Rome en de aflaat
Is Rome veranderd? I-Iet samengaan met Rome wordt van protestantse zijde meer en meer gepropageerd; er worden huwelijken gesloten in protestantse kerken met roomse priesters samen en vaak worden reformatorische kansels door de dienaren van Rome beklommen.
Rome zou van zijn kant soepeler zijn geworden en meer de reformatorische kant uitgaan. Luther is lang zo'n erge ketter niet meer als hij geweest is. Maar pas op!
Dat Rome nog even scherp staat tegenover de Reformatie, moge blijken uit de apostolische constitutie „over de leer der aflaten", die dezer dagen is gepubliceerd. De aflaatpraktijk — waar Luther zo fel tegen fulmineerde — blijft volgens deze publicatie, ten volle gehandhaafd. Het punt van cle leer der aflaten werd op een van de laatste dagen van het concilie te Rome, met toestemming van de paus door de curie nog op de agenda geplaatst. Bij de discussie waren sommige bisschoppen hierover slecht te spreken; zij voerden aan dat het op dit concilie ook en vooral ging om een betere verstandhouding te scheppen tussen rooms-katholieken en protestanten en dat de handhaving van de aflaten de pogingen tot betere betrekkingen met de protestanten zou ondermijnen Volgens hen was het beter de aflaat totaal af te schaffen.
Het principe van de aflaat (een gehele of gedeeltelijke
kwijtschelding door de kerk van „tijdelijke straffen" voor beleden zonden) is in de constitutie ten volle gehandhaafd. Alleen de normen voor het verwerven van aflaten zijn gewijzigd.
Zo zal b.v. gedeeltelijke aflaat niet langer worden aangeduid in termen van een bepaald aantal dagen of jaren. De roomse kerk zal voortaan een kwijtschelding van straf verlenen „in de mate als God zal doen."
Vroeger was het zo, dat iemand meerdere aflaten voor verschillende zonden per dag kon verwerven door het bezoeken van meerdere kerken of door voor de paus te bidden. Nu zullen aflaten slechts eenmaal per dag kunnen worden verdiend. Ook is het bezoek aan een kerk op zichzelf geen middel meer om een aflaat te bekomen. Voorheen was het aan speciale priesters om kralen van een rozekrans medailles en kruisbeelden te wijden, die als aflaat konden worden gebruikt. Thans kan deze wijding door iedere priester geschieden.
Het Vaticaan te Rome heeft medegedeeld, dat veertien nationale bisschoppenconferenties zich tegen deze nieuwe regeling hebben uitgesproken; de constitutie kreeg echter de steun van 64 nationale bisschoppenconferenties.
Rondkijker wil hiermee signaleren, dat Rome nog precies dezelfde is gebleven als in 1517, toen de aflaatkramer Tetzel beweerde dat het rode aflaatkruis, met het wapen van de paus er op, dezelfde kracht had als het kruis van Christus. Het is anno 1967 nog als toen: berouw of boete, of leed over de zonde is niet nodig, als men een aflaat heeft is dit voldoende. „Al had iemand de maagd Maria onteerd" — aldus Tetzel — „zou de aflaat hem ook die zonde vergeven."
Dwars tegen Tetzel in verklaarde Luther in zijn stellingen die hij aan de slotkerk te Wittenberg sloeg: „Als onze Heere en Meester Jezus Christus spreekt doet boete, het Koninkrijk der hemelen is nabij gekomen, heeft Hij gewild dat geheel het leven der gelovigen boete zal zijn." En in de 32ste stelling zegt hij: „Wie door aflaatbrieven van zijn zaligheid meent zeker te zijn, zal met zijn leermeester eeuwig verdoemd zijn."
Door de publicatie „over de leer der aflaten" blijkt dus duidelijk dat Rome van onze eeuw niet is veranderd, maar dezelfde is als in 1517, toen Luther zijn 95 stellingen tegen het rpomse on-en bijgeloof aansloeg. Zal protestants Nederland uit deze publicatie nu wat leren? Wij hopen het.
Rondkijker.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 januari 1967
Daniel | 16 Pagina's