvangen hadden, kon de vergadering be-ginnen.
De strijd met de Remonstranten
Pas op de 5e december waren de Remonstranten verschenen en kon de strijd geopend worden. Waarom hebben zij tot het uiterste gewacht? Zij hebben eerst een „veldplan" ontworpen, hoe op de Synode te handelen. Bij dc komst van de remonstranten was de Synodezaal meer dan gevuld met toehoorders. De voorzitter Bogerman hield de remonstranten voor, eerst te discussiëren over de leer der verkiezing en dan over die der verwerping. Maar alle toenadering mislukte; het kwam meer en meer openbaar, dat de remonstranten door hun onwillige houding de Synode tot een mislukking wilden laten worden. Toen het ook niet gelukte de remonstranten door ondervraging tot antwoorden te dwingen, werden zij eindelijk heengezonden. Dc laatste woorden werden bulderend door de zaal geworpen: dimittimini, exite! (Gij wordt heengezonden; gaat heen).
Alle remonstranten stonden op en gingen weg; hun rol was uitgespeeld. De Synode kon nu ongestoord haar werk voortzetten. Er werd hard gewerkt om de vijf Artikelen tegen de Remonstranten op te stellen, dc zgn. Dordtse Leerregels. Ook de Nederlandse Geloofsbelijdenis en de Heidelbergse Catechismus werden onderzocht en goedgekeurd, en zo kon de voorzitter Bogerman in een plechtige slotzitting verklaren, dat de leer in geloofsbelijdenis en Catechismus vervat, naar het eenparig oordeel van alle theologen als rechtzinnig en met het Woord van God overeenstemmende, was goedgekeurd.
Slot
Zo brak eindelijk de grote dag aan, 6 mei 1619, waarop de Canones of Dordtse Leerregels plechtig afgekondigd konden worden. Dit gebeurde in de Dordtse Grote Kerk. De beide scriba's lazen haar in het geheel voor. Ds. Bogerman sprak een ernstig en lang gebed uit, plechtige toespraken volgden, 's Middags was er een grootse maaltijd. Op 13 mei werd de Synode heropend. De buitenlandse afgevaardigden waren afgereisd. De voertaal was nu hollands. Ook nu werden er gewichtige besluiten genomen.
Tenslotte . . .
De Dordtse Synode is een gezegende synode geweest, waar de zuivere waarheid zegevierde. Ook aan dit mensenwerk kleven fouten. Kerk en Staat waren nog te veel dooreen gemengd. Het Gereformeerd kerkrecht functioneerde nog niet altijd even goed. Maar toch kunnen we zeggen met de voorzitter van de gekommiteerden in zijn sluitingsrede: Niet ons, o Heere, maar Uw Naam geven wij eer.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 5 april 1968
Daniel | 16 Pagina's