JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Sympathie met Israël

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Sympathie met Israël

6 minuten leestijd

Sympathie In „De Wekker" van 16 juni 1967 lazen we het onderstaande over het volk Israël. Misschien zet het aan tot bestudering op de verenigingen, van Rom. 9-11. Het is de moeite wel waard!

„We hebben in de afgelopen weken sterk meegeleefd met Israël en we doen dat nog. In zijn strijd met heel cle Arabische wereld gaat onze sympathie naar Israël uit. En die sympathie is algemeen in heel de westerse wereld. En niet het minst in ons land.

Minister de Jong bleek in de Tweede Kamer, toen hij namens de regering zijn meeleven betuigde met het benarde Israël, te spreken namens heel het volk.

Trouwens ook de aanbiedingen van financiële en andere steun van talloos velen waren daarvan het bewijs.

Het Joodse volk, dat in de afgelopen oorlog zo onnoemelijk geleden heeft en dat onder de allermoeilijkste omstandigheden zichzelf weer een thuis veroverd heeft in het oude vaderland, verdient die steun. Men moet er niet aan denken dat dit kleine, maar dappere volk opnieuw onder de voet zou worden gelopen en aan vernietiging prijs gegeven.

Het staat vast, dat dit het lot van het met Israël Joodse volk zal zijn, als Egypte zijn kansen krijgt. Nasser met zijn dwaze dreigingen en brallende propaganda is een tweede Hitler. En zijn Jodenhaat is geen haar minder.

De eeuwen door is Egypte de aartsvijand van Israël geweest. Het is al begonnen in het Egyptische slavenhuis, waaruit God het volk op een bijzondere wijze heeft verlost.

En het is alsof vandaag de woorden van de oude profeet Jeremia weer aktueel worden: Egypte komt opzetten als de Nijl, terwijl de wateren bruisen als rivieren, en zegt: prukken zal ik, ik zal de aarde overdekken, ik zal verdelgen steden met inwoners en al (Jer. 46 : 7).] Statenvertaling gebruiken. Jer. 46 : 8.

Heeft Nasser niet gezegd, dat hij al de Joden wil vernietigen?

Allen, die zich deze taal uit de laatste oorlog herinneren en die gezien hebben wat daarvan het resultaat was in de gaskamers van het Derde Duitse Rijk, huiveren bij zulk een taal en hopen op en werken mee voor de redding van het Joodse volk.

Inmiddels vecht dit volk op bewonderenswaardige wijze voor zijn eigen bestaan en veiligheid. Geen wonder dat dit volk de sympathie van de velen heeft.

Voor ons als christenen heeft deze sympathie zelfs nog een diepere ondergrond. Wij zien in het Joodse volk nog altijd de nazaten van Abraham, Izaak en Jakob. En hun God is onze God. Dezelfde als de God en Vader van de Heere Jezus Christus. De God die tot ons spreekt in het oude Testament — de openbaring van God, die wij via Israël hebben ontvangen, is dezelfde God die Zich aan ons openbaart in het Nieuwe Testament. Op elke bladzij van de Bijbel worden wij aan Israël herinnerd. Ook onze Heiland was naar het vlees uit het. zaad van Abraham.

Middelijkerwijs danken wij de kennis van God aan Israël. Het heil, waarin ook wij mogen delen, is uit clc Joden.

Bovendien geloven wij, dat er ook nu nog voor het Joodse volk beloften zijn van God. Israël heeft Zijn Messias verworpen, is verdreven uit zijn eigen land, heeft door de geschiedenis heen een zware lijdensweg moeten gaan.

Men heeft de Joden wel afgeschreven. Men heeft beweerd dat er geen bijzondere beloften meer voor hen zijn. Dat de christelijke kerk hun plaats heeft ingenomen. Christenen hebben zelfs wel meegedaan aan de verdrukking van het Joodse volk. Maar God heeft dit volk niet afgeschreven. Er zijn nog beloften voor Israël.

De apostel Paulus zegt, dat de genadegaven en de roeping Gods onberouwelijk zijn. Nog zal God Zich over Zijn oude bondsvolk ontfermen. Hun vijandschap en onwil heeft Gods liefde niet kunnen teniet doen.

Toen in 1948 de staat Israël werd uitgeroepen en de Joden na een zwerftocht van meer dan 15 eeuwen weer in eigen land een thuis vonden, was de hele wereld verbaasd. Maar de christenen zochten hun Bijbel op. En de vraag werd aktueel: heeft God nog een bedoeling met Israël? Hebben wij de Bijbel verkeerd gelezen? Is de vestiging van de staat Israël nog een vervulling van de oude beloften van God?

Gods Woord werd door christenen nu op veel plaatsen anders gelezen. Wat wil God met Israël? Is de vestiging van de staat Israël een daad Gods of een daad van mensen? Als het een daad van God is kan geen Nasser daar iets aan veranderen. Maar de Schrift spreekt toch ook van de bekering van Israël? En daar ziet men nog niets van. Er is geen geloof in de Christus der Schriften.

Men krijgt de indruk dat de Joden de verbeten strijd tegen de Arabische wereld vooral strijden vanuit een geloof in eigen geschiedenis en toekomst. Maar we blijven hopen en bidden. We bidden voor Israëls overwinning en veiligheid, maar ook voor zijn bekering.

Dan gaat de wereld nog wat anders beleven, als Israël komt tot het geloof in Christus, dan dat zij nu daaraan beleeft. Paulus zegt: Betekent hun val rijkdom voor de wereld en hun tekort rijkdom voor de heidenen, hoeveel te meer hun volheid (Rom. 11 : 12).] Statenvertaling gebruiken. Door het ongeloof van Israël is het evangelie tot de heidenen gekomen. Israëls val en tekort werd cle wereld ten zegen. Hoeveel te meer zal dan hun volheid, als Israël komt tot het geloof in Christus — zegt Paulus — de wereld ten zegen zijn. Daar moeten we om blijven bidden. Verleden zondag zijn in alle kerken bidstonden voor Israël gehouden. Er is gebeden om de veiligheid en het bestaan van het Joodse volk. Maar het gebed om bekering mag niet vergeten worden.

Onze sympathie voor Israël gaat dieper dan een nationale alleen, zij is geestelijk van aard.

We zijn dankbaar dat we als kerken in de persoon van Dr. Boertien in Israël meer dan slechts onze sympathie hebben kunnen brengen, maar ook een boodschap, de boodschap van het evangelie. Want het gaat niet alleen om het nationaal, maar ook en vooral om het geestelijk behoud van Israël.

De meeste Joden staan daar nog ver vandaan. Maar God is machtig om ook de doden levend te maken. En we hopen en bidden dat ook voor Israël alle dingen ten goede mogen meewerken.

Wc lezen in de Bijbel dat het oude volk Israël dikwijls in de nood zijn God weer mocht zoeken en vinden. Moge de nood van Israël hun geestelijk ten zegen zijn".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 juli 1967

Daniel | 16 Pagina's

Sympathie met Israël

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 juli 1967

Daniel | 16 Pagina's