JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

LEZERS OVER HUN WERK

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

LEZERS OVER HUN WERK

Wij, joligeren

6 minuten leestijd

Gelukkig hoeven we nog niet te stoppen met deze serie artikelen over allerlei beroepen. Er zijn juist weer enkele brieven binnengekomen. En nu ook — wat we gehoopt hadden — over de verpleging. Daar kunnen we ons dan nu in verdiepen. We Jaten de twee verpleegsters meteen maar na elkaar aan het woord.

In de verpleging

„Of ik mijn beroep zie als roeping? "' schrijft de eerste. „Enerzijds nee, ik heb dit al van jongsaf willen doen omdat er in mijn ogen niets mooier kon bestaan dan andere mensen te helpen, misschien ook omdat daarbij een mooi uniform hoorde. Anderzijds ja, maar dit heb ik pas ontdekt toen ik al verschillende jaren bezig was. Niemand is tevergeefs ergens tewerkgesteld, zo ook in de verpleging. De liefde van Christus dringt ons om onze plicht te doen.

Vooral bij het verpi eegstersberoep wordt vaak het woord roeping gebruikt. Dit stamt waarschijnlijk uit de tijd, toen het Evangelie pas in Rome verkondigd werd en veel welgestelde Romeinse vrouwen zich aan sociaal werk en verpleging gingen wijden om het bevel van Christus op te volgen: Voor zoveel gij dit een van Mijn minste broederen hebt gedaan, zo hebt gij dit aan. Mij gedaan. Natuurlijk geldt dit bevel nog steeds, maar door de vooruitgang van de wetenschap en de techniek kun je tegenwoordig geen verpleegster worden met alleen veel goederen en idealisme. Het vereist een grondige opleiding, zodat je als geschoolde kracht de dokter kunt helpen.

Juist hier is het soms moeilijk om Christen te zijn, want door ziekte komt altijd bij de mens zijn onmacht aan de oppervlakte. Een patiënt is hulpbehoevend, komt dichter bij de dood te staan en krijgt door zijn ziekte tijd om te denken. Het is dus niet zo moeilijk om een gesprek te beginnen, als er tijd voor is, maar het is vaak moeilijk om te weten wat je zeggen moet. Als iemand weer wat beter wordt, is hij meestal ook vlug zijn geestelijke nood vergeten. Maar meer dan door woorden, kun je metterdaad hier bewijzen wat het betekent om Christen te zijn.

Tegenstelling tussen door de week en de zondag bestaat er m.i. niet, want alles wat je doet, heeft met godsdienst te maken. Als je het ziet, dan ontdek je, dat je juist in je werk elke dag als een zondag kunt beschouwen, omdat juist de omgeving, waarin je werkt, je predikt: het leven is een damp, de dood wenkt ieder uur. Als de dood een ziekenkamer binnenkomt, sta je daar nogal eens bij stil."

En dan nu de tweede verpleegster.

„Veel mensen zeggen:

verpleegster, daar moet je een roeping voor hebben. Ik dacht dat dit dan voor ieder beroep zo is. Waarom ik verpleegster geworden ben? Omdat ik graag, ook in mijn dagelijkse werk, nuttig wilde zijn, iets voor de ander wilde doen. Dit kan natuurlijk ook in andere beroepen, maar ik heb dit gekozen en ben er na ruim twee jaar nog dankbaar en blij om.

Het lijkt soms zo gemakkelijk, gewoon helpen, verzorgen e.d. Maar het is veel dieper en groter, daardoor ook rijker. Het is ook het geven van jezelf, met aandacht luisteren, openstaan, praten, troosten, bemoedigen. Het is ook jezelf wegschakelen, iets wat moeilijk te bereiken is, waar je langzamerhand naar toe groeit. Maar wat een bewuste daad is. Waar dagelijks gebed om hulp, wijsheid en kracht voor nodig is. Heel sterk voel je de opdracht: Wees blij met de blijden en treurt met de treurenden. We kunnen zo heel, heel veel doen voor onze medemens. Dit zijn echt niet allemaal grote spectaculaire dingen, juist de kleine gewone dingen zijn zo belangrijk, b.v. vrolijk en opgewekt zijn, echt luisteren maar iemand, aandacht, een bemoedigend woord, een grapje.

Vooral de ernstige zieken en ongeneeslijke patiënten hebben dit nodig, iemand die echte aandacht voor hen heeft, dat zij kunnen en durven vertellen van hun moeite, zorgen en verdriet, hun strijd om zichzelf over te geven. Heel mooi in ons huis vind ik dat wij elke dag Bijbellezen voor onze patiënten. Iets lezen waar ze zelf om vragen of iets wat je zelf kiest, waarin je dan hoopt dat het de patiënt die het zo moeilijk heeft, iets geeft. Soms komt er n.a.v. dit lezen een gesprek, ook met buitenkerkelijken, wat soms heel mooi en fijn is, soms ook heel moeilijk, soms om een persoonlijke belijdenis vraagt.

Er is in een ziekenhuis heel veel vreugde, als de patiënten weer genezen naar huis gaan. Maar ook dikwijls komt de vraag op je af: waarom al dit leed? Het leed van de oude, maar ook van heel jonge mensen, jongelui die net zo jong zijn als jij, die niet meer beter worden, overlijden, soms nog naar huis gaan, maar niet lang meer zullen leven. Waarom? waarom? Dan mag je alleen maar dankbaar zijn voor je eigen leven en gezondheid en dit uiten door zo veel mogelijk voor deze medemensen te mogen doen en zijn.

Ik weet dat ik hier een vrij ideaal beeld heb neergeschreven, ik had ook kunnen schrijven over dingen die er ook zijn, b.v. ongeregelde werktijden, nachtdiensten, veel 's zondags werken, zwaar werk, moeilijke patiënten, moeilijke cursussen, en hoofdzusters waar je het niet mee kunt vinden. Maar ik dacht dat het andere het meer wezenlijke van het verpleegstersberoep uitmaakte."

Uit liefde

Beide verpleegsters hartelijk bedankt voor hun brief! We konden niet alles wat zij schreven in dit artikel opnemen. Over de omgang met de collega's en over de zondagsviering willen we hen daarom de volgende keer nog laten vertellen. Er ligt nog altijd een andere brief te wachten die daar heel in het bijzonder over gaat. Dat kunnen we dan mooi combineren. Maar wat we nu hebben laten lezen gaat echt over het verpleegsterswerk zelf. We krijgen zo een goede indruk van dit beroep, van de moeite en de vreugde ervan. Zo beseffen we weer hoe waardevol dit werk is. Inderdaad, elk beroep is een roeping. Maar hier voel je dat wel veel sterker. In dit verband willen we ook wijzen op het grote tekort aan verplegend personeel. Er zijn nog zoveel meisjes nodig die zich ervoor willen geven. Laten de jonge lezeressen daar eens over nadenken. En als het je niet loslaat, wacht dan niet langer maar zet door! Het is zo belangrijk dat er veel Christen-verpleegsters zijn, ook in de „neutrale" ziekenhuizen.

Elke verpleegster moet liefde voelen

voor de hulpbehoevende naaste. Dat is het motief voor dit werk. In de practijk spelen vaak ook andere motieven mee: uit huis willen zijn, het uniform enz. enz. Maar anderen willen helpen is de hoofdzaak. Die naastenliefde vind je ook bij niet-Christenen. Er zijn veel niet-Christelijke mensen die ontzaglijk veel voor de ander over hebben. En daar hebben we veel eerbied voor. Maar de eerste brief noemt het diepste motief: de liefde van Christus dringt ons! Naastenliefde vanuit het geloof is het echtst, het diepst, die zoekt ook niet onbewust zichzelf. Dan wil je niet alleen de ander helpen en opbeuren in zijn lichamelijke nood, maar dan zie je verder, en doe je het uit liefde tot God. En dan denk je ook aan het geestelijke heil van de ander.

(C. en A.)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 juni 1966

Daniel | 16 Pagina's

LEZERS OVER HUN WERK

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 juni 1966

Daniel | 16 Pagina's