JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Strijd om een mensenziel

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Strijd om een mensenziel

5 minuten leestijd

Niet altijd krijgt een zendeling zo'n duidelijke aanwijzing waar hij moet arbeiden als de apostel Paulus, toen een macedonisch man hem in de droom verscheen. Het is zo vaak een zoeken en tasten, zoals ook Paulus kende, toen hij overal zocht te werken en de Geest het hem niet toeliet. Het is bij de zendeling bidden en werken; te doen wat cle hand vindt om te doen.

Niet ver van Trichinopoli lag Tanjour, waar zendeling Schwartz meende een geopende deur te vinden. Hij had gemerkt clat er een groot verlangen was naar het Woord van God, en toen hij de eerste maal er kwam, werd hem zelfs toegang tot het hof van rajah Tolossi verleend. Met vrijmoedigheid mocht hij daar getuigen van de Enige Naam. De rajah had gedacht dat de zendeling voorgoed zou blijven, maar Schwartz was weer vertrokken, tot grote verwondering van het opperhoofd. Het waren slechts verkenningen van Schwartz geweest.

Tot grote blijdschap van de rajah verscheen de zendeling weer na enige tijd. Weer werd hij toegelaten tot het hof en cle rajah was een en al oor; hij stelde ernstige vragen en was zeer aangedaan.

Al spoedig deden de geruchten in Tanjour de ronde, dat de rajah wel christen zou worden, en meteen werd er bij gevoegd: „Als cle rajah christen wordt, clan zal het gehele volk hem volgen."

Dat was alles erg bemoedigend voor Schwartz. Wie weet wat de Heere vóór had met de prediking! Nu zal het altijd wel zo blijven, clat satan niet stil zit als cle Heere gaat werken. De brahmanen waren woedend op Schwartz en zouden alles in 't werk stellen om cle zendeling cle toegang tot het hof te beletten. En het gelukte. Ook de helpers van de zendeling werden zeer bemoeilijkt bij hun werk.

Teleurgesteld trokken Schwartz en zijn vrienden af. Het volgende jaar zou hij weer proberen, maar een oorlog tussen rajah Tolossi en rajah Karnatik maakte de reis onmogelijk. Pas het jaar daarop verscheen cle zendeling met drie helpers in Tanjour. Er was veel te doen, want cloor het oorlogvoeren was de christengemeente verstrooid en cle orde moest weer hersteld.

Schwartz kon niet snappen dat hij de tweede dag al naar het hof mocht komen. Tevergeefs keek hij echter naar de rajah uit. Wel was diens broer er met een deel van cle hovelingen. Met zijn welsprekendheid trachtte hij het gezelschap voor Christus te winnen.

De volgende dag sprak hij de rajah apart, maar niet zo gauw was het gesprek begonnen, of een brahmaanse hofbeambte strooide roet in het eten, zodat er van een vertrouwelijk gesprek niets kwam. Dat was jammer, maar Schwartz gaf de moed niet op. Hij zou gelegenheid zoeken de rajah te spreken, want hij zou zo graag toestemming hebben tot het bouwen van een kerkgebouw.

Tot grote vreugde van Schwartz kwam die gelegenheid. De uitdrukking op het gezicht van de rajah voorspelde echter niet veel goeds. Met een biddend hart waagde de zendeling het verzoek voor een kerkgebouw te doen.

De vorst zat een hele poos maar stil vóór zich te kijken. Wat moest Schwartz hiervan denken?

Eindelijk sprak de koning: „Bemoei u nu maar alleen met de mensen clie al christenen zijn, maar laat mijn mannen met rust."

Schwartz begreep dat er van uitbreiding van cle gemeente niet veel zou komen, maar dat er wel tegenstand op handen zou zijn. De rajah stond wel heel erg onder cle invloed van cle brahmanen. Met ernst antwoordde de zendeling: „Er is maar één weg naar het leven en daarom is het zo wenselijk dat allen clie weg leren kennen."

Weer zweeg de vorst. Met medelijden zag Schwartz cle man aan. Wat was het toch moeilijk om een keuze te doen, vóór of tegen Christus! „Verlaat, o rajah, de dode goden, die geen goden zijn en bekeer u tot de levende God."

Met een diepe zucht antwoordde de vorst: „Dat is niet zo gemakkelijk als u zich wel voorstelt."

Schwartz begreep het. De brahmanen hadden de arme man in hun macht. Als cle rajah zou kiezen voor Christus, zouden de heidenen de rajah naar het leven staan. Dat was cle ene boei waardoor hij werd gebonden. De andere was zijn wellust en dronkenschap, waaraan hij zijn hart had overgegeven. Met dubbele banden was cle rajah gebonden. God alleen kon cle boeien verbreken.

De invloed van de heidense priesters wercl steeds groter. Onbeschaamder traden ze op en poogden de mond van Schwartz en zijn helpers te snoeren. En toch, ondanks die tegenwerking, wercl één van cle hoogste veldheren in het hart gegrepen. Het was Wala Sindi, clie tekenen gaf, clat het evangelie hem in het hart had geraakt. Schwartz zou afwachten wat het in de toekomst wercl. Het kon ook een morgenwolk zijn. In elk geval zou hij Tan jour voor een tijdje verlaten.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 april 1963

Daniel | 8 Pagina's

Strijd om een mensenziel

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 april 1963

Daniel | 8 Pagina's