JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Zuid-Afrika: Land van dè ontmoeting

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Zuid-Afrika: Land van dè ontmoeting

7 minuten leestijd

VIII

Enkele facetten van de politiek der gescheiden •ontwikkeling passeerden reeds deze geschreven revue. Het verlenen van zelfbestuur aan de Transkei, de onderwijshervorming en de grootscheepse bestrijding van het woningprobleem bij de stedelijke Bantoe kwamen ter sprake.

Al deze maatregelen, hoe belangrijk ook, brengen nog geen definitieve oplossing voor het kernprobleem, dat de huidige politiek mede heeft geïnspireerd: de trek van de Bantoe naar de steden en de industriegebieden Wil men het Zuid-Afrika-van-de-toekomst inderdaad opbouwen uit vele zwarte staten naast de éne blanke staat, dan zal deze stroom van honderdduizenden moeten worden ingedamd en teruggebogen naar de Bantoe staten zelf. De wet op de Bantoe arbeid bepaalt daarom ook dat maar liefst 70% van de Naturellen naar hun thuislanden zal moeten terugkeren.

Een dergelijke aderlating brengt grote problemen mee voor de Zuid-Afrikaanse economie in haar geheel. Doch afgezien daarvan, moeten we ook de vraag stellen hoe de regering-Verwoerd deze thuislanden economisch „leefbaar" wil maken. In de primitieve maatschappijen met hun veehouderij op oneconomische basis ontbreekt immers de werkgelegenheid voor deze vele duizenden. De primitieve mens heeft bovendien nooit leren produceren voor de verkoop, omdat hij eeuwenlang alleen voor zijn verwantschapsgroep heeft zorg gedragen. Hoe kan men de voedselproduktie in zulke gebieden met de vereiste tientallen procenten omhoog brengen?

De Zuid-afrikaanse politiek zoekt de oplossing van deze bijzonder moeilijke vraagstukken o.m. in de industrialisering van de thuislanden. Hier moeten fabrieken worden opgericht voor de produktie van voedsel, kleding en andere artikelen, die de lichte industrie voortbrengt. Om te beginnen heeft men daarvoor 112 miljoen Rand ter beschikking gesteld. Verder verwacht de regering veel van de vestiging van „grensnywerhede". Ondernemers die een nieuwe industrie willen oprichten, worden aangemoedigd om hun bedrijfsgebieden vlak bij de grenzen van de Bantoe gebieden te laten verrijzen. Op deze wijze hoopt men de trek van de Bantoe naar de stad te kunnen opvangen.

Ook probeert de regering de opbrengst van de landbouw te verhogen. Een ontzettend moeilijke opgave in deze gebieden, waar

de erfenis van eeuwen nog maar gedeeltelijk is afgeschud. Hier was de manier van bewerken en oogsten immers gebonden aan een reeks magische en religieuze voorschriften. Wie wijziging van deze oeroude produktiemethoden propageert, handelt als een echte revolutionair.

En het scheppen van werkgelegenheid voor de man in de landbouw is al evenzeer een daad van revolutie. Generatie na generatie hebben de vrouwen, zichzelf begeleidend met eentonig gezang, de akkers bebouwd. Zij mochten als ritueel onreinen niet in aanraking komen met het geheiligde vee. Dat werd uitsluitend verzorgd door de mannen, die met een zekere minachting op het vrouwenwerk, de landarbeid, neerzagen.

Tegenwoordig worden de kinderen al op de lagere school vertrouwd gemaakt met eenvoudige land-en tuinbouwwerkzaamheden. Jonge Bantoe boeren krijgen daarna op moderne landbouwscholen een opleiding voor het beroep, dat het merendeel van hun vaderen nimmer heeft uitgeoefend. Reeds is 26.000 vierkante kilometer grond in cultuur gebracht. De produktie van veldgewassen voor de handel begint op gang te komen. Alles gaat nog betrekkelijk langzaam. Doch wat wil men anders? De invloed van een eeuwenoude traditie laat zich wel op lange termijn, maar stellig niet in een enkel jaar uitschakelen.

Er zou over het Zuidafrikaanse beleid van gescheiden, ontwikkeling nog veel meer te zeggen zijn. Voor ons doel is de gegeven schets echter ruim voldoende. Ter afronding willen we nog met nadruk erop wijzen, dat deze politiek voorafgegaan werd en nog steeds begeleid wordt door een grote zendingsaktiviteit van de zijde der Zuidafrikaanse kerken,

In de vorige eeuw was zendingdrijven vooral een zaak van buitenlandse genootschappen, De kerken zelf leefden rustig voort binnen de beslotenheid van de eigen kring. Maar de Heilige Geest heeft déze rust verstoord. Nu is Zuid-Afrika zich bewust geworden van Gods opdracht om het Evangelie van genade voor verloren mensen uit te dragen onder de heidenen in het eigen land en daarbuiten. Dr. Visser 't Hooft, de bekende secretaris van de Wereldraad van Kerken, die stellig niet tot de vrienden van Zuid-Afrika behoren zal, heeft een van de kerken in dit 'land eens gerangschikt onder „de meest tot zending bereide kerken van de wereld". 2) Van de 11 miljoen Bantoes is ruim 5 miljoen gekerstend. Ongeveer 3000 zendelingen, blank en zwart, hebben hun leven ingezet voor

de prediking van het Evangelie. Zij worden bijgestaan door vele gewone gemeenteleden en studenten. Van deze hartverwarmende arbeid heeft ds. Gijmink enkele voorbeelden gegeven in zijn dagboek. Daaruit schrijf ik een gedeelte voor U over: „Een zondag in Stellenbosch is iets heel bijzonders. Zeshonderd (blanke) studenten in dit bolwerk van Afrikanisme gebruiken die zondag om in bantoe-en kleurlingdorpen in het Kaapse schiereiland zendingswerk te doen. „Ons het 'n roeping van Bo vir die kerstening van Afrika." Ik kwam om 9 uur in de universiteitsplaats aan; vierhonderd, naar de verste dorpen, waren al weg, tweehonderd waren nog in de studentenkerk. Ds. Gericke vroeg mij, hen toe te spreken, wat ik, bewogen, deed."

Deze zendingsarbeid is in al haar vormen van bijzondere betekenis voor het geestelijke én voor het sociale en economische leven van de Bantoe. De zegen van die arbeid geeft de primitieve mens een instelling, die een kennismaking met de moderne techniek alleen hem nimmer brengt. De laatste ontwricht wel de ethische waarden en de sociale structuur van de primitieve maatschappij, maar is verder volslagen onmachtig om de ontwortelde mens een ander levenskompas te geven. De prediking van Gods Woord echter wondt en geneest tegelijkertijd. Dit Woord fungeert onder de leiding van Gods Geest als een stormram, die oude religieuze waarden en tradities in puin beukt, maar het wijst tevens nieuwe, vaste waarden aan, die de verdere levenskoers van de Bantoe bepalen kunnen.

Onder de invloed van de zending laat hij langzamerhand ook het beeld van de bezielde natuur los. Deze natuur wordt nu een arbeidsveld voor hem, dat hij zonder vrees voor de geesten mag onderwerpen, bebouwen en beplanten. Zo maakt de zending deze mens ontvankelijk voor het gebruik van nieuwe produktiemethoden in de landbouw.

Hetzelfde verschijnsel doet zich bij de veehouderij voor. Het advies van de voorlichtingsdiensten om de kudden kleiner te maken en de nadruk te leggen op de melken vleesproduktie roept bij de Bantoe sterke weerstanden op. Die raad opvolgen zou betekenen, dat hij met eigen handen de fundamenten van zijn bestaan ging ondergraven. De grote veekudden zijn eenvoudig onmisbaar voor de polygamie, daar de ouders van elke bruid hun „loboio" moeten ontvangen. Bovendien delen deze dieren — we zagen dat in de eerste artikelen van deze serie — in de sfeer van het heilige, omdat ze onlosmakelijk verbonden zijn met de voorouderverering. De zending kan met de prediking dit heidens-magische denkpatroon doorbreken. Ook wordt de Bantoe daarin gewezen op het ongeoorloofde van de veelwijverij. Dan valt de oude visie op het vee weg. Een christen-Bantoe zal idaarom eerder dan zijn heidense medemens geneigd zijn om adviezen van voorlichtingsdiensten, die zijn bestaanszekerheid groter willen maken, op te volgen. Zo gezien is zending dus een uiterst waardevolle bijdrage voor het slagen van een ontwikkelingsplan, hetzij in Zuid-Afrika, hetzij in de achtergebleven gebieden elders.


Zie voor de oorzaken en gevolgen van deze trek het vierde en vijfde artikel.

De Nederduits Gereformeerde Kerk van Zuid-Afrika. Inlichtingen over deze kerk geeft de Chr. Encyclopedie (2e druk). Zie ook de artikelen over de Nederd. Herv. Kerk en de „Doppers" in dit werk.

Notitie van 3 mei 1964. „Zó zag ik Zuid-Afrika!" Reisdagboek van G. J. H. Gijmink, Ned. Herv. Pred. te Rotterdam en voorzitter N.Z.A.W.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 november 1964

Daniel | 16 Pagina's

Zuid-Afrika: Land van dè ontmoeting

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 november 1964

Daniel | 16 Pagina's