Naar 't heilig land
15.
HOREB
Gij zijt Mijn volk. Ik heb u uitgeleid. Mijn sterke hand deed al uw haters beven. Gij hebt in slavernij tot Mij geschreid, uw handen waren tot Mij opgeheven.
Ik heb Mijn armen tot u uitgebreid en ben altoos dezelfde God gebleven. Ik heb voor u een vruchtbaar land bereid, dat Ik beloofd' uw vaderen te geven.
Hoort nu Mijn stem en dient geen and're god. Wie zou u als een Herder kunnen leiden? Ik schik met wijsheid en met liefd' uw lot.
Wilt met ontzag mijn heil'ge Naam belijden en houdt uit wederliefde Mijn gebod. Uw Vader kan niet van Zijn kind'ren scheiden.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 november 1964
Daniel | 16 Pagina's