Met kloeken arme....
Met kloeken arme, en hand vol zaad, aanschouwt hoe hij zijn' stappen gaat en zaait, vol zorgen, de man, wiens hope en troost en al, met 't stervend zaad, nu zitten zal in 't land geborgen.
Staat op, o zaad, 't is God die 't zegt, den winter en de dood bevecht: de zonnestralen verwachten al, met menigvoud geverwde pracht en levend goud, uw zegepralen.
O Winden, waait om 't groende kind des lands, uw zacht-, uw zoetsten wind;
o dauwrijk dagen des morgenstonds, o wolkenvloed, verleent het koorn dat kennen doet, uw welbehagen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 maart 1965
Daniel | 16 Pagina's