David vervolgd
a sam. *: & t.m. 1 sam
1.
Aanvankelijk was Saul erg met David ingenomen, maar later veranderde dit. Sauls afgunst werd vooral opgewekt door de jubelzang van de vrouwen na het verslaan der Filistijnen.
Zij zongen: „Saul heeft zijn duizenden verslagen, maar David zijn tienduizenden." Saul begon nu te vermoeden, dat David de man was, die in zijn plaats koning zou worden. En vanaf dat ogenblik zag hij David met een scheef oog aan en zocht gelegenheid hem uit de weg te ruimen.
Door die verkeerde gemoedstoestand kwam ook zijn oude kwaal weer boven. Hij profeteerde midden in zijn paleis. Dit profeteren wil niet zeggen: de toekomst voorspellen, maar het wil zeggen dat hij in razernij door het paleis liep. Zonder in het minst gevaar te vermoeden speelde David weer op het snarenspel.
Zijn leven liep echter gevaar, want Saul wierp tot twee keer toe zijn spies naar hem. David ontweek echter de dodelijke speerworp, door vlug weg te duiken.
Daarna probeerde Saul David met list te doden. Hij wilde zijn belofte gestand doen dat hij zijn dochter aan David tot vrouw zou geven, mits David zich maar dapper gedroeg tegenover de vijand. Hij hoopte echter, dat David op deze wijze zou sneuvelen.
Saul hield echter zijn belofte niet, want zijn oudste dochter, die hij aan David beloofd had, gaf hij aan een zekere Adriël.
Toen Saul echter bemerkte, dat zijn jongere dochter Michal David liefhad, beloofde hij hem haar tot vrouw, onder voorwaarde dat David 100 voorhuiden der Filistijnen uit de strijd zou meebrengen. David moest dus het bewijs leveren, dat hij 100 Filistijnen gedood had.
Hij ging op dit voorstel in. In plaats van 100, doodde hij zelfs 200 Filistijnen. De poging van Saul, om op deze wijze David uit de weg te ruimen, was dus volkomen mislukt.
In plaats van Gods beschermende hand op te merken, die heel duidelijk de gezalfde David geleidde, werd Sauls vijandschap echter steeds groter. Hij sprak er zelfs met Jonathan en zijn knechten over om David te doden. Jonathan raadde dit Saul echter ten sterkste af, omdat hij alsdan onschuldig bloed zou vergieten. Dit getuigenis van Jonathan maakte op Saul diepe indruk en hij zwoer dan ook David niet te doden. Zo kwam David weer terug in Sauls paleis.
Toen de strijd met de Filistijnen echter weer losbrak en David weer een roemrijke overwinning behaalde, kwam de nijd en afgunst bij Saul weer duidelijk opzetten.
Ook nu weer bracht de nijd hem tot razernij. Een poging, om David met zijn speer te doden, mislukte, doordat David bijtijds uitweek. David was nü echter wel genoodzaakt te vluchten. Hij vluchtte naar zijn huis. Maar ook daar was hij niet veilig, omdat Saul mannen zond om hem te doden.
Door David uit een venster neer te laten in het middernachtelijk uur, redde Michal het leven van haar man.
Om hem gelegenheid te geven uit het bereik van de vijand te komen, bedacht Michal een list. Zij bewees hierdoor wel haar man lief te hebben, maar tevens, niet bang te zijn zich van leugens te bedienen. David kwam op zijn vlucht bij Samuël te Rama en bleef in de nabijheid van Rama te Najoth, waar Samuël de profeten-zonen onderwees.
De pogingen, die Saul aanwendde om David van daar te halen, mislukten. De Heere deed zijn woede bedaren en voor een ogenblik kwam er weer iets goeds bij Saul te voorschijn, doordat hij onder de indruk van de Geest Gods kwam en profeteerde.
Vragen:
1) Hoe moeten wij oordelen over het gedrag van Michal?
2) Hoe moeten wij denken over het profeteren van de knechten van Saul en van Saul zelf in 1 Sam. 19?
3) Wat zijn profeten-scholen en wat voor mensen zijn de „zonen der profeten"?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 januari 1966
Daniel | 16 Pagina's