WAT IS HET LEVEN?
(naar aanleiding van „Gemartelde aarde" van Martien Beversluis)
In de 20ste jaargang van „Daniël", nummer 9, werd een gedicht besproken uit de bundel „Gemartelde aarde" van Martien Beversluis. Het is het laatste werk van de dichter; het is een cyclus van drie maal dertig sonnetten.
Beversluis heeft het zich niet gemakkelijk gemaakt, door zijn verzen in de vorm van sonnetten te schrijven. Men is dan strikt gebonden aan metrum, maat en rijm. De meeste van onze hedendaagse dichters en dichteressen bekommeren zich niet om deze wetten; zij schrijven maar raak en de lezers moeten maar zien dat ze er uit komen en dan is het geen wonder dat het publiek dat geschrijf als nonsens betitelt. Voorbeelden hiervan zijn in deze rubriek al meer dan eens genoemd.
Wat de inhoud betreft van de hedendaagse poëzie, ach, wat zullen wij er van zeggen! Niet veel bijzonders. Als men precies opschreef wat er in een gedicht wordt gezegd, zou het een sober zinnetje zijn. In vele gevallen wordt in de poëzie van thans gespot met al wat heilig is en over de plaats en de bestemming van de mens horen we niets.
Laten wij daar niet verder op doorborduren, want wij komen zo gauw in herhalingen.
In het 32ste sonnet van „Gemartelde aarde" voert Beversluis de mens van deze tijd sprekende in. Die mens ziet geen doel in het leven; hem is nooit voorgehouden, dat wij door God een plaats hebben gekregen op de aarde, om naar Zijn wil te wandelen en tot eer van Zijn Naam te zijn. De massa is hiervan vervreemd en daarom kunnen wij vernemen:
De mens der massa vraagt: wat is het leven, dit kort bestaan, dit heen en weer gezwerf ? Wat kan het ons aan onverganklijks geven? Ik ben nog even onwetend als ik sterf.
Wat baat dan al dit doodvermoeiend streven dat ik mij voor dit lichaam wat verwerf? 't Wordt alles stof dit laag en 't hoog-verheven. Het leven bloeit slechts op naar zijn verderf.
En als men heeft bereikt wat men wou winnen, blijkt alles niets en ijdel, zonder zin. De sterken willen weer opnieuw beginnen en dat het weer vergaat valt hen niet in. Wat is het anders als een spel der zinnen. En 't einde is niets meer dan het begin.
Dit is een droef getuigenis van de ontgoochelde mens van onze tijd. De mens
weet niet meer wat het eigenlijke leven moet zijn en vandaar horen we in sonnet 32 de verzuchting:
Hoe leef ik eigenlijk, wakend of in dromen? 't Is alles dicht en toch is er geen wand. Wat is het doel, vanwaar ben ik gekomen? Ik lig als wier aan een omdonderd strand.
Ik zie het welven tot de verste zomen. Er is geen verder en geen overkant, want al wat is, wordt weer teruggenomen gelijk een cirkel in zichzelf beland.
De tijd, mijn bloed, ja alles moet bewegen langs vaste wetten, maar wie schiep die wet? Er is een zwart en wit, een vóór en tegen. Wie heeft dan die balans hier neergezet? Er is een raadsel om ons heen gezegen dat ons verbaast, verwart en dan verplet.
En toch leeft de mens verder, zonder na te denken. Hij tracht door zinnenstreling iets van het leven te maken en zo verloopt het leven tot de dood er een einde aan maakt. Duidelijk zegt de dichter dit in de terzinen van sonnet 33:
Het grootste deel der mensheid leeft nog voort door zich met alle zinnen vol te schenken, zonder te twijfelen zelfs, zonder te denken. Soms komt de dood ontstellend hen vóórwenken. Maar willoos blijft men als de takken zwenken door vele onzichtbre driften aangespoord.
Zoals je ziet een hele lijst. In de eerste plaats bedoeld als hulpmateriaal bij het maken van een inleiding. Je moet het niet zó zien dat de kommissie Salvo nu al het werk voor je heeft gedaan, en je deze schets alleen maar behoeft voor te lezen. Het is echt de opzet dat alle leden van de vereniging de schets hebben en dat de inleider er nog wat verder op doorgaat. Je moet tenslotte een beetje beslagen ten ijs komen op de verenigingsavond.
De prijs van deze prachtige bundel valt erg mee. Voor de somma van slechts ƒ 4, 50 wordt je er de eigenaar(esse) van.
Gewoontegetrouw zijn in het geheel ponsgaatjes aangebracht, zodat het prachtig opgeborgen kan worden in het daarvoor bestemde ringbandje. Ook deze bandjes zijn verkrijgbaar ad ƒ 3, 25.
Bestellingen op bandjes en schetsen te richten aan: Kommissie Salvo, Raiffeisenlaan 45, Utrecht. Een en ander wordt dan franko toegezonden.
NIET DOEN.
Jij zegt toch zeker niet je abonnement op „Daniël op, nu het twee kwartjes duurder is geworden? Het is tenslotte nog niet eens twee cent per week.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 januari 1967
Daniel | 16 Pagina's