JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

ONS LAND ROND DE REFORMATIE

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

ONS LAND ROND DE REFORMATIE

6 minuten leestijd

V.

Slechts enkele jaren na het optreden van Luther ontstond een geestelijke stroming, die zich van ongeveer 1520—1550 vanuit Zwitserland in West-en Midden-Europa heeft verbreid en ook ons land als een springvloed heeft overstroomd: het Anabaptisme of de Wederdoperij. De aanhangers van deze beweging lieten zich niet in de eerste plaats leiden door de bijbel, maar door de innerlijke verlichting van de H. Geest. Dromen, visioenen en stemmen die ze inwendig gehoord hadden, hadden meer betekenis voor hen dan hetgeen God ons in Zijn Woord geopenbaard heeft.

Zij leerden een absolute tegenstelling tussen natuur en genade. De schepping, heel de natuur, is van lagere orde, is stoffelijk, vleselijk, onrein.

Bij de wedergeboorte, die geen herschepping maar een geheel nieuwe schepping is, wordt de gelovige een wezen van een andere orde, die daarom geen gemeenschap mag hebben met andere mensen, met de ongelovigen, met de wereld. Vandaar wilden zij ook een gesepareerde kerk, geheel afgezonderd van de wereld, een gemeente van enkel en alleen heiligen. Deze opvatting dat men in de wereld buiten de wereld moest leven leidde er toe dat zij op maatschappelijk gebied de overheid, de eed, de krijgsdienst en soms zelfs de huwelijksband verwierpen en geen ander wetboek erkenden ROND DE R dan de bijbel.

Zij bestreden ook de kinderdoop; op grond van Marcus 16 : 16 („Die geloofd zal hebben en gedoopt zal zijn, zal zalig worden") eisten zij dat met de doop moest worden gewacht tot de dopelingen getuigenis van hun geloof konden afleggen. Wie reeds gedoopt was in een andere leer, werd herdoopt (wederdopers).

Hun vaag en idealistisch beeld van de tijd der eerste christengemeente dreef hen in de richting van een christelijk communisme: ze wilden dan ook afschaffing van het privaat bezit.

Vandaar dat de beweging veel aantrekkingskracht uitoefende op de armen en berooiden onder het volk. Ze verspreidde zich dan ook vooral in de Hollandse steden (Amsterdam, Leiden, Haarlem), waar toen de welvaart ernstige schade leed door de achteruitgang van de textielnijverheid en de moeilijkheden met de handel op de Oostzee.

Al is de Wederdoperij beslist geen reformatorische stroming naast Lutheranisme en Calvinisme, toch werd ook zij vreselijk vervolgd door overheid en kerk. De Wederdopers verdroegen alle vervolgingen en lijden met geduld en lijdzaamheid.

Zij wilden leven in gehoorzaamheid aan de Bergrede en weerloze schapen ter slachting zijn. In het jaar 1530 kwam er een wending in de geschiedenis van het Anabaptisme. De beweging die zich aanvankelijk kenmerkte door een mijding van het geEFORMATIE wone, aardse, kerkelijke en staatkundige leven en een zich opsluiten in een kring van volmaakte vromen, sloeg om in een revolutionaire actie, die zich keerde tegen de bestaande staatsorde en kerk. Onder de druk van de vervolging ontstonden chiliastische verwachtingen: het geloof aan de aanstaande ondergang van de wereld, gevolgd door een duizendjarig rijk van vrede en zaligheid voor de uitverkorenen. In de laatste dagen, voordat het hemelse Jeruzalem op aarde zou komen, moesten de gelovigen naar het zwaard grijpen om de tegenstander te verdelgen. De verkondiger van deze leer was Melchior Hoffmann, een bontwerker van beroep, een geboren volksmenner. Afkomstig uit Zwaben had hij rondgezworven door Lijfland, Zweden, Straatsburg, Oost-Friesland en ons land: in 1530 vertoefde hij in Amsterdam. Hij gaf zich uit voor Elia, de profeet die aan de jongste dag zou voorafgaan en kondigde het wereldgericht aan tegen 1533. Toen hij in dit jaar naar Straatsburg terugkeerde in de verwachting dat hier het nieuwe Jeruzalem zou neerdalen, werd hij gegrepen. Na tien jaar in harde gevangenschap te hebben gezucht stierf hij aldaar in de kerker.

Het zaad dat hij uitgestrooid had was intussen welig ontkiemd. De profetenmantel van Melchior Hoffmann ging over op de Haarlemse bakker Jan Matthijsz. Hij beweerde Henoch te zijn, de tweede profeet van het einde der wereld. Hij pro-

feteerde dat de Heere Straatsburg had verworpen, en Munster als zetel van het nieuwe Jeruzalem had aangenomen. Zich beroepend op openbaringen en gezichten betoverde hij de Wederdopers die hem tot hun bisschop aanstelden. Hij verkoos 12 apostelen, die hij overal rondzond om de gelovigen op te roepen om te komen naar het nieuwe Jeruzalem, waar het rijk van vrede en gerechtigheid zou aanbreken. De bisschop werd uit de stad Verdreven en onder leiding van Jan Matthijsz e.a. werd het „koninkrijk Sion" opgericht. Zijn heerschappij duurde echter slechts kort. De bisschop van de stad sloeg het beleg om Munster en toen Matthijsz met 20 man de stad uittrok om als een tweede Gideon het gehele leger van de bisschop te verdrijven, werd de dweper neergeslagen en in stukken gehouwen. Zijn opvolger, Jan Beukelsz, die in Leiden kleermaker was geweest, liet zich nu uitroepen tot „Koning van het Rijk van Sion." Met de koningskroon op het hoofd, een gouden keten om de hals, waaraan een wereldbol hing, hield hij rechtszitting op de markt, waar de troon van David stond opgericht. Hij trachtte zijn macht uit te breiden over enkele andere steden. Maar de „wereldheerschappij" van „Jan de Rechtvaardige op het gestoelte Davids" bleef beperkt tot Munster. Wel stroomden van alle kanten aanhangers naar Munster, vooral uit Holland.

In ons land was sedert 1530 het Anabaptisme sterk Uitgebreid. In sommige Hollandse steden behoorde wel een vijfde der bevolking tot deze beweging. In Amsterdam, het geestelijk middelpunt, liepen geestdrijvers langs de straten met de kreten „Wee, wee! doet boete en gaat naar Munster, dat aan de kinderen Gods is gegeven."

De samenleving van „de kinderen Gods" te Munster verliep tot een toneel van dwaasheid en razernij, zoals de geschiedenis zelden vertoond heeft. Had Jan Matthijsz reeds de gemeenschap van goederen ingevoerd, Jan Beukelsz voerde veelwijverij in: het leidde tot droevige, zedeloze uitspattingen, zelfs tot naaktloperij.

De „koning" hield er zelf 17 vrouwen op na, waarvan hij er eigenhandig één heeft onthoofd, waarbij de andere vrouwen in een kring er omheen staande, zongen: De hoge God alleen zij eer! Zijn heerschappij ontaardde spoedig in een huiveringwekkend schrikbewind.

Intussen kreeg de bisschop, die meermalen Munster tevergeefs bestormd had, hoe langer hoe meer hulp van naburige vorsten en steden. In 1535 moest de totaal uitgeputte en uitgehongerde stad zich overgeven. De leiders der Wederdopers werden ter dood gebracht; de lijken van Jan Beukelsz. en twee van zijn meest verknochte trawanten werden in ijzeren kooien opgehangen in de toren van de St. Lambertuskerk, tot aas voor de raven.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 9 februari 1968

Daniel | 16 Pagina's

ONS LAND ROND DE REFORMATIE

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 9 februari 1968

Daniel | 16 Pagina's