Onze reis naar Israël en Jordanië
(VERVOLG)
Acre of Akko is een oude beroemde havenstad uit de tijd der Phoeniciërs. In Richteren lezen - wij dat Aser de inwoners van deze stad niet verdreef. Zelfs heeft Napoleon getracht de stad te veroveren, maar door de sterke vestingmuren mislukte dit. De bevolking bestaat voor een derde gedeelte uit Arabieren, die joodsgezind zijn. In 1948 is hier de grootste moskee door de arabieren gebouwd. Eveneens zijn hier een mohammedaanse hogeschool en een Cadetten-school.
Aan de kust van de Middellandse Zee houden wij een koffiepauze en genieten van het uitzicht. Wanneer wij huiswaarts keren zien wij onderweg een kudde Deense koeien, die hierheen zijn vervoerd, in afwachting of zij in dit klimaat kunnen wennen. We naderen nu Haifa, de havenstad van Israël en komen langs de beek Kison waar de profeet Elia de baaiprofeten liet ombrengen en waar Sisera een nederlaag leed. Terwijl wij hier uitstappen stopt een Israëlische wegenwacht en vertelt ons dat zij van ons land drie compleet uitgeruste wegenwacht-motoren hebben gekregen. Ook ontmoeten wij daar twee mensen uit Leiden, waarvan de een een dochter heeft, die in een kibboets werkt en die zij een bezoek hadden gebracht. Na dit oponthoud rijden wij verder en komen spoedig in Haifa aan; vroeger lag hier Cesarea, dat echter geheel verzand is. De stad is in drie gedeelten tegen het Karmelgebergte opgebouwd. De benedenstad omvat de haven, de winkels en zakenwijken; hogerop zijn de woonwijken en boven zijn de villawijken. Haifa is in grootte de tweede plaats in Israël en heeft 170.000 inwoners. Veel hoge flatgebouwen zien we hier met 2Y2 - kamerwoningen, die volgens onze begrippen een te kleine woonruimte hebben, doch voor Israël van normale grootte zijn. Wij komen aan in Hotel Zion waar wij het avond-eten gebruiken en de nacht zullen doorbrengen. Wanneer men bij een maaltijd in Israël vlees gebruikt mag men volgens joodse begrippen geen melk gebruiken, zodat dan de koffiie zonder melk wordt geserveerd. Na het avond-eten vraagt de gids ons of wij Haifa bij avond willen zien. Voor dit doel rijden wij om 9 uur naar de berg Karmel en zien wij beneden ons de duizenden lichten van Haifa. Voor de kust liggen de verlichte schepen voor anker, die zich weerspiegelen in het water van de Middellandse Zee. Het is een onvergetelijk gezicht.
De volgende morgen vertrekken we in de richting van het Karmelgebergte en komen in Bahaim, waar een tempel staat. De Bahaims zijn vrijzinnige Israëlieten; zij geloven aan Bahaim, zoals de mohammedanen aan Mohammed geloven; zij hebben twee miljoen leden, die over de gehele wereld zijn verspreid, in hoofdzaak in Amerika.
Verderop staat een Karmelietenklooster; de Karmelieten vormen een kleine secte, die alleen aan Elia geloven; zij hebben voor Elia een standbeeld opgericht. Zij bezitten slechts twee kloosters. De oprichting der Karmelieten-orde dateert uit de twaalfde eeuw en omvat nu 30.000 broeders en zusters. In de kloosterkerk, die in 1836 is gebouwd, zien we prachtige wandde plafondschilderingen, die door een der broeders zijn geschilderd. De karmeliet, die ons hier rondleidt is een Zuid-Afrikaan en in deze taal sprak hij, wat grappig klonk en goed verstaanbaar was. Twintig kilometer van hier is de plaats waar de profeet Elia bad om regen en waar het Baai-altaar stond.
Wij rijden verder en komen boven op de berg Karmel, waar wij in het Dan Karmel-hotel de koffie gebruiken. Het is een groot hotel met elf verdiepingen en is zeer modern en smaakvol ingericht. Men vind er een binnenmuur die geheel bestaat uit kleine en grote grintstenen; ook zijn er muren die uit kleine vierkante stenen bestaan in de kleuren groen, geel en goud; met deze steentjes zijn ook de tafels ingelegd. In het hotel kan men vele soorten kleding kopen alsook souvenirs en andere luxe voorwerpen, die op verzoek van de kopers naar het opgegeven adres worden verzonden. Het benodigde kapitaal voor de bouw van dit hotel is verstrekt door Amerikaanse joden. Wij rijden de berg Karmel af en komen weer aan de Middellandse Zee; het valt ons op dat in deze streek vele malen de naam Dan voorkomt.
(Vervolg op pag. 86)
VOOR ONZE LEZERESSEN (vervolg)
Wij zien hier grote tribunes opgesteld voor de viering van het 15-jarig bestaan van de staat Israël; ook zijn hier tentenkampen; vele vlaggen wapperen in de wind, waaronder ook de Nederlandse vlag. De Israëlische vlag is gemaakt van wit doek, waarop in het midden een blauwe Davidster en aan iedere zijde van de Davidster een blauwe streep voorkomt.
Dichtbij vindt men een groot kerkhof voor militairen, die in de laatste wereldoorlog in Egypte gesneuveld zijn.
In deze streek heeft Baron Rothschild gewoond, die uit Wenen afkomstig was. Zijn vader, Jacob Rothschild, heeft tachtig jaar geleden het initiatief genomen om het verwoeste Israël te herbouwen. De Rothschilds hebben voor dit doel enorme geldbedragen besteed.
We zijn nu aan het einde van het Karmelgebergte gekomen en de eerstvolgende plaats waar we komen is Cesarea.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 december 1963
Daniel | 8 Pagina's