JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Historische figuren uit een ongewone hoek belicht.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Historische figuren uit een ongewone hoek belicht.

4 minuten leestijd

E. van Hall-Nijhoff: „Tien Politici. Hun handschrift — hun handelingen." Met een voorwoord door Prof. Dr. P. Geyl en een en veertig facsimile's. Uitgave van Em. Querido's Uitgeverij N.V., Amsterdam, 1963. 114 en 40 bladzijs, geb. f 12.50.

Enkele jaren geleden verschenen er in de „Bijdragen voor de Geschiedenis der Nederlanden" enige studies van Mevrouw van Hall over het handschrift van een reeks historische figuren uit ons land. Deze studies trokken destijds zeer de aandacht. Het idee een deel ervan — met andere — te bundelen en uit te geven als afzonderlijke publikatie, is wel zeer gelukkig: ook hen die het genoemde tijdschrift niet geregeld lezen, zullen deze proeven boeien; het is merkwaardig werk.

Mevrouw van Hall koos destijds enkele politici waarover veel bekend is. Alleen zodoende zou er achteraf voor anderen de mogelijkheid zijn van vergelijken en van kontroleren. Van de gekozenen wist schrijfster zelf toen niets of uiterst weinig, zodat er van beïnvloeding door kennis van de feiten werkelijk geen sprake is. Zij bestudeerde bovendien van elk zoveel aan handschriften als er beschikbaar was uit de diverse levensperioden, zodat zij in staat was om de innerlijke toestand van wie zij behandelde te schetsen én de ontwikkeling van die gesteldheid. Bij de afzonderlijke publikatie heeft zij hieraan thans een korte samenvatting van de feiten uit het leven der betreffende figuren toegevoegd.

Het is genoeg bekend dat iemands handschrift veel omtrent hem kan vertellen. Met de knepen van het vak — grafologie — zijn echter maar zeer weinigen bekend. Het is zoals Professor Geyl — die deze studies destijds in de „Bijdragen" introduceerde en die ook thans een „Voorwoord" voor de bundel schreef — het zegt: wij moeten veel op goed geloof aanvaarden. Wij moeten ook vertrouwen dat de schrijfster haar personen inderdaad niet meer dan oppervlakkig kende voor zij zich verdiepte in hun handschrift. Maar waarom zouden wij haar wantrouwen? Haar werk maakt een verzorgde, degelijke indruk. Wij voelen ons door lezing van haar werk verrijkt.

Natuurlijk is het niet zo — aldus weer Geyl — dat deze studies zoiets als een revolutie in het vak van de historici betekenen. Maar toch is deze bundel meer dan maar een aardigheid. Het is, voor wie zich gaarne bezig houdt met de historie, belangwekkend, stimulerend werk. Wie thuis is in ons vaderlands verleden zal, lezend, kreten als: „O, zit dat zo!" en „zie je wel!" niet kunnen onderdrukken. Kortom, geen lees-boek kan voor de historicus meer boeiend zijn! Dit boek is dus geen lees-boek in gewone zin. Schrijfster geeft konklusies uit — soms analyses van — het handschrift van figuren zoals Thorbecke en Groen van Prinsterer en Van der Brugghen, Van Hall en Falck en Koning Willem I, Van Hogendorp, De Witt, Van Oldenbarnevelt en Willem van Oranje. De eerste stukken zijn vrij kort, de latere wat meer uitvoerig, maar alle zijn ze even boeiend, even inzicht-gevend. Een lijst „Literatuur" is toegevoegd.

Op bladzij 40 — over Koning Willem I — spreekt schrijfster over de manier waarop ze o.a. Van Hogendorp en Falck behandeld heeft, terwijl Van Hogendorp nog komen moet! Dit vindt zijn oorzaak in het feit dat schrijfster niet de volgorde waarin de stukken eerst zijn afgedrukt, behouden heeft. Deel XIII van de „Bijdragen" bevat achtereenvolgens de gegevens over Van de Spiegel — die nu weggelaten is — Van Hogendorp en Falck en Koning Willem I. De tekst werd voor de bundel blijkbaar niet meer doorgelezen. Met het gevolg dat er nu iets niet klopt! Op bladzij 54, regel 3 van onderen, wordt van Prins Frederik — de zoon van onze laatste stadhouder — gezegd dat hij in Oostenrijk gestorven is. Hij stierf echter niet in Oostenrijk, maar in Italië, zij het in Oostenrijkse dienst. Op bladzij 106, regel 8 en 7 onderaan, vertelt de schrijfster dat Prins Willem 't legertje der Calvinisten dat bij Antwerpen gekomen was, door zijn troepen liet vernietigen. Dit is onjuist. De Calvinisten zijn vernietigd door regeringstroepen; Prins Willem heeft alleen verhinderd dat men hen te hulp kwam. Het feit is algemeen bekend.

Taalkundig is er ook nog een en ander aan te merken. „Beleren", bladzij 21, regel 13, is een monsterachtig germanisme. „Gelynched", bladzij 81, regel 6, is een afschuwelijke vorm. „Bergen", bladzij 95, de 10de regel, moet wel „bergt" zijn. En wat te zeggen van „het laatste einde", bladzij 81, regel 5 van onderen? Het aantal druk-en spellingfouten is gering, de interpunktie wonderlijk: noch helemaal grammatisch, noch geheel stilistisch, onsystematisch dus.

Het boek is keurig uitgegeven: fraaie tekst op goed papier, duidelijke foto's van de handschriften — men kan ze, lezend, naast zich leggen, ze vormen een katern die los is toegevoegd — en een keurige — hoewel papieren — band. De uitgever kan trots op deze publikatie zijn!

J. Kwekkeboom.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 5 juli 1963

Daniel | 8 Pagina's

Historische figuren uit een ongewone hoek belicht.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 5 juli 1963

Daniel | 8 Pagina's