JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

ONS DAGELIJKS WERK

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

ONS DAGELIJKS WERK

6 minuten leestijd

Inleiding

Vroeg of laat, na korter of langer schoolopleiding, moet ieder van ons een beroep kiezen. Als dat gebeurd is, krijgen we een werkkring waarin we minstens 5 dagen per week doorbrengen, en veelal pogen w^e onze positie te verbeteren door studie in de overblijvende tijd.

Je ziet welk een belangrijke plaats ons dagelijks werk in ons leven inneemt, velen beseffen dit pas goed als zij een beroep moeten gaan kiezen. Door deze keus wordt immers de koers en inhoud van het verdere leven goeddeels vastgelegd!

Daarom is het niet verwonderlijk dat velen op dit gebied vaak met moeilijkheden zitten en zich afvragen welke betekenis ons dagelijks werk heeft. Temeer, omdat de toekomst van onze generatie wel bizonder onzeker is, als we letten op de voortdurende oorlogsdreiging, de vele veranderingen in onze samenleving, enz.

Welnu, in deze artikelenserie hoop ik in te gaan op allerlei vragen rondom ons dagelijks werk. Ik stel het zeer op prijs als je je gedachten over deze artikelen niet alleen voor jezelf houdt, maar die aan mij laat weten. Je kunt met mij over óf n.a.v. deze artikelen van gedachten wisselen via de administratie: Ridder van Gatsweg 244 A, Gouda. Je reakties zijn van harte welkom!!

Onlangs verkondigde een onkerkelijk iemand, dat de bijbel niets met ons dagelijks werk te maken heeft omdat „het in de bijbel gaat om de redding van de ziel".

Dit is een halve waarheid en, zoals je weet, is een halve waarheid érger dan een hele leugen! Hieronder zie je waarom deze onkerkelijke de halve waarheid sprak.

Wat zegt de Bijbel?

In de wereld, v^aarin de apostelen het Evangelie verkondigden, werd handenarbeid geminacht: „bij alle handenarbeid krijgt men vuile vingers" (Cicero). Dit was voor slaven, terwijl de vrije man zich bezig hield met wetenschap, kunst, politiek en sport.

Ook in de middeleeuwen werd handenarbeid geminacht, vooral landarbeid. Hoofdarbeid werd daarentegen hoog gewaardeerd. Dit werkt in onze tijd nog na, als men in zekere kringen de „witte boord" hoger aanslaat dan de „overall"!

De apostel Paulus voorzag echter in zijn eigen onderhoud door handenarbeid (tentenmaken) en maakte geen gebruik van het recht om zich door de gemeente te laten onderhouden: „nacht en dag werkende, opdat wij niemand onder u zouden lastig zijn" (1 Thess. 2, 9). Op deze wijze kwam hij met het „gewone

volk" in aanraking en kwam d.m.v. zijn getuigenis z'n kollega-tentenmaker Aquila tot het geloof.

In de griekse gemeente Thessalonika waren er sommigen, die hun dagelijks werk verwaarloosden en zich voortdurend met de zaken van een ander bemoeiden. Zij meenden dat Christus' wederkomst zó nabij was dat hun werk geen zin meer had. Paulus vermaande hen echter hun werk te hervatten. Rustige arbeid zal een goede indruk maken op de heidense omgeving en bovendien blijft men dan onafhankelijk en kan men eigen brood eten. Ook heeft de arbeid met eigen handen dit voordeel dat men hierdoor iets verwerft, waaruit aan de behoeftigen — in én buiten de gemeente — kan worden meegedeeld (Ef. 4, 28). Je begrijpt, dat déze levenshouding aan handenarbeid het kenmerk van minderwaardigheid ontneemt!

Toen de Heere Jezus te Nazareth in de synagoge leerde, ergerden velen zich aan Hem en vroegen verwonderd: „is deze niet de timmerman, de zoon van Maria? " (Mark. 6, 3). Zij begrepen niet dat Hij vrijwillig het beroep van timmerman uitoefende, omdat de «erste Adam — wij in hem! — niet meer tot Gods eer kon en wilde werken. Zó ging Christus op de plaats staan van allen, die met hun zonden — o.a. die van hun dagelijks werk! — „tot Hem zich ter genezing wenden".

Toen Adam en Eva in de zonde vielen, trok de Heere het bevel „vervult de aarde en onderwerpt haar" niet in. Hij handhaafde dit aan hen gerichte bevel, óók in de aanwezigheid van doornen en distelen en het zweet des aanschijns. Want Hij gaf de schepping — in Zijn ongehouden goedheid! — niet prijs aan de verwoestende krachten van satan!

Zinloosheid?

Menig mens wordt soms óf vaak gekweld door de gedachte dat z'n dagelijks werk weinig of geen zin heeft.

Ook in het bock Prediker wordt de gedachte uitgesproken dat al het zwoegen van de mens op aarde vergeefs is, ook al zou hij daarin de grootste wijsheid vertoond hebben. Waarom? Wel, bij zijn dood moet de mens alles overlaten aan een ander, die er de macht over krijgt: „ik haatte ook al mijn arbeid dien ik bearbeid had onder de zon, dat ik dien zou achterlaten aan een mens die na mij wezen zal" (Pred. 2, 18).

De vergeefsheid van zijn arbeid bracht de Prediker tot vertwijfeling. In de arbeid in deze wereld is immers geen wezenlijke en blijvende waarde te vinden, omdat de mens het niet in z'n eigen macht heeft om de vrucht van z'n arbeid te genieten: „is het dan niet goed voor de mens dat hij eet en drinkt en dat hij zijn ziel het goede doet genieten in zijn arbeid? Ik heb ook gezien dat zulks van de hand Gods is" (Pred. 2, 24). Dit genieten hangt m.a.w. alleen van Gods beschikking af! Dit blijkt wel overduidelijk als iemand, met een groot aandelenpakket in de brandkast, op streng dieet gezet wordt.

De Prediker roept ons op tot het zoeken van datgene wat wél blijvende waarde heeft. Het verlangen wordt gewekt naar de beloofde Messias, het oog wordt gericht op Hem Die deze Messias schenken zal in de volheid des tijds.

Daarom kon Job, toen in één dag tijds zijn hele levenswerk door satan verwoest werd, zeggen: „de HEERE (de Verbondsgod) heeft gegeven en de HEERE heeft genomen; de Naam des HEEREN zij geloofd".

Daarom wekte Paulus de christen-slaven op om hun aardse heren met uiterste zorgvuldigheid te dienen. In deze arbeid ligt niet langer iets vernederends, het slavenwerk is dienst aan Christus geworden (Kol. 3, 24).

De gelovigen hebben de roeping om te volharden en standvastig te zijn, omdat er in Christus een volledige overwinning is op alle vijanden: duivel, dood en zinloosheid!

Christus, de Eerstgeborene uit de do-

den, is waarborg dat hun leven een rijke oogst zal zijn, dat hun dagelijks werk niet ijdel, niet vergeefs is in.... HEM (1 Kor. 15, 58).

Als we niet wegvluchten in een kolossale oppervlakkigheid, ontkomen we niet aan de levensvraag: welke blijvende zin heeft ons dagelijks werk?

Weten we onszelf geborgen in Hem, Wiens Offer de opdoemende afgronden van zinloosheid verslindt? Of pogen we onszelf — met de „moed" der wanhoop! — toch te handhaven, terwijl de Redder nabij is?

„Slechts wat ontbloeid is uit Uw bloed Zal niet het noodweer kunnen deren: 't Zal als het braambos niet verteren Zelfs midden in de heetste gloed!"

(A. Wapenaar)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 juli 1964

Daniel | 16 Pagina's

ONS DAGELIJKS WERK

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 juli 1964

Daniel | 16 Pagina's