James Hudson Taylor
Hoge bomen vangen veel wind
Het spreekwoord zegt: „Hoge bomen vangen veel wind." Zo vaak zien wij dat dit spreekwoord een waar woord is. De mensen, die niet in het openbaar optreden, blijven buiten schot, maar zij, die veel aan de weg moeten timmeren hebben niet alleen veel bekijks, maar moeten ook veel kritiek aanhoren. Die kritiek kan heilzaam zijn, als die tenminste uit liefde wordt geleverd. Vaak komt er jaloezie in het spel en dan is de kritiek niet opbouwend, maar heeft zij tot doel een ander te nekken en denaam te bekladden.
Geen wonder, dat Taylor ook het een en ander moest horen. Hij was ook een hoge boom en het spreekt vanzelf, dat hij veel wind zou moeten opvangen. Waar immers gewerkt wordt, wordenfouten gemaakt.
Het gebeurde ook, dat de zendeling werd geprezen. Dat kan gevaarlijke gevolgen hebben. Een mens heeft niet veel nodig om in de hoogte te gaan. Toch is dit meestal het geval bij hen, die niet veel zelfkennis bezitten. Gelukkig wasTaylor niet door vleierij te beïnvloeden.
Daar was hij te groot man voor. Eens zei iemand tegen hem: „God heeft uw zendingswerk tot wondere bloei gebracht. Slechts weinig mensen hebben zoveel geestdrift voor de zending doen
ontstaan als u." En wat antwoordde Taylor? Hij zei: „Ik denk vaak, dat God Zich hierom heeft willen bedienen van een mens die zwak en gering genoeg was, opdat alle eer op Hem zou neerkomen. Ik moet Zijn gewillig werktuig zijn."
En hoe ging het met de kritiek? Deze richtte zich hoofdzakelijk op twee punten. Voor een groot deel zond de China-Inland-Mission lekepredikers uit, dat zijn zendelingen, die zo goed als niet hadden gestudeerd. Een zeer klein gedeelte van de werkkrachten bestond uit geordende predikers.
Hoe werd deze kritiek door de zendeling weerlegd? Wel, Taylor zei, dat de officiële kerken niet voldoende zendelingen leverden en daarom moest hij wel naar andere mensen omzien. Hem was de kracht verleend en de takt om de nodige middelen bijeen te krijgen en veel mensen voor zijn schone taak te winnen. Bovendien wees hij op de apostelen, die ook ongestudeerde mensen waren. Toch werden deze door Christus aangesteld tot uitbreiding van het evangelie. Taylor zocht naar helpers bij de zendingsarbeid, die door de Geest van Christus waren aangeraakt en daardoor konden die niet zwijgen van de grote werken van God. Door het samenwerken met oudere zendelingen ontvingen zij praktische en geestelijke kennis, zo nodig voor het gewichtige werk. De laatste jaren zorgden de eigen zendingsscholen voor een voldoende opleiding.
liet tweede punt van de kritiek was, dat de China-Inland-Mission niet aan een kerk, maar aan de persoon van Hudson Taylor was gebonden.
Hierop antwoordde de zendeling, dat hij eronder leed, dat de kerken zo laks waren om de hand aan de ploeg te slaan. De zending moet uitgaan van de kerk, maar als die in gebreke blijft, moet er naar iets anders worden uitgezien. Op de zendingsvelden was er niet één nauw aangesloten kerk, die zich met de zendingsarbeid bemoeide. Toch had Taylor nooit iets gevoeld van een tegenstelling met de kerken. Van concurrentie was geen sprake. De China-Inland-Mission beschouwde haar werk als pionierswerk. Taylor zei, dat hij voor de steigers zorgde; de kerken konden dan later met de verdere bouw voortgaan. Nu zijn woorden in de regel goedkoop en vooral wanneer men zich wil verdedigen tegen beschuldigingen. Maar bij Taylor waren het geen woorden. Hij liet inderdaad zien dat hij meende wat hij sprak. Er was reeds één provincie in China overgegaan tot de anglikaanse kerk. Deze zou nu voor de verdere uitbouw zorg dragen. Verder had het Barnier Zendingsgenootschap het werk van een andere provincie op zich genomen. Het was dus laster als men zei, dat de zending aan de persoon van Taylor was gebonden. Integendeel, de zendeling zocht toenadering zoveel maar mogelijk was. Daarom lette hij niet op het lidmaatschap van een zekere kerk als een candidaat zich meldde voor de zendingsarbeid. Dat stond bij hem niet op de voorgrond, maar wel werd er terdege gelet op de bekwaamheden, de ernst en de overtuiging van de persoon, die zich geroepen voelde om zendeling te worden.
Het was wel wonderlijk, dat tot nu toe nog nooit één medewerker door geweld of door een ongeluk was omgekomen. Gevaren waren er genoeg in het uitgestrekte land. Hoe vaak waren er al opstanden uitgebroken; oorlogen hadden gewoed en grote gebieden van het Rijk hadden met overstromingen, hongersnoden en besmettelijke ziekten te kampen gehad. Niet één was door middel van deze omstandigheden aan zijn einde gekomen. Dat moest de bewarende Hand van God wel zijn. De verliezen in Taylors kamp waren tot nu toe alleen door ziekten veroorzaakt. Een gewelddadige dood was niemand nog gestorven. Toch zou dat in de toekomst anders verlopen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 april 1965
Daniel | 15 Pagina's