JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Zending van de Broedergemeente

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Zending van de Broedergemeente

4 minuten leestijd

Cammerhof bezweken. bereikt een hoge ouderdom. Zeisberger

Cammerhof en Zeisberger zijn nu veilig in de schuur van het opperhoofd. Voorlopig tenminste, want je kan nooit weten wat de wilde Indianen van plan zijn.

Vanuit hun schuilplaats kunnen ze zien wat er buiten gebeurt. De Indianen houden luidruchtig feest en dan kunnen de ergste dingen gebeuren. Cammerhof is zwaar ziek; hij rilt van de koorts. Nu en dan ijlt hij en spreekt wartaal. Zeisberger vreest het ergste.

De doodzieke man hoort het gejoel van de hotsende mensen. In het schijnsel van fakkels ziet hij roodglanzende lichamen heen en weer bewegen in dolle vaart. Hij sluit zijn ogen, maar moet ze

toch weer openen. Hij kan zijn ogen niet afhouden van dat wonderlijke en dwaze schouwspel en weet niet goed meer waar hij is.

„Mariënborg", zegt hij. Hij is met zijn gedachten in zijn vaderland.

Die mensen, die zo woest heen en weer lopen, zijn de broeders en zusters in Duitsland. Zij zijn in geestvervoering. Hoor ze eens zingen! Het zijn geestelijke liederen, die gezongen worden, ter ere van Jezus.

Daar ziet hij de Heiland met zijn bloedende wonde in de zijde. Zij vieren feest, een optochtelijk feest, voor de lijdende Borg.

Kijk, daar gaat een deur open en weg draven de broeders en zusters. Het wordt een feestgelag en het ontaardt in zwelgpartijen. Is Cammerhof bij de Indianen of bij de Broeders, die zo zeer zijn afgeweken van de eenvoudige godsdienstoefeningen?

Opeens is het of hij zijn verstand terug krijgt; hij kan weer helder denken. O, dan weet hij het! Dat razende rumoer van de Indianen en de zwelgpartijen van de Broeders is een verblindende roes. Het heeft niets meer met de werkelijkheid te maken. Het is de duivel, die de mensen ophitst, hier bij het wilde volk, maar ook ginds in zijn vaderland. Beide partijen zijn mis.

Cammerhof sluit zijn ogen. Duidelijk ziet hij in een visioen Petrus in de zaal van de hogepriester. De discipel heeft zojuist zijn Meester driemaal verloochend. En nu ziet de Heere Jezus de gevallen Petrus aan.

„En de Heere Zich omkerende zag Petrus aan." Deze woorden uit de Heilige Schrift treffen het hart van de zieke Cammerhof. Hij gevoelt zich schuldig, evenals Petrus. Ook hij heeft zijn Meester verloochend, toen hij met de Broeders op een verschrikkelijk dwaalspoor was terecht gekomen. In onsamenhangende zinnen vertelt hij het aan Zeisberger.

Ondertussen is het feest opgehouden. De dorpsbewoners zijn naar hun woningen gegaan en zijn van de grote vermoeienis spoedig in slaap gevallen.

Nu wordt het tijd voor Zeisberger 0111 wat water te halen voor zijn koortsige vriend. Met grote teugen slikt de zieke het vocht naar binnen. Het verkwikt hem.

„Maar nu moeten wij hier weg", zegt Zeisberger. „Hier kunnen wij niet blijven."

Hij probeert Cammerhof op de been te helpen. Dat lukt en nu verlaten zij hun schuilplaats. Cammerhof wordt meer gedragen dan dat hij loopt, maar zijn vriend heeft blijkbaar kracht genoeg om hem weg te brengen, buiten het dorp. Gelukkig, de waakhonden merken niets. Zij slaan in elk geval niet aan en zodoende zal niemand wakkenworden.

Nog een tocht van enkele dagen ligt vóór hen, eer zij het einddoel Bethlehem hebben bereikt.

Die tocht was voor Cammerhof zijn laatste. In Bethlehem aangekomen, moest hij dadelijk naar bed; hij kón niet meer. Dit bed zou zijn sterfbed worden.

Een paar dagen vóór zijn dood, kwam een verblijdend bericht uit Mariënborg en de andere vestigingen van Wetterau. Deze vestigingen waren gelukkig opgeheven. De eenvoudige liturgie van vroeger was weer hersteld. O O En hoe ging het verder met Zeisberger? Ruim zestig jaren werkte hij onder de Indianen, zodat hij de bijnaam apostel van de Indianen verkreeg. Iiij leefde tussen de Mohikanen en Irokezcn. IIij sleep de bijlen van de mannen en gaf medicijnen voor de zieken. Bovendien schreef hij een grammatica en een woordenboek in het Irokees. Tussen New York en Buffalo stichtte hij de zendingspost „Friedenshütten"; later de post „Friedensstadt" onder de Delawa-

ren. Van lieverlee werden de Indianen, de heidense zowel als de christelijke, naar

het westen gedrongen. Zeisberger bleef de Roodhuiden trouw.

Op zestigjarige leeftijd huwde hij met een Indiaanse vrouw en was voor het volk zowel stamhoofd als leider van de kerk.

De Indianen woonden in vrede onder elkander; zij bewerkten de akkers of verzorgden de dieren. Tijdens de Amerikaanse vrijheidsoorlog bleven zij neutraal, maar moesten vanwege de verwarring een veiliger toevluchtsoord zoeken. Dat vonden ze in Canada, ten noordwesten van het Erie Meer.

Zeisberger trok mee en woonde in Fairfield, een bloeiende gemeente, die later zelfs een dochtergemeente kon stichten.

In de ouderdom van achtentachtig jaar stierf de werkzame man temidden van zijn geliefd volk.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 december 1966

Daniel | 16 Pagina's

Zending van de Broedergemeente

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 december 1966

Daniel | 16 Pagina's