In 1680 wegens pijproken uit ambt ontzet
In „Hervormd Nederland" van 10 februari I9G8 lazen we de volgende bladvuller:
„Het roken werd in de zeventiende eeuw, toen het meer en meer in zwang begon te komen, als een ondeugd en zonde beschouwd, vooral als het in het openbaar geschiedde. Een „toebacksuyger" stond in die tijd gelijk met een dronkaard van nu. In 1680 woonde in Sint Anna-ter Muiden in Zeeuws-Vlaanderen een zekere Marinus Basting. Hij was kerkeraadslid en als zodanig behoorde hij tot de notabelste ingezetenen. De tabak echter bracht zijn positie aan het wankelen want men was te weten gekomen, dat hij pijp rookte en wat nog erger was, hij deed het in het openbaar. Er werd bij de kerkeraad een klacht ingediend. Toen Marinus verklaarde, dat hij het roken niet kon en wilde nalaten, werd hij uit zijn ambt ontzet. Lange tijd hebben de predikanten tegen het „toebacksuygen" gepredikt maar toen ze zagen, dat het toch niet hielp, gingen ze zelf ook een pijpje smoken. Nog later werden zij vaak de trouwste klanten van de sigarenhandel!"
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 22 maart 1968
Daniel | 16 Pagina's