District Zuid-West
Verslag van de Ie Districtsvergadering van Jongelings-en Studieverenigingen gehouden op zaterdag 3 oktober 1964 in het kerkgebouw van de Geref. Gemeente aan de Beatrixlaan te Goes.
Daar de voorzitter van het District Ds. A. F. Honkoop niet aanwezig kon zijn, opende ds. J. C. Westrate de vergadering met het laten zingen van Psalm 105 de verzen 3 en 5, en het lezen van Handelingen 17 van vers 16 t.m. het einde. Daarna ging hij voor in gebed. Voorts heette hij allen hartelijk welkom, in het bijzonder ds. J. Karens uit Nieuwerkerk, verscheidene ambtsdragers en de heer E. M. Bakker, die in deze middag een inleiding hield over „Het Rassenvraagstuk", Vervolgens sprak zijn eerwaarde een kort openingswoord naar aanleiding van Handelingen 17. Paulus gaat de mensen aanspreken, die God niet kenden. Paulus gaat verkondigen dat de wereld niet uit haar zelf is ontstaan, maar dat God het is die dit alles geschapen heeft om op de gehele aardbodem te wonen. Wij zullen het rassenvraagstuk in deze middag niet kunnen oplossen. Maar dat we geleid mogen worden door het enige richtsnoer van Gods Woord. Met de wens dat deze vergadering in het teken van Gods gunst mag staan, achtte hij de vergadering voor geopend.
De heer Bakker sprak als volgt:
„God heeft uit enen bloede het ganse geslacht der mensen geschapen. In Zijn wijze Raad beschikte Hij de verschillende rassen om het machtsevenwicht onder de volkeren te bewaren.
De vloek over het geslacht van Kanaan heeft een zee van ellende gebracht: miljoenen negers zijn als slaven door de blanken misbruikt: Gods Woord wijst ons een andere weg: Uit alle geslachten, talen, natiën en volkeren zullen er toegebracht worden tot de Gemeente des Heeren.
Twee landen staan in het middelpunt van de belangstelling in de wereld wat betreft het rassenvraagstuk: Zuid-Afrika en Noord-Amerika.
De politiek, die door Dr. Verwoerd gevolgd wordt n.1. aparte ontwikkeling om te komen tot zelfregering der negers, zoals dit reeds gedeeltelijk geschiedt in Transkei sedert 1963 met de Bantoes, is volgens spreker de enig juiste, al vindt Zuid-Afrika de wereldopinie tegen zich. Moskou en de geldmagnaten der wereld azen op de rijkdommen van dit land. Er ligt nog een grote toekomst voor de blanke bevolking daar. Het gevaar voor ons, Nederlanders, van Moskou is groter dan dat der blanken voor de negers in Zuid-Afrika, Emigratie naar dit land kan zeer worden aanbevolen en wordt daar toegejuicht om te helpen de blanke bevolking uit te breiden.
Een voorvechter voor de negers, Loetoeli, zit in de macht van Moskou. Onbegrijpelijk, dat deze man in 1961 de Nobelprijs voor de Vrede kreeg. Ook dit is politiek. Terecht is deze man verbannen naar een boerderij in de buurt van Durban en is het communisme in Zuid-Afrika verboden.
In Noord-Amerika ligt het probleem geheel anders. Zijn er in Zuid-Afrika 3V2 miljoen blanken tegenover 10 miljoen negers, in Noord-Amerika zijn de negers sterk in de minderheid: zij maken 10"/o uit van de gehele bevolking der V.S.
Een sterke voorvechter voor de rechten der negers is Ds. Martin Luther King, die geweldloze tegenstand predikt op de wijze, zoals indertijd Ghandi in India. Maar helaas staat ook deze man in connectie met Moskou; hij is lid van pro-communistische en semi-communistische organisaties en hij kreeg onlangs het eredoctoraat van een Oost-Duitse universiteit.
We zien dus hoe voorzichtig we moeten zijn met deze voorvechters.
Gelukkig schrijdt de weg naar integratie in de V.S. voort. Ook de neger heeft recht op een menswaardig bestaan. In vele steden en staten komt hiervoor meer en meer begrip en wordt de scheiding der rassen opgeheven.
Hoe we voorts dit probleem ook bezien, we zijn allen, blank en zwart, zondaars voor God. En voor allen is er nog genade te verkrijgen. De Heere zegene daartoe het werk der protestantse zending, in het bizonder ook die van onze Gemeenten in Nigeria, opdat velen van de zwarte Moren in Zijn Kerk mogen voortgebracht worden.
Met het laten zingen van Psalm 87 de verzen 3 en 4 beëindigde hij zijn met gespannen aandacht beluisterde rede. Na de pauze gaf de heer Bakker antwoord op de vragen, die hem gesteld werden, Ds, Karens besloot deze vergadering met een ernstig slotwoord, waarin hij de gehoorzaamheid van Jozef aan zijn vader „Ziet hier ben ik" tot een voorbeeld stelde, en met het laten zingen van Psalm 119 vers 5 en dankgebed besloot hij deze geslaagde vergadering,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 november 1964
Daniel | 16 Pagina's