Onze reis door Israël en Jordanië
(Vervolg)
In de vlakte van Jericho zijn twee vluchtelingen-kampen, een met dertig-en een met veertuigduizend vluchtelingen; door de UNESCO wordt veel voor deze vluchtelingen gedaan, door het verstrekken van voedsel, kleding enz. In deze kampen werkt ook een Hollandse vrouw; voor de regering van Jordanië vormen deze vluchtelingen-kampen een groot probleem.
Wij komen nu in het oude Jericho; Jericho betekent Palmstad en wij zien er vele palmbomen. In deze stad is veel gebeurd in de tijd van de Heere Jezus; wij denken aan de blinde, die aan de weg zat en tot Hem riep: Jezus, Gij Zone Davids ontfermt U mijner, en Jezus genas hem. De profeet Elisa maakte hier het bittere water uit de bron gezond, door cr zout in te werpen; deze bron (de Elisa-bron) is thans nog aanwezig. Jericho is de oudste stad der wereld; tijdens de tocht van het volk Israël is Jericho door Jozua ingenomen; volgens het bevel des Heeren moest het volk met de Ark, waarvoor zeven priesters met ramsbazuinen liepen, om de stad heen trekken, elke dag éénmaal, maar op de zevende dag moesten zij zevenmaal om de stad trekken en de priesters op de bazuinen blazen; toen viel de muur der stad en het volk trok in de stad, terwijl bij de verwoesting der stad alléén het huis van Rachab werd gespaard. Bij opgravingen is een stuk van de oude stadsmuur met een gedeelte van een huis erop gevonden; in de diepte kan men wel 16 woonlagen op elkaar vinden, die zwaar en massief zijn gebouwd. Op de hoogte staande zien we een , echt oosters tafereeltje; een herder komt met zijn kudde schapen naar de Elisa-bron om hen te laten drinken, zoals dit eeuwen lang is geschied. In Jericho is de temperatuur in de zomer en in de winter even hoog. Vanaf de plaats waar wij staan zien wij de berg der verzoeking, die 348 m hoog is; deze berg is een naakte rotskegel, vol met kloven, die steil oprijst; halverwege een der wanden is een Grieks bergklooster gebouwd, dat boven de afgrond uitsteekt. Na veertig dagen en nachten te hebben gevast werd de Heere Jezus op deze berg door de satan verzocht, die Hem alle koninkrijken der wereld en hun heerlijkheid toonde en tot Hem zei: Al deze dingen zal ik U geven indien Gij nedervallende, mij zult aanbidden, waarop de
? Ieere antwoordde: Ga weg satan, want er staat geschreven: den Heere uwen God zult gij aanbidden en Hem alleen dienen.
Wij verlaten de hoogte vanwaar wij een bijzonder mooi gezicht 'hebben op Jericho met haar mooie palmbomen en rijden verder door een woest landschap totdat wij aan de rivier de Jordaan komen aan de plaats , waar Johannes de Doper gedoopt heeft; het water van de Jordaan is niet helder maar troebel; zij is de hoofdrivier van Israël en ontspringt uit drie bronbeken op de zuidelijke helft van de Hermon, welke berg 2760 meter hoog en altijd met sneeuw bedekt is. Zij bruist dan met een groot verval naar het Hülehmeer, om daarna in het meer van Genesareth uit te komen; vei'der slingert zij zich in talrijke bochten over een afstand van 300 km naar de Dode Zee, waar zij haar einde vindt. In Genesis lezen we reeds over de Jordaan waar Jacob tot de Heere zegt: ik ben met deze staf over de Jordaan gegaan enz. Ons wordt de gelegenheid geboden om met een kleine boot de Jordaan op te roeien, waarvan wij gebruik maken; nadat wij weer aan wal zijn gestapt vervolgen wij onze reis en komen aan de Dode Zee, waar wij het gezicht hebben op de berg Nebo. Enige onzer reisgenoten verfrissen zidh door in de zee te gaan zwemmen. Nadat wij allen iets gebruikt hebben gaan wij weer naar Jeruzalem, dat op een afstand ligt van 35 km en waar in ons hotel het middagmaal wacht.
Na het eten brengen wij een bezoek aan het oude Jeruzalem; na vijf minuten rijden komen wij aan de Stefanuspoort; wij gaan door deze poort en komen in de Via Dolorosa of de Weg der Smarten; deze weg is de Heere Jezus met het kruis gegaan naar de heuvel Golgotha; de Via Dolorosa begint dichtbij de St. Annakerk en eindigt op Calvarië bij de kerk van het Heilige Graf. Iedere vrijdagmiddag wordt hier een Franciscaner processie gehouden, waaraan ook pelgrims en toeristen deelnemen en waarbij een groot kruis wordt meegedragen, waar^T^an de dragers telkens verwisselen. De St. Annakerk dateert uit de 7e eeuw en is in de 12e eeuw door de kinjisvaarders herbouwd. De mohammedanen hebben de kerk enige tijd in hun bezit gehad, gedurende welke tijd een kruis erop bleef staan, doch nu is deze kerk een R.K. kerk; op de plaats waar deze kerk staat moet Maria geboren zijn; haar ouders, Anna en Joachim woonden hier en de kerk draagt de naam van haar moeder.
Wij bezichtigen de kapel der geseling, alwaar Pilatus de Heere Jezus liet geselen en Hem daarna overgaf aan de joden voor de kruisiging; men wijst ons de pilaar aan waar de geseling heeft plaats 'gevonden. In de kerk bevinden zich gebrandschilderde ramen met Bijbelse voorstellingen, (o.a. de handwassing van Pilatus; de geseling van de Heere Jezus enz.) die alle op
het lijden betrekking hebben; ook zien wij de plaats der veroordeling waar de Heere Jezus Zijn kruisgang is begonnen; de afstand tussen deze plaats en de heuvel Golgotha is één km. Wij zien hier stenen, die men opgegraven heeft en waarin groeven zijn aangebracht voor de paarden der Romeinse soldaten, om uitglijden te voorkomen; ook zien wij stenen, waarin men gegraveerd heeft de tekens voor het koningsspel, dat door de Romeinse soldaten tijdens de veroordeling van de Heere Jezus werd gespeeld; wanneer een koning werd veroordeeld werd dit koningsspel gespeeld; onder deze tekens zagen wij ook de Davidsster.
(Wordt vervolgd)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 juli 1964
Daniel | 16 Pagina's