JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Meditatie

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Meditatie

3 minuten leestijd

„De God nu des vredes, Die de grote Herder der schapen, door het bloed des eeuwigen testaments, uit de doden heeft weder gebracht, namelijk onze Heere Jezus Christus, Die volmake u in alle goed werk, opdat gij Zijn wil moogt doen, werkende in u hetgeen voor Hem welbehagelijk is, door Jezus Christus, Dewelke zij de heerlijkheid in alle eeuwigheid. Amen." (Hebr. 13 : 20, 21).

(Slot)

Lezers, eerst hebben wij met elkaar gemediteerd over de bron van de volmaking der gemeente. Die bron is de God des vredes. Vervolgens hebben we geschreven over de volmaking zelf en nu willen wij tenslotte nog handelen over het doel der volmaking.

Wat is immers het doel, waartoe God Zijn gemeente volmaakt? Wel, dit doel is de aanbidding des Heeren.

We lezen immers tot slot in onze tekst: „Dewelke zij de heerlijkheid in alle eeuwigheid. Amen."

Hier wordt dus niet geëindigd in de mens maar in de heerlijkste aanbidding Gods.

Aanbidding is de hoogste vorm der religie. Aanbidden is eigenlijk hemelwerk. Gods kind mag hier bij aanvang leren aanbidden. Er zijn immers ogenblikken, dat de hemel zo laag afdaalt in de ziel, dat hier op aarde hemelwerk verricht wordt. Aanbidden is de stille rust in het volmaakte werk des Heeren. Er is immers een volkomen zaligheid teweeggebracht door een volkomen Zaligmaker, waar van ons niets bij kan, maar ook niets bij behoeft.

Gods volk ervaart in de kennis van Christus de diepste verwondering der ziel, maar ook de dierbaarste aanbidding Gods.

Dan wordt er iets van ingeleefd: Ere zij de Vader Die Zijn geliefde Zoon heeft verordineerd als Middelaar en Borg der Zijnen. Die in de diepte der eeuwigheid toen wij nog niet geboren waren en noch goed noch kwaad gedaan hadden, reeds gedachte des vredes heeft gehad over een volk, dat zich als vijanden tegenover Hem stelde en dat in vloek en schuld voor Hem verloren lag. „U Vader, U zij lof op een verhoogde toon." Ja, ere zij de Zoon, Die Zich gaf om als Herder van Zijn schapen tot God te naderen. Die al hun schuld, al hun oordeel, al hun vloek en straf op zich wilde nemen om zo het rantsoen voor de zonde op te wegen in de hand des Vaders en de vrede voor Zijn schapen te verwerven.

Ja,

„Lof zij de Geest, Die ons ten Trooster is gegeven, ten Leidsman op de weg naar 't eeuwig, zalig leven."

Die Geest, Die het harde hart des zondaars doet breken en smelten voor God; Die de verworven schatten van Christus toepast in de harten der uitverkorenen. Die Geest, Die water giet op het dorstige en stromen op het droge, Die voorbidt in de harten van Gods kinderen, hen troost en eeuwig bij hen zal blijven. Zie lezers, dat is nu iets van die aanbidding die dan leeft in het hart van Gods kinderen.

Eenmaal zal er een aanbiddende gemeente eeuwig voor Gods troon staan, maar ook hier op aarde wordt die ware aanbidding in beginsel gekend.

Onze tekst eindigt met het woordje „amen". Dit amen spreekt van de zekerheid des geloofs, van het verlangen der hoop en van het heimwee der liefde.

Lezer(es), kende u iets van de zaken die wij naar aanleiding van onze tekst in een aantal meditaties behandeld hebben?

De God des vredes heeft vrede willen scheppen voor en met degenen, die Hem de oorlog verklaard hebben en die rechtvaardig in eeuwige onvrede moeten wegzinken.

Daartoe heeft Hij Zijn eigen lieve Zoon willen overgeven, Die Zichzelf daartoe gaf om die vrede te verwerven door het bloed des kruises.

Lezers, wat is het ons allen noodzakelijk die vrede te leren kennen die alle verstand te boven gaat.

Smeek daar de Heere om.

En degenen, die bij aanvang iets van

die vrede kennen, die volmake de God des vredes in alle goed werk, opdat Gij Zijn wil moogt doen, werkende in u hetgeen voor Hem welbehagelijk is door Christus Jezus; Dewelke zij de heerlijkheid in alle eeuwigheid. Amen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 augustus 1963

Daniel | 8 Pagina's

Meditatie

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 augustus 1963

Daniel | 8 Pagina's