DE ROEPDUIF
Welke hand heeft u genomen uit uw vrijheid naar die kluis, uit uw blijheid, om uw bomen, om dezelfde droom te dromen in uw klein getralied huis?
Nooit ziet gij de zon verrijzen als de vogels hoog in 't hout, die zo vroeg op eigen wijzen jubelend hun Schepper prijzen als de morgen glanst van goud.
't Licht komt schuchter u beschijnen door de spijlen van uw woon, waar gij verder moet verkwijnen, als d illusies gaan verdwijnen, stil verliezend 't oude schoon. —
Ik zal toch mijn keeltje roeren, roepend, van de morgen vroeg; tot het licht wijkt blijven, koeren, dankend, voor het daag'lijks voeren: elke dag kreeg ik genoeg.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 juli 1966
Daniel | 16 Pagina's