JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Een bladzijde voor en van onze jeugd

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Een bladzijde voor en van onze jeugd

7 minuten leestijd

De vorige keer hebben jullie in ons blad een uitgebreid verslag gelezen van onze landdag in Den Haag. Ja, dat was een gezellige dag. Ik vind het altijd zo'n mooi gezicht zo'n paar honderd jongelui te zien zitten, allemaal keurig gekleed en met een gezicht vol verwachting naar wat komen gaat. Zij, die er waren hebben er zeker geen spijt van gehad, en zij, die verstek lieten gaan, hebben een mooie dag gemist. Ik denk dat er velen van jullie wel twee of drie keer per jaar zo'n landdag zouden willen hebben. Dat gaat natuurlijk niet, dat zou jullie en ons veel te veel kosten. Jullie zitten nu natuurlijk vol vakantieplannen, maar eerst nog een paar weken hard werken op school, want de overgangs-en de examentijd breekt weer aan. Dus jongelui, flink blokken hoor, zorg er voor dat je mooie cijfers haalt. Ja, ik weet wel dat je, vooral met dit mooie zomerweer, 's middags of 's avonds liever gaat zwemmen dan studeren; zet je tanden op elkaar hoor, vankantie vieren kun je over een paar weken wel. Voor ik nu het een en ander van jullie laat lezen moet ik er eerst nog twee voor 't voetlicht halen n.1. Agatha van Heil uit Zeist en Jan Zuurmond uit Scheveningen; Agatha en Jan gaven me elk een nieuwe abonnee op. Hartelijk dank, jongelui, als de werfactie voorbij is krijgen jullie een premie. Ik zou zo graag willen dat jullie nu allemaal nu eens één nieuwe abonnee aanbrachten. Kan dat nu echt niet? Waar een wil is, is een weg! We gaan nu eens in onze mooie vaderlandse geschiedenis een kijkje nemen en wel bij:

De investituurstrijd

In 1056 werd Hendrik IV tot keizer van Duitsland gekozen. Hij schonk, evenals zijn voorgangers, de bisschoppen steeds meer wereldlijke macht. Hij had hiennee een wijze bedoeling, want bisschoppen mogen niet huwen en na hun dood kwam het land weer aan de keizer terug. In andere lenen, die erflijk waren, kregen de leenmannen soms veel te veel macht, dus zorgde de keizer er voor dat de bisdommen op zijn hand bleven. Stierf een bisschop dan kon de keizer opnieuw een vertrouwd persoon benoemen. Bij de bisschopskeuze lette Hendrik IV meer op de politieke en militaire bekwaamheid dan op de vroomheid van zo'n persoon. Daardoor kreeg Hendrik IV ook invloed op de pauskeuze. Paus Gregorius VII verzette zich langzamerhand tegen deze verhoudingen. Tenslotte verbood hij het benoemen van een bisschop door iemand, die niet tot priester gewijd was. Maar Hendrik IV stoorde zich aan dat bevel niet. Daardoor ontstond de investituurstrijd. Toen deed de paus hem in de ban. Vele leen-mannen in Duitsland kozen nu de zijde van de paus. Hendrik IV was nu wel genoodzaakt om een boetetocht naar Canossa, de verblijfplaats van de paus, te maken en de paus om opheffing van de ban te vragen. Als hem de opheffing van de ban beloofd is reist hij gauw terug naar Duitsland. Hier had men intussen een nieuwe keizer gekozen, Rudolf. Hendrik IV verzamelt een leger van zijn trouw gebleven bisschoppen en verslaat Rudolf, die in het gevecht sneuvelt. Als Hendrik het gewonnen heeft rukt hij met een leger op naar Rome en belegert die stad 3 jaar, dan wordt Rome genomen en geplunderd.

Gregorius VII ontsnapt aan de Duitsers, maar de keizer benoemt een nieuwe paus. Hij heeft de vernedering hem aangedaan gewroken. Later laaide de strijd weer op en men kwam in 1122 tot het concordaat van Worms. Daar werd bepaald dat de hoge geestelijken alleen maar de bisschoppen mochten benoemen. Voor de keizer was dit een zware slag. Zijn invloed op de bisschopskeuze ging verloren.

Herman Gerritsen — Apeldoorn.

Je merkt wel Herman dat de opstellen goed overgekomen zijn. Dit is de eerste keer dan ik iets van je plaats; je hebt maar ineens een onbekend gedeelte genomen uit de tijd, toen ons land nog bij Duitsland behoorde. Je laatste opstel bewaar ik nog even, want nog niet zo lang geleden heeft daar iets van in „Daniël" gestaan. Nu een lang gedicht:

Het onderscheid tussen het oude en nieuwe geloof (I)

Clauws Harms, de vrome predikant, De ijverige kruisgezant, Voorzeker ook in Nederland Niet onbekend bij menig vrome, Moest eens om zaken die hij had Op reis naar ene kleine stad; Had in een spoortrein plaats genomen. De trein, die snorde lustig heen, En Harms, hij reisde niet alleen. En onder velen was er één, Gezeten in dezelfde wagen, Die zo het scheen niet zwijgen kon, En spoedig het gesprek begon. Hij zei, met zichtbaar zelfbehagen. Dat hij in ene Zweedse stad. Waar hij zijn vaste woonplaats had, Een lucifersfabriek bezat, Die in een goede staat verkeerde. De zaak was uitgebreid en groot, Terwijl de winst, die zij hem bood, Aanzienlijk ieder jaar vermeerde. Uitvoerig was des mans verhaal. Hij zeide een en ander maal: „Ik ben een man van kapitaal. Door plichtsbetrachting en door orde Door grote ijver, noeste vlijt, Door mijn genie en goed beleid, Ben ik een schatrijk man geworden." En zich opeens tot Harms gewend, Die naast hem zat of daaromtrent, Sprak hij: „Mijnheer, is 't U bekend Hoe lucifersfabrieken werken? " En waarop Harms zich horen liet: „O, neen mijnheer, dat weet ik niet. Ik ben een dienaar van Gods Kerke." „Welzo, " hernam de fabrikant, „Zijt G' in de geestelijke stand, Dat tref ik dan gelukkig, want Dan acht ik nu het uur geslagen Om heden aan een man als Gij, Godsdienstig en geleerd daarbij, Mag 't zijn iets van gewicht te vragen. Er is, wie blijft er gans voor doof. Zo tussen oud en nieuw geloof In deze tijd een brede kloof. Men weet niet waar zich aan te houden, En zo Gij daartoe zijt bereid, Wijs mij dan eens het onderscheid, Wat noemt men 't nieuwe, wat het oude? " En Harms nu antwoordt zeer bedaard, Dat hij zich wel bereid verklaart, Schoon hij er het verzoek aan paart, Om 't antwoord, dat hij hem zal geven In een gelijkenis te kleên. Hetgeen de fabrikant meteen Hem toestaat, dat is hem om 't even.

(Wordt vervolgd)

Dit is van jou, Rinus de Witte. Het is veel te lang voor één keer, volgende keer de rest. Ik denk dat de meesten wel nieuwsgierig zullen zijn naar 't antwoord van ds. Harms. Ik heb nog een klein opstel over.

Hanna

Elkana had twee vrouwen. De ene heette Hanna, de andere Peninna. Elkana hield meer van Hanna dan van Peninna. Hanna had geen kinderen, Peninna wel. Peninna sarde Hanna. Ze zei: „Jij hebt toch lekker geen kinderen, ik wel." Hanna hoorde dat en werd bedroefd, dan liep ze dikwijls te schreien. Toen zij eens in Silo waren kon Hanna niet eten van verdriet. Ze liep van tafel weg en ging naar de tabernakel. Daar was Eli. Hanna ging in een hoekje zitten bidden. „O, Heere, " fluistert ze zachtjes, „als Gij mijn gebed verhoren zult en geeft, dat ik een zoon krijg, dan zal ik dat Kind aan U geven. Dat kind zal aan U gewijd zijn." Hanna blijft maar bidden, ze blijft aanhouden. Onderwijl komt Eli naar haar toe. Hij denkt dat ze dronken is en spreekt haar hard toe. „Nee, " antwoordt Hanna, „ik ben niet dronken, ik heb gebeden." Wat schrikt Eli, dat hij zich zo vergist heeft. Hij zegt: „Ga heen in vrede, en de Heere zal Uw gebed verhoren; de Heere zal uw bede geven."

Na een tijd krijgt Hanna werkelijk een zoon. Zij noemt haar kind Samuël; dat betekent „van de Heere gebeden." Wat is Hanna nu blij en Elkana ook. Toen Samuël ongeveer zes jaar was, bracht zijn moeder hem naar Eli om in de tabernakel te dienen. Later is hij richter over Israël geworden.

Koos Zachariasse — Biggekerke

Zo Koos, jij bent de laatste van dit keer. Bedankt voor je verhaaltje en nu maar gauw aan een nieuw beginnen.

De bladzijde is weer vol. Allamaal de hartelijke groeten,

C. de Bode — Dirksland

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 juni 1964

Daniel | 8 Pagina's

Een bladzijde voor en van onze jeugd

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 juni 1964

Daniel | 8 Pagina's