Eén dag in Uw huis
Ons gesprek hierover
Wij, jongeren
Zoals we gezegd hadden beginnen we nu aan een nieuwe serie. We hebben gezocht naar een onderwerp dat aansloot bij de vragen die je nogal eens kunt horen in gesprekken en op verenigingen en zo. We dachten toen aan de zondag. Niet zozeer de zondagsviering in haar geheel, maar vooral de kerkdienst en alles wat daarmee samenhangt. Eigenlijk ligt dit onderwerp heel voor de hand, omdat we het nu een jaar lang over ons dagelijks werk gehad hebben. En dan nu de zondag!
Onze kerkdienst
Maar het is altijd veel moeilijker om over de kerkdienst en vooral de preek te praten. Toch mogen we niet om de vragen hierover heenlopen. liet is goed om nu samen ook over déze dingen na te denken.
Want wie vraagt zich niet eens af: waarom zijn onze kerkdiensten vaak zo anders dan in andere kerken? Waarom duren ze langer en waarom wordt in de preek zo vaak een andere taal gebruikt dan in het gewone leven? Waarom zingen wij in de kerk nu alleen psalmen en geen gezangen? En waarom wordt de collecte bij ons onder het zingen gehouden? In andere kerken krijgt de „dienst der offerande" een aparte plaats. Hoe is dit alles zo gekomen? En de preek zelf. Ook in onze kringen en binnen onze gemeenten kan die prediking soms zo verschillen. De manier waarop, het uitleggen van de tekst, de toepassing blijkt niet altijd eender. Iiet eigen geestelijke leven van de predikant blijkt vaak mee te spreken. En ook zijn ontwikkeling, zijn inzicht in de Schrift. En dan rijst de vraag wel eens: is alles wat dominee zegt Gods Woord en wat is nu precies Bijbels? En in gesprekken met jongeren blijkt ook telkens dat sommigen zich niet dooiUw huis de prediking voelen aangesproken. Hoe komt dat?
Dit zijn zo maar enkele vragen en problemen die het eerst opkomen. We hopen van harte dat het ons met elkaar gelukt hierover een echt goed gesprek te krijgen.
Ons gesprek hierover
Maar het onderwerp is een beetje gevaarlijk. We gaan het zo gauw over dominees hebben, hen met elkaar vergelijken of bekritiseren. Je weet, Paulus zag dat gevaar al in. Daarom schrijft hij aan de Thcssalonicenzen: „En wij bidden u, broeders, erkent degenen die onder u arbeiden en uw voorstanders zijn in de Heere en u vermanen. En acht hen zeer veel in liefde 0111 huns werks wil." Laten we daarom afspreken, dat we ons met elkaar aan deze vriendelijke raad van Paulus houden. Laten we het in deze sfeer over hun werk hebben. Zij zijn dienaars van Gods Woord. Dat houdt natuurlijk niet in dat wij hen „op een voetstuk" mogen zetten. Als de profeet Elia al „een mens van gelijke beweging als wij" was, dan zijn de predikanten dat zeker ook! Daarom zal geen enkele predikant zelf willen, dat zijn fouten en eenzijdigheden, de menselijke kant van zijn werk, ontkend worden.
Maar ons nieuwe onderwerp is vooral een heel belangrijk onderwerp. Wij die 's zondags in de kerk zitten zijn wel precies dezelfde mensen die door de week volop bezig zijn met ons werk. Maar daar in de kerk komen wij als het ware voor Gods Aangezicht. Door de prediking wordt daar het hemelrijk voor ons geopend of nog gesloten. Daarom moeten we hier voorzichtig zijn in ons gesprek.
Maar we mogen er best over spreken!
Is het juist niet erg, dat er in onze gezinnen na de kerkdienst bijna nooit meer over de preek wordt nagepraat? Gelukkig kan er dan toch nog wel nagedacht worden. Hierover praten is vaak moeilijk. De ouders durven soms niet voor de kinderen cn de kinderen komen moeilijk los tegenover hun ouders. Maar uit de gesprekken bij de koffie kan ook blijken dat de preek voor kennisgeving aangenomen is. En dat is erg! Al zou iemand maar zeggen wat hij moeilijk gevonden heeft die morgen. Wat begreep je niet? Of met welke vragen ben je blijven zitten? Vond je het fijn in de kerk? Of voelde je je er eigenlijk buitenstaan? Over deze dingen kunnen we toch eerlijk praten!
Niet alleen de preek
Zo ongemerkt zijn we nu in dezelfde fout vervallen die we zo vaak maken. We zouden het over de kerkdienst hebben, maar het ging ook nu al bijna alleen over de preek. En die prediking is ook het belangrijkste. Maar niet het enige! En daarom wilden we in deze nieuwe serie juist ook eens die andere onderdelen van de eredienst nagaan. Waarom geeft een ouderling de dominee een hand? Zeggen ons die eerste woorden nog iets: „Onze hulp...."? Wat betekent de zegen die de dominee uitspreekt? En is een leesdienst, waar dat niet gebeurt, een volwaardige kerkdienst? En verder, weten we wel wat we zingen? Kan je wel meezingen als je de inhoud van de psalm niet beleeft? En dan de collecte. Is een kwartje geven offeren? En heeft het nog wel zin om te collecteren voor armen? Komt de gemeente in onze liturgie niet te weinig aan het woord?
Zo hebben we al heel wat vragen gesteld. We willen nog eens met nadruk zeggen dat wij ook op alle vragen geen pasklaar antwoord hebben. Wij komen cr zelf ook lang niet altijd uit. Maar laten we met elkaar rond de opengeslagen Bijbel gaan zitten.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 januari 1967
Daniel | 16 Pagina's