Het celibaat
Het celibaat Groot is do teleurstelling in rooms Nederland over de encycliek van de paus, waarin nog eens duidelijk gesteld wordt dat het celibaat voor de priesters verplicht dient te blij ven. Uit de kritiek die van verschillende kanten geoefend wordt is wel duidelijk dat er in de rooms-katholieke kerk iets aan het veranderen is. Rome en de paus hebben niet dat volstrekte gezag meer dat ze tot voor enkele tientallen jaren hadden. Dat de paus bovendien deze encycliek heeft uitgegeven vlak voor de bisschoppenconferentie die de paus over verschillende dingen moet adviseren, heeft veel kwaad bloed gezet, zo lees ik in de N. Haagse Crt. En dan worden verschillende stemmen geciteerd:
„Ik erger me vooral aan de procedure. Aan het tot stand komen van deze encycliek is geen open overleg met de wereldkerk voorafgegaan, terwijl dat toch wel gepraktiseerd wordt voor zaken als
de liturgie." Deze uitspraak van dr. W. Goddijn, directeur van het Pastoraal Instituut van de Nederlandse Kerkprovincie en secretaris van het pastoraal concilie, ontlenen we aan De Volkskrant, die evenals De Tijd rooms-katholieke geestelijken naar
hun mening heeft gevraagd. Hij gaat voort: „Nu het gaat over een zaak waar het menselijk geluk van velen rechtstreeks mee ge/noeid is, blijft het overleg achterwege. Tijdens het Vaticaans concilie mocht het celibaat niet aan de orde komen. De meningsvorming ging intussen door. En nu ineens deze tekst, die blijkbaar alle discussie wil stopzetten. Is dit nu een post-conciliaire houding? "
„Uitgerekend de groep gelovigen die zich het meest gebonden weet aan de kerk, wordt op deze wijze onderworpen aan een procedure, die hen onmachtig maakt. Ik houd mijn hart vast voor onze grootseminaries. Onmachtig zijn in zekere zin ook de bisschoppen. Toch zullen die van zich moeten laten horen. En de discussie gaat natuurlijk toch door, ook buiten Neder-
land." Drs. R. Bunnik, leraar aan het klein-seminarie te Apeldoorn, vindt het een vervelende zaak. „Natuurlijk viel er geen verandering te verwachten in de traditionele toestand. Maar de tekst rammelt duidelijk, waar het over de argumentatie gaat. En het is minstens onelegant het vraagstuk uit de vingers van het Vaticaans concilie te houden om het probleem daarna op eigen houtje op te lossen."
Voor de lichamelijke huwelijksbeleving werd tenminste een commissie benoemd om de zaak van alle kanten te bekijken. Bovendien zit op deze manier de bisschopssynode in september ook klem. Willen de bisschoppen het vraagstuk, dat niet op de agenda staat, toch aansnijden, dan moeten ze zich nu rechtstreeks tegen de paus opstellen."
Psychologisch zit de sfeer voor een eerlijke discussie daarmee helemaal fout. Het is overigens een positie, waar de paus zichzelf in gemanoeuvreerd heeft. Toch zal hem duidelijk gemaakt moeten worden dat dit na het Vaticaans concilie niet meer kan. Dat is dan een karwei voor onze bisschoppen, dat niemand hun hoeft te benijden. Ik verwacht dat ten gevolge van deze encycliek de discussie niet zal ophouden, eerder nog veel feller zal worden. Het hele gezagsprobleem zal nu aan de orde komen."
„De onverbrekelijke verbinding tussen celibaat en priesterschap is naar mijn overtuiging een in wezen overwonnen zaak", meent prof. P. van Leeuwen, hoogleraar te Nijmegen.
Het is geen principieel punt meer, evenmin als bijvoorbeeld de geboortenregeling. De vraag is alleen nog maar, op welke wijze de overgang naar een nieuwe vorm van priesterschap zal moeten verlopen. De houding van Rome beantwoordt niet meer aan de opvattingen omtrent het verplichte priestercelibaat, zoals die in grote delen van de kerk leven."
Mr. drs. Meyers, voorzitter van de kerkelijke rechtbank van het bisdom Den Bosch, spreekt over „achterhaalde argumenten, overgoten met termen die dienen om de façade van een in Italië nog als ideaal gezien priesterbeeld overeind te houden". Hij doelt op „holle" woorden als „het celibaat is een flonkerend juweel" en „heilig celibaat." —
Het is wel duidelijk dat de paus van Rome met zijn Italiaanse adviseurs een gevaarlijk spel aan het spelen is. Ook komt wel openbaar dat de eenheid bij Rome slechts een „uitwendige" eenheid is. Met belangstelling volg ik de ontwikkeling in deze zaak.
(Geref. Weekblad).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 augustus 1967
Daniel | 16 Pagina's