De bondschap van Joël
Dc boodschap van Joel I) Dc directe aanleiding tot de bocteprediking.
We hebben al eerder gezien dat de profeten maar niet louter beschrijven en voorspellen, maar dat hun woorden gericht zijn op mensen in concrete situaties, dat ze ingang willen vinden in het hare en leven van het volk. Ze gebruiken daartoe beelden, gelijkenissen of gebeurtenisen uit verleden, heden en toekomst. Zo ook hier: oël 1 : 14 zegt: Heiligt u een vasten, roept een verbodsdag uit" en 2 : 12: Bekeert u tot Mij." Geen bespiegelingen dus, maar bevelen en beloften, beloften en bevelen. Hier in Joël gebruikt de Heere als aanleiding het beeld van dc sprinkhanenplaag. En dat beeld zal Joëls tijdgenoten meer hebben aangesproken dan ons. Niet alleen omdat wij in onze gewesten nauwelijks weten wat zo'n ramp is, maar vooral omdat Joël toch wel wat profeteert tijdens zo'n sprinkhanenplaag. Om een indruk te krijgen van zo'n nietsontziende verwoesting die zo'n ongedierte-O O menigte aanrichtte, moet U Joël 1 en 2 (tot vers 10) eens na lezen. Niets bleef gespaard. Hfd. 1 : 6 noemt die sprinkhanen een volk, machtig cn zonder getal, met leeuwentanden. Alle landerijen zijn kaal gegeten, zodat koren, druiven noch olijven kunnen worden geoogst. Het hele land heeft zo'n gebrek aan voedsel dat er zelfs geen spijsoffers cn drankoffers meer in de tempel kunnen worden gebracht (1:9 en 13). Het is alsof een hevige brand heeft gewoed en alle vrucht verteerd heeft (1 : 19). Ook gebruikt Joël het beeld van de droogte (1 : 20), een bekend verschijnsel cn motief in het oosten. Hfd. 2 tekent de bedreiging van de stad door het ongedierte. Als een goed gedisciplie Bijhei ^ neerd leger met paarden cn ruiters trekken ze op (2 : 4, S, 9).
In 1 : 15 en 2 : 10 ziet de profeet door het beeld van de plaag heen; nu ziet hij „tot op" de Dag des Heeren.
2) De ganse schepping zucht.
Op zeer indringende wijze wisselt Joël beschrijving en oproep af: de sprinkhaan heeft afgegeten. ..., waakt op gij dronkenen, kermt als een jonkvrouw; de offers zijn weggenomen, de priesters treuren...., omgordt u, gij priesters. Niet alleen ieder, maar alles treurt en zucht: de wijngaardeniers huilen, de vrolijkheid is verdord, het vee zucht, de schaapskudden zijn verwoest. Dit alles is te lezen in het licht van vs. 15: „De Dag des Heeren is nabij en zal als een verwoesting komen van de Almach-
tige". Joel ziet Gods almachtige arm achter de plaag, als de arm van het gericht en het oordeel. De profeet zucht en roept met alle schepselen mee (19). Niet in een wanhoopskreet echter, want Joel wist dat de Ileere liet is die slaat, maar ook heelt: Tot U, o Ileere, roep ik." Zelfs de beesten van het veld schreeuwen tot de Heere (20) —, denkt eens aan Ps. 42, waar dezelfde woorden gebruikt worden! Ergens vond ik de verwijzing naar Rom. 8 : 19—21: Want het schepsel als met opgestoken hoofd, verwacht de openbaring der kinderen Gods.... Want wij weten, dat het ganse schepsel (de ganse schepping!) te zamen zucht, en te zamen in barensnood is tot nu toe." Dat is een treffende overeenkomst! Zowel Paulus als Joël spreken immers over de zuchtende schepping in verband met de eindtijd. Bij Joël heet dat „de Dag des Heeren" en bij Paulus „de heerlijkheid die aan ons zal geopenbaard worden."
3) De aard van de boete.
De sprinkhanenplaag en dc Dag des Heeren zijn beide evenzeer geriehtsoefeningen van God: e Ileere Zelf richt en komt richten: En de Heere verheft Zijn stem voor Zijn heir henen, want Zijn leger is zeer groot, want Hij is machtig, doende Zijn Woord; want de Dag des Heeren is groot en zeer vreselijk en wie zal hem verdragen? " (2 : 11). Al wie dc Naam des Heeren zal aanroepen, die zal die Dag verdragen, doorstaan (vgl. 2 : 32)! Al wie zich met zijn gehele hart, verstand, gevoel, en wil tot God wendt, die wordt ook nu gespaard, zegt Joël. Daarom roept Joël op: uden van dagen, kinderen, zuigelingen, bruidegoms en bruiden, komt bijeen en laat de priesters (de oudtestamentische bemiddelaars tot God en mens!) tot de Ileere bidden: Spaart Uw volk, o Heere, en geef Uw erfenis niet over tot een smaadheid, dat de heidenen over hen zouden heersen; waarom zouden zij onder de volken zeggen: aar is hun God? " (Vgl. Ps. 79 : 10!!). Dus het volk moet naar de priesters. Hoe? Met uiterlijk vertoon? Met zichtbare, demonstratieve vroomheid? Nee, met vasten en geklaag en geween. We moeten dat tóch weer niet als uiterlijkheden verstaan, want 2 : 13 is te duidelijk: En scheurt uw hart en niet uw klederen." Iïet betekent veeleer: olk van Juda, U kunt niets meebrengen van uzelf, geen goud of zilver, maar ook geen godsdienstige ijver of plichtplegingen, dan alleen: en verbroken hart. En zelfs dat laatste is als pleitgrond waardeloos, het heeft geen enkele verdienste, want de enige pleitgrond en oorsprong van de bekering (en ook: an het verbroken hart!) is Gods genade (13), waarover straks meer. Is het verbroken hart dan geen voorwaarde tot het verkrijgen van genadige hulp, en, zo ja, hoe kom ik daar dan aan? De tweede vraag moeten we eerst beantwoorden, dan komt de eerste vraag „op zijn plaats." Joël profeteert, Joël predikt, hij geeft het Woord Gods door en dat Woord zal nimmer ledig tot Hem wederkeren, vgl. 2 : 11. „God is machtig, doende Zijn Woord." Waarvandaan dan een verscheurd hart, waarachtig berouw, oprechte overgave, zelfbeklag en. Godsbedoeling? Van God zelf! Van Zijn Woord van gericht en genade, Wet en Evangelie. Bekering is geen voorwaarde, maar vrucht van de genade. Vrucht van God die spreekt door ZAjn Geest in Zijn Woord. Joël bedoelt niet: ls u zich nu maar diep genoeg vernedert en uw berouw nu maar oprecht genoeg is, dan mag u naar de priesters gaan om te bidden tot de Ileere. Nee, maar Joël beveelt en proclameert: Scheurt uw hart....", en dan luidt het niet: ant dan mag u in die hoedanigheid tot de Heere komen! Nee, zulke dingen zegt ons verstand, onze openlijke rechtzinnigheid of heimelijke vijandschap tegen de alles-uitsluitende verkondiging van genade-alleen.
(Wordl vervolgd)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 augustus 1967
Daniel | 16 Pagina's