ADVENT.
Heeft God vergeten genadig te zijn? (Ps. 77 : 10a)
Schrift overdenking
Dit beluisteren wij uit de mond van een bekeerde man, een kind van God, een nakomeling van de grote zangersfamilie ten tijde van Davids regering. Te oordelen naar de inhoud van de psalm is er smart en vertwijfeling, doch zodra het geloofsleven werkzaam wordt in de gemeenschap met de Heere, dan wordt het anders; dan gaat de dichter des Heeren wonderen vertellen.
Mijn tong zal mijn gemoed verzeilen En al uw wonderen vertellen.
Wie er nu precies aan het woord is, Jeremia, Habakuk of Heman dat doet er ook minder toe. Wat wel belangrijk is, is dat de dichter vertolkt wat er in zijn hart leeft en daarmee verklaart wat een ieder van Gods kinderen in meerdere of mindere mate zal ervaren, n.1. de aanvechtingen, die Gods kinderen hebben, wanneer zij de gevoelige tegenwoordigheid Gods niet gewaar worden. Maar de hand des Heeren verandert wanneer de Heilige Geest het geloof weder opricht en sterkt door gelovig werkzaam te doen zijn met de goddelijke belofte.
In de voorgaande verzen heeft de dichter zijn nood bekend gemaakt. De dichter stelt nogal wat vragen. Zou de Heere voortaan niet meer goedgunstig zijn? Houdt Zijn goedertierenheid in eeuwigheid op? Heeft de toezegging een einde van geslacht tot geslacht?
Dan komt de vraag welke thans onze aandacht vraagt n.1.: heeft God vergeten genadig te zijn? Het is zo echt menselijk! Zo goed verstaanbaar. Neen het is bij de vrager geen bespiegeling, beschouwing, of filosofie, het is de doorleving, en uitleving van zijn innerlijke zielestrijd. Dat loopt zo laag af dat hij tenslotte vraagt: Heeft God Zijn barmhartigheden door toorn toegesloten? Het zijn de zonden, het zondig bestaan die immers scheiding maken tussen God en zijn ziel terwijl de vorst der duisternis in zulke tijden zeker niet achterblijft om het zielsoog te verduisteren en innerlijk alles te verwarren, het ongeloof te voeden, ja de ziel te verschrikken. Want al bezit men goede ogen, in een duistere kamer kan men niet lezen.
Goede ogen; te kunnen lezen en de duisternis belemmert het lezen dan is er maar één oplossing: licht moet er komen.
Zo is het geestelijk ook. En dat licht des Heiligen Geestes kunnen zij zelf niet ontsteken. Daarom getuigt de kerk des Heeren.
Zend Uw licht en Uw waarheid dat die mij leiden. En komt er dan licht door Gods lieve
geest, dan wordt het pas anders, eerder niet. Advent in de kerk, de gemeente des Heeren in ons persoonlijk leven. Alles zag uit naar de komst, naar de vervulling der goddelijke belofte, naar de Messias, welke beloofd was aan de Vaderen.
De klaagzang: niet één profeet is ons tot troost gebleven.
Geen sterv'ling weet hoe lang dit duren zal!
Heeft God vergeten genadig te zijn? De vraag van de Oud Test. Kerk ten tijde dat het Kind zou komen. Dat de Heere zelf alles voor en toe bereidde om Zijn Zoon te zenden. Tot de wereld toe komt dan in beroering. Zelfs de keizer van Rome werkt er aan mee!
Heeft God vergeten genadig te zijn. Neen! toen niet, nu niet, en nooit niet! Door alle eeuwen heen heeft de Heere dat willen bevestigen. Maar omdat nu te ervaren gaat het tekstwoord altijd vooraf! Ook nu nog: wanneer komt toch die dag. Heeft God vergeten genadig te zijn?
Laten wij het eens anders stellen! De mens heeft vergeten, gelooft niet, begrijpt niet, dat de Heere zo heel anders werkt dan wij denken en dat wij vergeten, omdat wij de Heere vergeten. De Heere vergeet niets. Integendeel op Zijn tijd op Zijn heerlijke wijze komt Hij. De Heere leert de zondaar de grote les welke zo moeilijk is voor een ongeduldig hart: Wachten op Hem!
Leren Uw wil geschiede. Dat is grote genade om aan des Heeren beloften in een gelovig werkzaam leven Hem te verbeiden. Indien Hij vertoeft, verbeid Hem!
Wanneer een zondaar uitgewerkt is en uitgeschud van al zijn eigen verwachtingen dan komt de Heere aan het einde van onze berekeningen en alle verwachtingen. Zie het bij Abraham en Sara, maar het kind der belofte, Izak werd geboren. Denk eens aan Jozef in de gevangenis, toen hij het niet meer bezien kon en de schenker hem vergat
(gelukkig voor Jozef) toen heeft de Heere de deuren van de kerker geopend.
Zo geschiedde het in het leven van Zacharias en Elisabeth. Maar ook bij de herders in de landstreek van Bethlehem.
De Heere Jezus is gekomen. Gods belofte is heerlijk vervuld. Welk een onuitsprekelijke rijkdom en door Hem beloofd in de goddelijke beloften:
Ik blijf de Heere verwachten Mijn ziel wacht ongestoord, Ik hoop in al mijn klachten, Op Zijn onfeilbaar woord.
Is er nu ook lezer-lezeres persoonlijk zulk een adventsverwachting? De ware advent zal clan ook vervuld worden. Advent en Kerstfeest zijn onlosmakelijk aan elkaar verbonden.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 december 1966
Daniel | 16 Pagina's