De engelen des Heeren
4.
En tén laatste bij de wederkomst van Christus ten oordeel zal Hij omringd en omstuwd zijn door die duizenden en tienduizenden hemelse heirlegers; wat de kerk Gods deed zingen: Hij komt. Hij komt om d' aard te richten, de wereld in gerechtigheid.
Dat is de laatste trap van Christus' verhoging en die is zo geheel anders als de openbaring in de staat der vernedering, toen Hij als hulpeloos kind werd nedergelegd, afhankelijk van Zijn moeder Maria en pleegvader Jozef.
De engelen begeleiden de heilsgeschiedenis in haar keerpunten eri' nemen deel aan de historie, maar brengen die niet tot stand. Hét is alles ten dienste van de levende God, van Christus, de Koning van Zijn kerk in de werkzaamheden op het terrein van de gemeente.
De engelen krijgen de beschikking over de natuurkrachten (Openb. 14 en 16). Ze verdringen nooit Gods souvereiniteit en zijn geen bemiddelaar tussen God en de mens, wat in de heilsopenbaring door Christus vervuld is. Wat zouden de engelen ons zondaren kunnen geven? Waar God de Vader Zijn beminde Zoon schonk om de gegevenen des Vaders aan Hem te geven en te verlossen. Ze zijn geschapen in volle heerlijkheid. Denk maar aan Ps. 68 : 9: ods wagens boven 't luchtig zwerk zijn tien-en tienmaalduizend sterk, verdubbeld in getalen.
Onder hen is noch man, noch vrouw; is geen geboorte, geslacht-of verbondsbetrekking. Met eerbied gesproken: ze worden nooit oud.
Ze zijn zelfstandig, toegerust met de kracht van een stier, met de majesteit van een
leeuw en de snelheid van een arend.
En met de rede van een mens. Het zijn redelijke schepselen, die een schrikwekkende macht hebben. Denk alleen maar hoe één engel al de eerstgeborenen van mensen en vee ternedersloeg in het ontzaglijke oordeel dat Egypte trof. Bedenk dat één engel 185.000 Assyriërs ternedersloeg. Uw oordeel Heere kan niet anders dan vreselijk zijn. Zo heeft David gesproken en dat doet de Heere nu door middel van die engelendiensten. Zij zijn, gelukkig voor het overgrote deel, staande gebleven en bevestigd in hun staat en met macht en heerlijkheid gebonden aan de objecten van Gods souvereiniteit. De engelen kennen onze gedachten niet; ze weten de toekomst niet en ook niet de laatste oordeelsdag.
Helaas zijn ze niet allen staande gebleven. Nee, een deel zijn duivelen geworden. De val van die heilige geesten is verschrikkelijk; erger dan van een mens omdat voor die gevallen engelen nooit en te nimmer herstelling mogelijk is. Ze kunnen nooit meer in Gods gemeenschap komen, zoals Gods kinderen voor wie dit door de zonde verbroken was, maar in Christus Jezus, als vrucht van de wedergeboorte hersteld is. Ze zijn niet verleid geweest en er is voor hen geen borgstelling. De oorsprong van de zonde is in de engelenwereld en het heeft zich voortgezet op aarde.
Satan was zeer waarschijnlijk één van de hoofdengelen en gelijk gesteld aan een Gabriël en een Michaël. Zijn naam betekent verklager, lasteraar of wederpartijder. Calvijn zegt: Iemand die tegenstaat! De door hem bedreven zonde heeft hij voortgezet en een aanval gedaan op het pronkjuweel van Gods schepping. En helaas viel Adam moed-en vrijwillig. De Heilige Schrift deelt ons wel de val van de mens mede maar niet die der engelen. De zonde van Satan wordt ons niet toegerekend, maar de eerste zonde van Adam. Hij toch representeerde het menselijk geslacht en was hoofd van het werkverbond. Hoogmoed dreef Satan tot opstand
plegen in de staat van de engelenheerlijkheid die rijk begaafd was met kracht en macht. De door God Zijn Schepper hem geschonken heerlijkheid misbruikte hij doelbewust. Hij deed een aanslag op Gods souvereiniteit, zegt Calvijn. Hij stelde slagorde tegen de 'levende God en tegen Zijn almacht. De Heere Jezus heeft toen Hij op aarde wandelde het zo duidelijk gezegd dat hij (Satan) in de waarheid niet staande is gebleven. Satan spJreekt uit zichzelf. We zien dus in Satan de incarnatie, d.w.z. de verpersoonlijking van de leugen; wat zich straks zal gaan voltooien in het Rijk van de Anti-christ.
Mij is gegeven alle macht in de hemel en op de aarde. Dat mag Gods volk moed geven èn Gods knechten om a.s. rustdag de kansel weer te beklimmen, om dat dierbaar evangelie te mogen uitdragen. Want Christus is gekomen om die helse macht te verbreken. De waarheid is God. Satan is de leugen met de wortel hoogmoed. Hij verbrak daardoor die heerlijke gemeenschap. Het niet willen staan, het zich niet willen onderwerpen aan Gods leiding, het als God zijn, zegt Van der Kemp in zijn catechismus.
(Wordt vervolgd)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 november 1964
Daniel | 16 Pagina's