Blikken in Bunyan's pelgrimsreis
8
Nu Christen aan de Enge Poort gekomen is wordt een nieuwe toestand ingeluid. Immers, tot nu toe was hij slechts een zoeker naar vrede, naar de Vredevorst geweest, maar hij had Christus nog niet gevonden. Volgens Jezus' eigen woorden is de poort eng en de weg nauw, die tot het Leven leidt. En Paulus zegt: „Zo iemand in Christus is, die is een nieuw schepsel; het oude is voorbijgegaan, ziet het is alles nieuw geworden." En de Heere Jezus spreekt tot Nicodemus: „Gij moet wederom, of gelijk het ook vertaald kan worden, gij moet van Boven geboren worden!"
Natuurlijk, dat gevoelt ieder, deze Poort is niet anders dan Christus, gelijk het ook Christus' eigen woord is, dat er boven staat. En de Portier is niemand anders dan Hijzelf. Hij is het één en al in het leven van de Christen. De Poort is eng. De hoogmoedige zal er nooit doorheen komen. Wie er door gaat heeft leren bukken!
Op Christens herhaald kloppen aan de Enge Poort vraagt een ernstig man, Welbehagen genaamd, wie er is en wat hij wenst. Na zijn oprechte belijdenis een arm, beladen zondaar te zijn, trekt de Portier hem met een ruk naar binnen, omdat de duivel Beëlzebul vanuit zijn sterk kasteel zijn vurige pijlen afschiet op degenen, die bij de Enge Poort aankloppen.
Wij moeten wel steeds bedenken, mijne vrienden, dat al deze taferelen niet in dogmatische volgorde door Bunyan worden opgesomd en dat hij geen aaneengesloten systeem geeft, maar slechts blikken in de openbaring, momenten uit de geschiedenis van een tot leven komend zondaar. In dit gulden boekske vindt de één hier en de ander daar zijn meer bijzondere ervaringen terug. De Heere heeft immers duizenderlei wegen om Zijn kinderen naar Sion te brengen! De bekering is nooit en nergens iets anders dan de omkering op de weg des doods. Plet is de bekering tot de Vorst des Levens van de zondaar, die met boete en berouw tot God wederkeert.
Welbehagen wijst de bevende man, die vóór hem staat, aanstonds op dat heerlijke woord, dat reeds zo menig moede worstelaar heeft verkwikt: „Die tot Mij komt zal Ik geenszins uitwerpen!" Christen is dus de Enge Poort doorgegaan en nu moet de grote tocht worden voortgezet, want:
Daar moet veel strijds gestreden zijn; Veel hruys en leeds geleden zijn; Daar moeten heyl'ge zeden zijn; Een nauwen weg betreden zijn, En veel gebeds gebeden zijn, Zolang wij hier beneden zijn, Zo zal 't hierna in vrede zijn! Dirk Rz. Camphuysen, 1586-1627)
Vervolgens wordt onze aandacht bepaald bij het Huis van Uitlegger, waar Christen de leiding des Geestes begeert. Geen pelgrim op weg naar Sion kan het licht van de Heilige Geest ontberen. Uitlegger beveelt zijn knecht een kaars aan te steken, om elke christenpelgrim eraan te herinneren, dat Woord en Geest altijd tezamen gaan. Zo toont hij aan Christen de wondere taferelen uit zijn paleis. Het zou te ver voeren uitvoerig stil te staan bij alles, wat Christen aanschouwt, maar toch kunnen we dit niet stilzwijgend voorbijgaan. Een enkele aantekening dus hier en daar!
Allereerst wordt hem het portret getoond van de Dienaar des Woords: Een ernstig man, eerbiedig, een vriend van zijn Bijbel, afkerig van dwaalleer, een minnaar van de Waarheid, ongevoelig voor eer of voordeel van de wereld, begerig zielen te winnen, geen andere kroon dan de hemelse wachtend — en dat alles als leraar van de Una Sancta, de éne, heilige, algemene kerk van Christus.
Daarop brengt Uitlegger hem in een stoffige kamer, waarin Wet en Evangelie worden uitgebeeld. Wat die sterke, harde man, met zijn bezem slechts verergeren kan, wordt door dat meisje met haar zachte vingers verbeterd en verhelderd.
Dan komt Christen in de kinderkamer van Passie en Patiënte, of wilt ge, van Hartstocht en Geduld. Hun Vader heeft hun beiden een gelofte gedaan. Passie wil terstond de vervulling daarvan zien en bezitten. Patiënte daarentegen heeft aan 's Vaders woord genoeg en kan en wil wachten. Hartstocht zoekt zijn geluk in deze wereld, maar Geduld verwacht een eeuwige schat, want de dingen, die men ziet zijn tijdelijk, maar de dingen, die men niet ziet, zijn eeuwig. Genade alleen leert geduldig wachten op de belofte!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 april 1963
Daniel | 8 Pagina's