Een moeilijke opdracht
Waar kan een zendeling al niet voor gebruikt worden! Dat ondervond ook Schwartz maar al te goed. Op zekere dag ontving hij bericht om zo spoedig mogelijk naar Madras te komen.
Zonder aarzeling ging hij op weg. In Madras aangekomen, werd hij naar generaal Rumbold gezonden. Deze generaal ontving de zendeling met grote vriendelijkheid.
„Ik weet wat u wenst, waarde zendeling. U wenst een kerk, en die zult u hebben, op mijn woord van eer. Maar.... dan zult 11 eerst een opdracht voor de regering moeten vervullen."
„Ik ben altijd bereid de regering van dienst te zijn. Ik zal alles doen wat men van mij verlangt, maar dan moet het niet in strijd zijn met mijn geweten en met mijn positie als knecht des Heeren, " sprak Schwartz vrijmoedig. „Mag ik weten wat ik moet doen? "
„Ik zal het in 't kort zeggen, " antwoordde Rumbold. „Het betreft een gezantschap naar Hyder Ali. Deze bruut is tot onze grenzen genaderd en we hebben het ergste van hem te vrezen. Hij schijnt onoverwinnelijk te zijn en met wapens zullen we tegen hem niets vermogen. Regeringsambtenaars zullen niet eens toegang tot hem krijgen, maar als u tot hem komt, waarde Schwartz, dan zal hij u wel te woord staan." De zendeling schudde het hoofd en sprak: „Ik heb me tot nu toe niet met de politieke verwikkelingen ingelaten en dat hoop ik ook in het vervolg niet te doen. Een zendeling moet geen politiek gezant zijn."
„Ik begrijp u volkomen, " antwoordde de generaal, „maar alle dingen hebben twee kanten. U hebt één kant belicht; mag ik de andere zijde laten zien? Is het u onverschillig, dat er weer een oorlog uitbreekt? U kunt helpen zo'n oorlog te voorkomen."
„Zwijg over bloedvergieten, " sprak Schwartz heftig. „Iedere oorlog is een gruwel en vooral de oorlogen, die in deze streken worden gevoerd; het zijn slachtingen vol onrecht en wreedheid."
„Juist! Door u kunnen deze gruwelen verhinderd worden. U kunt het land bij de vrede bewaren. En dat is toch niet in strijd met uw ambt? U bent toch een vredebode? "
Hierop kon Schwartz niets zeggen. Het was de waarheid. Rumbold merkte dat cle zendeling al enigszins overwonnen was en ging door: „Bedenk ook, waarde Schwartz, dat u dan in streken komt, waar nog nooit een zendeling is geweest. Wie weet wat uw woord daar nog kan doen!" „Toch wil ik even over deze zaken nadenken, generaal. Mag ik een halve dag bedenktijd? "
„Zo'n korte tijd geef ik u grif. Kom deze avond terug met het antwoord." Die avond kwam Schwartz zeggen, dat hij bereid was om de opdracht uit te voeren.
Met z'n vijven verlaten ze de eerste juli 1779 de poort van Madras; de zendeling, een hulpprediker en drie mannen, die de bagage moesten dragen. Zij sloegen de weg in naar het land Mysore, waar Hyder Ali met wrede hand regeerde. Ieder sidderde voor deze man. Geen wonder.
Hyder Ali was een zoon van een hoofdman in het franse leger en had zich opgeworpen tot overste van de troepen van Mysore. Gesteund door zijn troepen stootte hij de koning van de troon en maakte zich toen zelf van de regering meester. Toen hij zag clat hij tot zulke dingen in staat was, ging hij voort met zijn veroveringstochten. Al het land rondom Mysore werd cloor hem veroverd en nu strekten de grenzen van zijn land zich al uit tot het gebied van de nabob van Karnatik.
Gruwelijke dingen werden van cle opstandeling verteld. De onttroonde koning mocht zijn leven wel behouden, maar zijn zonen werden verdonkeremaand. Nooit hoorde of zag men ze meer. Niemand durfde zijn bevel te overtreden, want men wist dat hij doodde clie hij wou en dat bij het minste vergrijp de doodstraf te wachten stond. Driehonderd handlangers, beulen, stonden dag en nacht gereed om de schuldigen op vreselijke wijze met zwepen te straffen. De regering van Hyder Ali was een schrikbewind.
Al deze dingen waren niet zo aanlokkelijk voor cle reizigers. Er werd niet veel gesproken. Ieder was met z'n eigen gedachten bezig.
De reis duurde lang. Na negen dagen had men de grensvesting Karur bereikt. Voordien was men enkele dorpjes gepasseerd, waar Schwartz niet kon nalaten om de inboorlingen met het evangelie bekend te maken. Meestal luisterden de mensen met grote aandacht.
Maar nu stonden ze bij de grenspost. Ze werden niet toegelaten verder te trekken. Eerst wachten tot Hyder Ali verlof zou geven.
Een bode werd naar de residentie gezonden. En nu maar afwachten tot het antwoord zou komen.
Vier weken later kwam de bode pas terug en gelukkig met een gunstig antwoord: ze mochten verder reizen.
Die vier weken had Schwartz niet nutteloos doorgebracht. Hij sprak met de mensen in die omgeving en merkte, dat de woorden van hem grote indruk maakten. Nog nooit hadden deze inboorlingen gehoord van Hem, Die de hemel en aarde gemaakt heeft en Die Zijn schepping nog onderhoudt tot nu toe.
Ze luisterden met eerbied als de zendeling sprak dat God wilde dat de mensen in Hem zouden geloven en zich aan Hem zouden onderweq^en. Ze moesten de zonden nalaten en zich tot God bekeren.
Wie zal zeggen of deze zaden gevallen zijn in de goede aarde?
Dat zal de eeuwigheid openbaren!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 juli 1963
Daniel | 8 Pagina's