Licht in de donkerte
Donker is het, ivaar ik loop, en de bomen kreunen zacht. Klagend, wiegend met hun koppen, staan zij daar, eenzaam op wacht.
Ach, wat weten zij van mij, wat weten bomen van verdriet? Al zou ik alles hardop zeggen, begrijpen doen ze 't immers niet?
Doch, Eén is er, die alles weet, die mij hier stil ziet gaan. Eén, wie ik alles zeggen kan, nu, in die donk're laan.
En als ik dan in deze stilte als 't ware praat met God, dan voel '/c me toch niet eenzaam meer; want Hij wéét van mijn lot.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 maart 1966
Daniel | 16 Pagina's