JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Het sierlijkste kleed!

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het sierlijkste kleed!

4 minuten leestijd

Meditatie over 1 Petrus 5 vers 5 „Zijt met ootmoedigheid hekleed."

Augustinus heeft reeds gezegd dat de eerste, tweede en volgende vrucht van het geloof OOTMOED is. Ootmoed is het kleed van de oprechte. Ootmoed is de duidelijkste vrucht der genade. Petrus schrijft hier: „zijt met ootmoedigheid bekleed."

Eigenaardig dat woord bekleed. Wij kleden ons naar de omstandigheden waarin wij verkeren. Hetzij een rouwkleed of feestkleed, een rijk kleed of een zeer sober kleed al naar gelang wij behoren tot de beter of minder goed gesitueerden.

Wij dragen een deftig ambtsgewaad of de grove werkkiel al naar gelang wij een „Goddelijk beroep" hebben te vervullen hier op aarde.

In de Schrift wordt veel van klederen gesproken ook wel als in gelijkenis. Klederen der overwinning, of maters van God die met schaamte bekleed zullen worden.

In deze uitdrukkingen die veel in de Bijbel voorkomen, wordt de staat of hoedanigheid van vriend of vijand aangeduid. Hij zal met schaamte bekleed worden, betekent dus „hij zal beschaamd worden." Zo ook hier in de tekst betekent het „zijt ootmoedig."

Zo het kleed naar buiten openbaart wat ik ben en doe, zo is de ootmoed het kleed van een nederig hart.

Hier heeft Petrus wel wat van meegemaakt. Ja, juist Petrus, hij kon uit ervaring spreken. Wat trad hij dikwijls op de voorgrond, menigmaal met de beste bedoelingen maar toch vaak in het gemis van dit sierlijke kleed. Hij zou zijn Meester nooit verloochenen, hij zou Hem nooit alleen laten, als alle anderen Hem verlieten zou hij zijn leven wel voor Hem geven. En heus, het was geen praatje. Hij zou zich letterlijk „doodgevochten" hebben in de hof, al slaande met het zwaard zou hij voor Jezus sterven. Maar de Heere kwam niet om zich door Petrus te laten verdedigen en ten koste van Petrus' leven aan Zijn vijanden te ontkomen. Maar Jezus ging deze weg om voor Petrus' hoogmoed verzoening te doen. En de les die hem eenmaal ten diepste verootmoedigen zou was: „Ik ben niet gekomen om gediend te worden maar om te dienen."

Petrus heeft het er slecht afgebracht voor Jezus. In plaats van voor Jezus te sterven heeft hij Hem verloochend en dat tot driemaal toe. Toch trok zijn lieve Meester de hand nu niet van hem af. Het zou billijk geweest zijn, niemand had er iets van kunnen zeggen zo de Heere Petrus had laten sterven in zijn verdriet. Hij was het waard.

Maar nee, de Heere wilde Petrus leren ootmoedig te zijn. En het blijkt dat het onderwijs vrucht heeft gedragen. Is er één discipel die zoveel zelfverloochening beoefenen mocht als Petrus? Hij, die in zijn grote smart werd opgezocht en hersteld in Gods gemeenschap, heeft gebogen in vernedering en tranen. Christus' doornenkroon heeft hem het hart doorboord. Christus' liefdeoog heeft al zijn kracht en hoogmoed verteerd. Al zijn roem was voortaan in het kruis. Nee, nu waren zijn ogen niet meer hoog. Nu kon hij naast de diepst gevallene gaan staan en zeggen: „broeder, ik was ook eenmaal zoals gij, maar toen zag Jezus mij aan, toen heeft Hij zich mijner ontfermd."

O geliefde lezer, dan zoeken wij de bedroefde en struikelende op, dan helpen wij de zwakke lammeren van de kudde. Dan leggen wij geen maatstokken aan, maar zeggen het de gebondenen: „Zie hier is uw Heiland." Dan roepen wij het de ellendige toe: „houd toch moed, want ik was nog verder afgedwaald, nog groter zondaar, en Hij zag mij aan." Dan willen wij alle hinderpalen voor die in zichzelf zo ongelukkigen wegnemen. In plaats van ze met deze of die vereisten te bezwaren brengen wij zoals Filippus eens Nathanaël, hen tot Jezus. Dan gaan wij spreken uit hoe grote nood en dood Hij ons verlost heeft.

Dan stallen wij Zijn rijkdommen uit, zoals Abrahams knecht de sieraden uitstalde voor Rebekka. Dan maken wij

het hart van de vreesaehtigen gaande naar de Verlosser.

Zie, daarin komt de ware ootmoed openbaar. De ootmoedige gelooft dat een ander eerder zalig kan worden dan hijzelf. De ootmoedige kan zelfs onder kruis gebogen anderen nog troosten. En in alle leed is zijn hart teder voor God omdat hij nog veel erger verdiend heeft. En de ootmoed wordt blijmoedigheid als de omtrekken van Jezus' kruis zich voor hem in al zijn druk gaan aftekenen. Dan is het ootmoedige hart een met God verzoend hart. r g

Zulke ootmoedigen zijn ook zachtmoedigen, die geleid worden in het effen recht des Heeren en die straks met hun Godgeheiligd zaad, het gezegend aardrijk zullen beërven. Maar ook hier zingen ze:

„Vraag iemand waar mijn rijkdom zij?

Ik wijs naar 't kruis, verheugd en vrij. Aan dit gezegend vloekhout hangt al wat mijn arme ziel verlangt."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 5 juni 1964

Daniel | 8 Pagina's

Het sierlijkste kleed!

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 5 juni 1964

Daniel | 8 Pagina's