JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

De mode — Moderne  kunst — De praat, de  daad, het gewaad

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De mode — Moderne kunst — De praat, de daad, het gewaad

4 minuten leestijd

RONDKIJK

De mode speelt in onze moderne tijd een geweldige rol. Telkens is er wat nieuws op allerlei gebied. Onze welvaartstijd werkt er aan mee, dat er steeds wat anders op de markt komt. Vooral ook op het gebied van de kledij. Zwarte kousen b.v. waren reeds lang uit de mode, maar nu ziet men er de modernste meisjes mee lopen! Een tijdje later trekken ze weer knalrode aan, want men moet toch opvallen! De mode betrekt zich niet alleen op kousen maar op de meest uiteenlopende objecten in onze samenleving.

De ouders hebben er vaak last mee, want de kinderen willen toch ook een beetje met de mode mee. Ik geef toe dat het dikwijls moeilijk is, want, om bij de kleding te blijven, de magazijnen brengen steeds de nieuwste mode en oud en jong moet daar een wTeg in zien te vinden om toch nog een beetje stemmig te blijven,

ïk spreek nu maar niet over de dracht van de jeugd met spijkerbroeken, vreemdsoortige kapsels en jongens met slonzige baarden. Dat is een aparte clan, die hun haren niet kammen, zich misschien nooit wassen om interessant te zijn. Men ziet dat soort lui niet alleen in de steden maar ook al in onze dorpen. Hun kleding en heel hun gedoe getuigt van een geestelijke leegheid en ze komen soms tot zulke dwaze dingen, dat de politie er zich in moet mengen. Tussen twee haakjes: ik kan niet vatten dat het zich „christelijk" noemend weekblad De Spiegel, dat ook wel in onze gezinnen komt, daar zoveel aandacht aan besteed. De gekste dingen lees je over die zonderlingen in een rubriek de reageerbuis, zonder één woord van critiek. We moeten dergelijke bladen maar uit ons huis bannen.

Op het gebied van de tegenwoordige kunst is het al even gek. Nu heeft de jeugd van onze Gereformeerde Gemeenten misschien niet zoveel verstand van kunst — wat m.i. helemaal niet zo erg is — maar de jeugd komt op school met „de cultuur" in aanraking en wij zien allerlei rare dingen om ons heen, waarvoor we onze ogen niet kunnen dichtsluiten.

Men spreekt tegenwoordig van non-figuratieve kunst, daarin gaat het niet om iets af te beelden, dat men direct vatten kan. Men kan er b.v. niet uit opmaken of het een paard, een koe of een olifant is. Bepaalde gewrochtsels maakt men van oud roest, van fietskettingen of men construeert iets uit conservenblikjes. Dat heet dan „kunst". Die figuren ziet men hier en daar in tuinen, voor gebouwen of op tentoonstellingen uitgestald. Niemand snapt er wat van. Evenmin de producten van moderne schilders, die op een meter afstand klodders verf op het doek smijten! Onze belastingcenten worden nog gebruikt om de warhoofden die dit „moois" fabriceren te subsidiëren! Zo zou ik door kunnen gaan, ook op het gebied van de muziek en de dichtkunst.

Onze jeugd wordt met al die dingen geconfronteerd. Laat men maar niet pogen om er wat van te begrijpen, het ligt buiten onze sfeer. Liever conservatief zijn, dat wil zeggen behoudend. Niet in de allereerste plaats meegaan met de mode van onze moderne tijd. Al behoeft men zich b.v. ook weer niet zo ouderwets te kleden dat men zegt, kijk, dat is er een uit de vorige eeuw.

Weet je wat mij eens opviel? Uw rondkijker was eens op een grote bijeenkomst van meisjesverenigingen en luisterde een gesprek tussen een paar dames af.

„Wie is dat meisje daar? " werd er gevraagd. Bedoeld was een meisje met een eenvoudig kapsel', dat stemmig, maar toch zeer netjes gekleed was. „O, dat is die en die" — was het antwoord — „aan dat meisje heeft de Heere een wonder gedaan."

„Je kunt het aan haar zien" was het wederwoord en de vraagsteller werd er stil van. Kennelijk dacht ze er over na.

De praat, de daad en het gewaad zeiden onze oudjes. Geldt dat nu niet meer in onze tijd?

Wanneer de vreze des Heeren ons deel is, worden we ontdekt aan onze eigen dwaasheid en zien we ook en te beter, hoe dwaas de wereld is. Die vragen niet is dit of is dat geoorloofd of, zal ik mij zus of zo kleden? Dat vertellen ze van binnen wel. Heus, dan behoeven ze niet voor spot te lopen maar dan zullen ze er naar staan — en daarmee kom ik weer bij de apostel Jacobus waarover ik het verleden week had — „zichzelven onbesmet te bewaren van de wereld." En dat behoort tot de zuivere en onbevlekte godsdienst.

Rondkijker

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 maart 1965

Daniel | 16 Pagina's

De mode — Moderne  kunst — De praat, de  daad, het gewaad

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 maart 1965

Daniel | 16 Pagina's