ONS LAND ROND DE REFORMATIE
Nu we de geschiedenis van de Kerkhervorming hebben behandeld willen we nagaan welke invloed ze in ons land heeft uitgeoefend. We zullen echter eerst een religieuze beweging belichten clie op het einde van de veertiende eeuw ontstaan is in de IJselstreek; de Moderne Devotie. Deze beweging", waarvan de naam misschien het best kan vertaald worden als hedendaagse toewijding (aan God), heeft een hervorming binnen de Kerk nagestreefd en toont soms raakpunten met de Reformatie.
De vader van de Moderne Devotie was Geert Grote, die in 1340 te Deventer werd geboren. Zijn vader was een aanzienlijk burger van die stad en lid van het stedelijk bestuur aldaar. Toen hij 15 jaar oud was, ging hij naar de universiteit te Parijs en behaalde daar r.a drie jaar de titel Magister Artium (meester in de vrije kunsten). Daarna bleef hij nog ongeveer tien jaren in de Seinestad en. studeerde er theologie en rechtswetenschappen.
Teruggekeerd in Deventer als een groot en alzijdig geleerde verwierf hij enkele kerkelijke ambten, die hem in staat stelden op grote voet te leven. Volgens zijn latere levensbeschrijvers uit de kring der Moderne Devotie gaf hij zich in deze tijd over aan wereldse genoegens en bewandelde hij in alle opzichten , , cle brede weg der wereld". Zelf heeft hij later van deze tijd getuigd met het bijbelwoord van Jeremia 2 : 20: Onder iedere groene boom en op iedere hoge heuvel heb ik gehoereerd".
| DE MODERNE \ DEVOTIE { >
De waarschuwingen schijnen hem niet ontbroken te hebben: een kluizenaar uit Praag zou hem hebben voorgehouden, dat hij hem in een visioen met vurige ketenen gebonden had gezien; een Keuls boetprediker zou hem, toen hij bij een spel toekeek, verweten hebben: „Wat staat gij hier naar deze ij dele dingen te zien? Gij moet een ander mens worden". Door een ernstige ziekte, waarvan hij ternauwernood herstelde, kwam hij tot inkeer en veranderde hij zijn levenshouding geheel en al. Hij deed afstand van zijn kerkelijke ambten en inkomsten en ging in het klooster Monnikhuizen bij Arnhem. Daar bracht hij vele nachten door met waken en bidden, en werd voor zijn medekloosterlingen een eerbiedig bewonderd voorbeeld. Na drie jaar liet Geert Grote zich tot subdiaken wijden, de laagste geestelijke waardigheid clie nodig was voor het predikambt (het priesterschap achtte hij zich onwaardig). Dit ambt heeft hij slechts vier jaren uitgeoefend, maar in die korte tijd heeft hij de religieuze beweging uit de IJselvallei een uitbreiding gegeven over bijna geheel Neder-
land en grote delen in Duitsland. Onbarmhartig bestreed hij de misbruiken in Kerk en Maatschappij en bestrafte hij de geestelijken om hun vaak ergerlijke levenswandel. De indruk, die de in de volkstaal predikende boetgezant maakte, was verpletterend. Weldra ging zijn roep voor hem uit. Wanneer een van zijn jongeren, die hem op reis vergezelden, door middel van aanplakbiljetten had doen weten waar en wanneer meester Geert zou spreken, dan stroomde de hele bevolking in de kerk of op het kerkhof erom heen samen. Men luisterde gespannen twee, soms drie uur achtereen naar zijn boetprediking. Ja, wanneer er een tweede preek op dezelfde dag werd aangekondigd bleven vele wachten om hun plaats niet te verliezen, terwijl de prediker biddend en mediterend tussen de graven heen en weer liep. Steunend op zijn veel omvattende kennis van evangeliën en kerkvaders en zijn bijzonder sterk geheugen, sprak hij improviserend. Thomas a Kempis vermeldt: af en toe liet hij zijn blikken over zijn gehoor dwalen en hij richtte zijn rede in en spitste zijn vermaningen toe al naar de indruk die hij van de luisteraars kreeg. Veelvuldig waarschuwde hij zijn talrijke toehoorders voor het eeuwig verderf, riep hen op tot innerlijke bekering, tot cte navolging van Christus en tot voorbereiding op het eeuwige leven. Het gevolg van zijn kritiek op de geestelijkheid was dat enige geestelijken de bisschop van Utrecht wisten te bewegen hem het preken te verbieden. Enige maanden later riep hij bij een bezoek aan een dooide pest aangetaste vriend zelf de gevaarlijke besmetting op.
Hij stierf binnen enkele dagen, nog geen vier en veertig jaar oud.
Toen Geert Grote in 1374 naar het klooster was gegaan, had hij zijn huis in Deventer ter beschikking gesteld van arme vrouwen, die een vroom en aan God gewijd leven wilden leiden: de Zusters van het Gemene Leven (gemeen leven wil zeggen: uit een gemeenschappelijke kas). Op zichzelf was dit in die tijd geen nieuw of ongewoon verschijnsel: de sociale verzorging was in de middeleeuwen uiterst gebrekkig en voor vrouwen die niet trouwden was het bestaan dikwijls heel moeilijk. Vaak gingen ze, om maatschappelijk sterker te staan, bij elkaar wonen en ook dikwijls samenwerken.
Hun arbeid bestond vooral uit weven en spinnen.
Enkele jaren later werd ook een broederhuis gesticht, op soortgelijke wijze georganiseerd: de Broeders van het Gemene Leven. Door het overschrijven van boeken (de boekdrukkunst was nog niet uitgevonden) voorzagen ze in hun gemeen schappelij k onderhoud. Daarnaast deden ze veel aan bijbelonderzoek, gingen de straat op, predikten, gaven onderwijs en waren kort gezegd veel met de zielzorg bezig.
Er is enige overeenkomst van het broederhuis met een klooster; de Broeders legden echter geen geloften af en konden vertrekken wanneer ze wilden. Het aantal broeder-en zusterhuizen groeide snel: in de eerste helft van de vijftiende eeuw waren er reeds 87, die in het buitenland inbegrepen. Daarenboven had Geert Grote op zijn sterfbed de raad gegeven tot kloosterstichting over te gaan, hetgeen reeds drie jaar na zijn dood plaats vond te Windesheim, in de buurt van Zwolle: de Congregatie (kloosterorde) van Windesheim.
In 1500 telde de beweging reeds meer dan 100 kloosters, waaronder 13 voor vrouwen.
Een volgende maal willen we iets zeggen van het dagelijkse leven der Moderne Devoten, alsmede iets over enkele belangrijke vertegenwoordigers van deze beweging.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 november 1967
Daniel | 16 Pagina's