JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Relativing en relativisme

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Relativing en relativisme

4 minuten leestijd

Relativering 4.

De verstaanbaarheid van de

openbaring Maar ook al vervalt men nu niet tot een volslagen relativisme, dat het bestaan van absolute en algemeen geldige waarheden ontkent, ja al belijdt men officieel de Bijbel als de enige bron van de waarheid, ook dan ziet men in onze tijd nog vaak een zekere relativering. Want er zijn immers zoveel mensen, en relativisme die beweren dat hun eigen opvattingen overeenkomstig de Bijbel zijn en als je een beetje handig bent zijn er vanuit de Bijbel immers zo veel dingen aannemelijk te maken; iedere ketter heeft zijn letter zegt men wel. Waarom zouden ze bij ons nu altijd gelijk hebben en de anderen niet? Ligt de waarheid niet vaak in het midden? Wat moeten we hier mee aan? Hoe zit het eigenlijk met de verstaanbaarheid van de openbaring? Aan de ene kant lezen we in de Bijbel

(Deut. 30 : 11-14), dat Gods gebod niet verborgen is en niet ver, dat het niet in de hemel is of aan de andere kant van de zee, maar zeer nabij ons. We mogen dus niet doen, alsof Gods openbaring onduidelijk zou zijn, alsof we niet zouden kunnen weten wat God wil, omdat er zoveel verschillende Bijbeluitleggingen zijn. Want dan zouden we op die manier, bij een in naam handhaven van de Bijbel als openbaring der waarheid, in de praktijk terecht komen in een verregaande relativering van de geopenbaarde waarheid.

Maar nu staat er aan de andere kant in 1 Cor. 2 : 14, dat de natuurlijke mens niet verstaat de dingen die van de Geest van God zijn, dat ze dwaasheid voor hem zijn en dat hij ze ook niet kan verstaan, omdat ze geestelijk (d.w.z. naar de mening van de Heilige Geest) onderscheiden moeten worden.

Naast de eerder genoemde objectieve verstaanbaarheid is er dus kennelijk ook de subjectieve onverstaanbaarheid van de Heilige Schrift. Of anders gezegd: e Bijbel is op zich zelf (objectief) wel duidelijk en verstaanbaar, maar omdat door de zondeval de mens zijn verstand verduisterd is en zijn ogen voor Gods Woord gesloten zijn, is de Bijbel van de kant van de mens uit gezien (subjectief), niet meer duidelijk en verstaanbaar. Wil hij dat weer worden, dan is daarvoor de verlichting van Gods Geest, ja dan is daarvoor bekering noodzakelijk. Daarom kan een eenvoudig kind van God meer inzicht in de Bijbel hebben, dan een hoogleraar in de theologie, al is het natuurlijk nog beter als die twee zaken samengaan. Want ook voor de gelovigen geldt nog, dat sommige dingen in de Bijbel „zwaar zijn om te verstaan" (2 Petr. 3 : 16).

Toch hebben zij de roeping om de geesten te beproeven of zij van God zijn uitgegaan, om de waarheid van de dwaling te scheiden. Gods knechten brengen dan ook niet een menselijke leer over hoe het wel eens zou kunnen zijn, maar zij verkondigen Gods Woord, zij het dan altijd weer in zwakheid en gebrek. Paulus wist dat hij het door hem verkondigde Evangelie niet van een mens ontvangen of geleerd had, maar dat het God behaagd had, Zijn Zoon in hem te openbaren (Gal. 1 : 12, 16). Daarom kon hij ook zeggen, dat wanneer hij, of iemand anders, ja zelfs een engel uit de hemel een ander Evangelie zou verkondigen, dat die vervloekt was (Gal. 1 : 8, 9).

Dat klinkt in onze tijd en wellicht ook in onze oren heel erg gek, dat iemand zou durven beweren dat hij de waarheid verkondigt en dat allen die het niet met hem eens zijn, dwalen en daarom bestreden moeten worden. Maar als dat zo is, dan is dat alleen maar een goed teken, want de geest van de wereld en de geest van de Schrift staan immers tegenover elkaar; wat volgens de een vanzelfsprekend en normaal is, dat is volgens de ander net verkeerd. Wie een vriend van de wereld wil worden, zo zegt de Schrift, die wordt een vijand van God genoemd. Wat wij van nature graag willen, dat deugt nu juist niet, laten we daar aan denken.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 juni 1965

Daniel | 16 Pagina's

Relativing en relativisme

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 juni 1965

Daniel | 16 Pagina's